Terug
Gepubliceerd op 27/04/2021

2021_MV_00196 - Mondelinge vraag van raadslid Anne Schiettekatte: kunstwerken in bewaring bij het MSK

commissie vrije tijd, publiekszaken en pensioenen (VPP)
ma 12/04/2021 - 19:00 Digitale zitting
Datum beslissing: ma 12/04/2021 - 20:33
Behandeld

Samenstelling

Aanwezig

Gabi De Boever; Mehmet Sadik Karanfil; Stephanie D'Hose; Jef Van Pee; Anne Schiettekatte; Mieke Bouve; Cengiz Cetinkaya; Evita Willaert; Yüksel Kalaz; Bert Misplon; Joris Vandenbroucke; Manuel Mugica Gonzalez; Hafsa El -Bazioui; Ronny Rysermans; Sofie Bracke; Sami Souguir; Patricia De Beule; Els Roegiers; Zeneb Bensafia; Emmanuelle Mussche

Afwezig

Johan Deckmyn; Karin Temmerman; Elke Sleurs; Sven Taeldeman; Sandra Van Renterghem; Sara Matthieu; Adeline Blancquaert; Tom De Meester; Stijn De Roo; Anita De Winter; Yeliz Güner; Sonja Welvaert; Fourat Ben Chikha; Nicolas Vanden Eynden; Annelies Storms; Christiaan Van Bignoot; Carl De Decker; Tine De Moor; Mattias De Vuyst; Alana Herman; Caroline Persyn; Karla Persyn; Gert Robert; Anneleen Van Bossuyt; Veli Yüksel; Tom Van Dyck; Bart De Muynck; Anneleen Schelstraete; André Rubbens; Bart Tembuyser; Jeroen Paeleman

Secretaris

Emmanuelle Mussche
2021_MV_00196 - Mondelinge vraag van raadslid Anne Schiettekatte: kunstwerken in bewaring bij het MSK 2021_MV_00196 - Mondelinge vraag van raadslid Anne Schiettekatte: kunstwerken in bewaring bij het MSK

Motivering

Toelichting/Motivering/Aanleiding

Mijnheer de Schepen,

 

Reeds van in februari 2014 stel ik vragen over de kunstwerken die in bewaring zijn bij het MSK sedert WOII. Er zijn twee dossiers, waarvan een dossier – mede dankzij de inzet van uw voorganger, schepen Storms - opgelost werd in 2017.

Dit dossier ging over de twee kunstwerken van Frits Van Den Berghe, die in 2017 , na welgeteld 77 jaar in bewaring te zijn bij het museum, teruggekeerd zijn bij de erfgenamen van Emile Henri David, een Joods verzetsman. 

 

Het andere dossier gaat over vier kunstwerken die na de Tweede Wereldoorlog gerecupereerd werden uit Duitsland door de Belgische staat: ‘De Kruisdraging’ van de Monogrammist DR, ‘Landschap met boerderij’ van Pieter De Bloot, ‘Sint-Joriskermis’ van Gilles Mostaert en de ‘Dorpsadvocaat’ van Pieter Breughel de jonge. Deze werken zijn nog steeds bij het MSK in bewaring.

 

Drie van de vier kunstwerken kregen – na afsluiten van het onderzoek door de Commissie Buysse – de vermelding ‘sluitende herkomst’, wat betekent dat er geen aanleiding of indicatie werd gevonden om de kunstwerken als ‘roofkunst’ (geroofd & gestolen) te beschouwen.

 

Het vierde kunstwerk, de Dorpsadvocaat van Pieter Breughel de jonge, kreeg deze vermelding niet. Meer nog, er werd door de Commissie Buysse aanbevolen om verder onderzoek te doen.  Zij stelden immers in hun eindrapport dat de herkomst van het kunstwerk niet sluitend is, en mogelijks in aanmerking kan komen voor restitutie aan een eventueel rechtmatige eigenaar.  Tevens werd door  voormalig minister Peeters gesteld dat het volgende onderzoek zou gevoerd worden naar dit schilderij van Brueghel.

Indiener(s)

Anne Schiettekatte

Gericht aan

Sami Souguir

Tijdstip van indienen

vr 26/03/2021 - 11:12

Toelichting

Vragen:

  • Heeft u kennis dat er ondertussen een onderzoek werd opgestart, dat waarschijnlijk zal gevoerd worden door de cel recuperatie geroofde goederen van de FOD Economie?
  • Indien zo, kan u een stand van zaken opgeven?

Bespreking

Antwoord

De Studiecommissie Buysse heeft inderdaad in juli 2001 in haar publicatie De bevindingen over de bezittingen van de slachtoffers van de Jodenvervolging in België het schilderij ‘’De dorpsadvocaat’ van Pieter Brueghel de Jonge vermeld als “van ongekende afkomst”. 

De ‘Cel recuperatie geroofde goederen tijdens de Tweede Wereldoorlog in België’ van de FOD Economie heeft op vraag van haar voormalige voogdijminister Kris Peeters onderzoek gevoerd naar de herkomst van dit kunstwerk.

Ik ga in op de resultaten van dit archivalisch onderzoek. 

De cel stelde uit onderzoek in de naoorlogse archieven van de ‘Dienst Economische Recuperatie’ vast dat het schilderij onder de nazibezetting van België op 12 mei 1941 openbaar werd verkocht in de veilingzaal van het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel – het is vooralsnog onduidelijk aan wie dat zou zijn verkocht. Volgens dezelfde archiefbron kwam het schilderij in 1942 in bezit van het Kunsthaus Malmedé in Keulen.

Kort na de Tweede Wereldoorlog werd het schilderij door de geallieerden teruggevonden en voorlopig ondergebracht in de waterburcht Schloss Dyck te Jüchen in de deelstaat Nordrein-Westfalen. Aansluitend werd het schilderij door de geallieerden overgemaakt aan de Belgische instanties, waarna het ondergebracht werd in het MSK.  

 

Een bijkomend archivalisch onderzoek leert ons dat in 1945 door de Stichting Nederlands Kunstbezit in Nederland een gelijkaardig onderzoek gestart werd naar de herkomst van vermoedelijk hetzelfde schilderij. Uit dit onderzoek, dat dateert van 14 november 1945, blijkt dat het schilderij verkocht werd op 1 januari 1938 door de Amsterdamse kunsthandelaar Jan Dik aan het Kunsthaus Malmedé in Keulen voor de som van 15.000 gulden. Uit onderzoek blijkt aansluitend dat de Stichting op een bepaald moment het onderzoek naar het schilderij heeft stopgezet en intern geschrapt, omdat volgens de Stichting het kunstwerk uit oorspronkelijk Belgisch bezit kwam.

De tegenstrijdigheid tussen enerzijds de Belgische archiefbronnen – die aangeven dat Kunsthaus Malmedé het schilderij in 1942 verwierf – en anderzijds de Nederlandse archiefbronnen – die aangeven dat Kunsthaus Malmedé het schilderij op 1 januari 1938 verwierf –, kan voorlopig niet verklaard worden.

Er is tot nog toe ook geen antwoord gevonden op de vraag wie het schilderij in mei 1941 in de veilingzaal van het Paleis voor Schone Kunsten verkocht, van wie het, met andere woorden, op dat ogenblik afkomstig was.

Tot nog toe zijn de herkomstgegevens dus niet sluitend. De aanduiding op het intern aangifteformulier van de voormalige Dienst Economische Recuperatie dat het kunstwerk afkomstig zou zijn van een “Belgisch verzamelaar” blijft te vaag en kan voorlopig niet verder verduidelijkt worden. 

Er bestaat ook onduidelijkheid over de datum van verwerving door het Kunsthaus Malmedé.

Tot nog toe zijn er ook geen precieze aanwijzingen terug te vinden die het in hoge mate waarschijnlijk maken dat er sprake kan geweest zijn van verkoop onder dwang, diefstal of confiscatie.

Het onderzoek naar de herkomst van De dorpsadvocaat van Pieter Brueghel de Jonge, dat tot vandaag bewaard wordt in het MSK, blijft dus voorlopig open. De tot nog toe gekende archiefbronnen zijn ontoereikend om uitsluitsel te geven.

Men weet ook niet aan wie het verkocht werd in 1941. 

Het werk blijft, zolang het onderzoek blijft verderlopen, in bewaring in het depot van het MSK.

di 13/04/2021 - 13:47