Terug
Gepubliceerd op 22/12/2021

2021_GR_00502 - Codex politiereglementen Stad Gent gesanctioneerd met een gemeentelijke administratieve sanctie - Politiereglement op de privatieve ingebruikneming van de openbare weg - Wijziging

gemeenteraad
ma 20/12/2021 - 19:01 Digitale zitting
Datum beslissing: ma 20/12/2021 - 23:07
Goedgekeurd
Dit besluit handelt over een Politiereglement.

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Mathias De Clercq

Aanwezig

Zeneb Bensafia, voorzitter; Mathias De Clercq, burgemeester; Filip Watteeuw, schepen; Sofie Bracke, schepen; Elke Decruynaere, schepen; Astrid De Bruycker, schepen; Sami Souguir, schepen; Tine Heyse, schepen; Isabelle Heyndrickx; Annelies Storms, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Rudy Coddens, schepen; Christophe Peeters, ondervoorzitter; Johan Deckmyn; Karin Temmerman; Gabi De Boever; Anne Schiettekatte; Stephanie D'Hose; Veli Yüksel; Sven Taeldeman, schepen; Jef Van Pee; Mehmet Sadik Karanfil; Gert Robert; Carl De Decker; Mieke Bouve; Cengiz Cetinkaya; Karla Persyn; Anneleen Van Bossuyt; Hafsa El -Bazioui; Bert Misplon; Tine De Moor; Fourat Ben Chikha; Anita De Winter; Joris Vandenbroucke; Manuel Mugica Gonzalez; Yeliz Güner; Patricia De Beule; Mattias De Vuyst; Yüksel Kalaz; Stijn De Roo; Sonja Welvaert; Christiaan Van Bignoot; Adeline Blancquaert; Caroline Persyn; Ronny Rysermans; Nicolas Vanden Eynden; Alana Herman; Els Roegiers; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur; Luc Kupers, adjunct-algemeendirecteur

Afwezig

Sara Matthieu; Sandra Van Renterghem; Karlijn Deene; Evita Willaert; Tom De Meester

Secretaris

Luc Kupers, adjunct-algemeendirecteur

Voorzitter

Zeneb Bensafia, voorzitter

Stemming op het agendapunt

2021_GR_00502 - Codex politiereglementen Stad Gent gesanctioneerd met een gemeentelijke administratieve sanctie - Politiereglement op de privatieve ingebruikneming van de openbare weg - Wijziging

Aanwezig

Zeneb Bensafia, Mathias De Clercq, Filip Watteeuw, Sofie Bracke, Elke Decruynaere, Astrid De Bruycker, Sami Souguir, Tine Heyse, Isabelle Heyndrickx, Annelies Storms, Bram Van Braeckevelt, Rudy Coddens, Christophe Peeters, Johan Deckmyn, Karin Temmerman, Gabi De Boever, Anne Schiettekatte, Stephanie D'Hose, Veli Yüksel, Sven Taeldeman, Jef Van Pee, Mehmet Sadik Karanfil, Gert Robert, Carl De Decker, Mieke Bouve, Cengiz Cetinkaya, Karla Persyn, Anneleen Van Bossuyt, Hafsa El -Bazioui, Bert Misplon, Tine De Moor, Fourat Ben Chikha, Anita De Winter, Joris Vandenbroucke, Manuel Mugica Gonzalez, Yeliz Güner, Patricia De Beule, Mattias De Vuyst, Yüksel Kalaz, Stijn De Roo, Sonja Welvaert, Christiaan Van Bignoot, Adeline Blancquaert, Caroline Persyn, Ronny Rysermans, Nicolas Vanden Eynden, Alana Herman, Els Roegiers, Mieke Hullebroeck, Danny Van Campenhout, Luc Kupers
Stemmen voor 48
Christophe Peeters, Johan Deckmyn, Gabi De Boever, Sami Souguir, Tine Heyse, Filip Watteeuw, Annelies Storms, Elke Decruynaere, Karin Temmerman, Mathias De Clercq, Sofie Bracke, Bram Van Braeckevelt, Rudy Coddens, Sven Taeldeman, Mehmet Sadik Karanfil, Stephanie D'Hose, Jef Van Pee, Gert Robert, Veli Yüksel, Anne Schiettekatte, Astrid De Bruycker, Mieke Bouve, Cengiz Cetinkaya, Carl De Decker, Nicolas Vanden Eynden, Karla Persyn, Els Roegiers, Ronny Rysermans, Adeline Blancquaert, Patricia De Beule, Stijn De Roo, Mattias De Vuyst, Anita De Winter, Yeliz Güner, Yüksel Kalaz, Bert Misplon, Caroline Persyn, Christiaan Van Bignoot, Anneleen Van Bossuyt, Joris Vandenbroucke, Sonja Welvaert, Manuel Mugica Gonzalez, Tine De Moor, Alana Herman, Hafsa El -Bazioui, Fourat Ben Chikha, Isabelle Heyndrickx, Zeneb Bensafia
Stemmen tegen 0
Onthoudingen 0
Blanco stemmen 0
Ongeldige stemmen 0
2021_GR_00502 - Codex politiereglementen Stad Gent gesanctioneerd met een gemeentelijke administratieve sanctie - Politiereglement op de privatieve ingebruikneming van de openbare weg - Wijziging 2021_GR_00502 - Codex politiereglementen Stad Gent gesanctioneerd met een gemeentelijke administratieve sanctie - Politiereglement op de privatieve ingebruikneming van de openbare weg - Wijziging

Motivering

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

De Nieuwe Gemeentewet, artikel 135, § 2;

De Wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties.


 

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

De Nieuwe Gemeentewet, artikel 119.

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

Bij gemeenteraadsbesluit d.d. 20 februari 2017 werden alle geldende politiereglementen samengevoegd in één codex, zijnde de Codex politiereglementen Stad Gent gesanctioneerd met een gemeentelijke administratieve sanctie.

Het politiereglement op de privatieve ingebruikneming van de openbare weg, deel uitmakend van voormelde Codex, dient op verscheidene punten te worden bijgewerkt en aangepast.

Het huidige politiereglement op de privatieve ingebruikneming van de openbare weg werd goedgekeurd in de gemeenteraad van 19 maart 1990 en laatst gewijzigd op 20 februari 2017.

Dit politiereglement vormt de basis voor de vergunningsplicht om de openbare weg (of ander openbaar domein waarvoor de Stad Gent bevoegd is) op privatieve wijze in gebruik te nemen. Dit geldt ook voor voorwerpen of constructies aan gevels, die uitspringen boven de openbare weg.

Naargelang de aard van de inname, kan de vergunningsplicht nader uitgewerkt zijn in andere Gentse reglementering zoals het reglement op de inname van het openbaar domein door terrassen, het politiereglement betreffende de uitvoering van werken en het reglement over nuts- en infrastructuurwerken in Gent. Ook voor evenementen, ambulante handel, … op openbaar domein gelden specifieke regels en procedures

Vergunningsmatig is er een belangrijk onderscheid te maken naargelang innames van de openbare weg of het openbaar domein volgens de stedenbouwkundige voorschriften al dan niet vrijgesteld zijn van omgevingsvergunning (OMV). Is de inname vrijgesteld van OMV (cf. Vrijstellingsbesluit van de Vlaamse Regering), dan wordt de aanvraag behandeld door de afdeling Innames Publieke Ruimte (IPR) van de dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen of de dienst Feesten en Ambulante Handel. Is de inname OMV-plichtig, dan verloopt de procedure via het omgevingsloket bij de dienst Stedenbouw en Ruimtelijke Planning (DSRP). In het laatste geval is er in principe een bijkomende vergunning vereist om de openbare weg of het openbaar domein in te nemen. Indien juridisch en procedureel mogelijk, wordt dit meegenomen in het besluit over de OMV.

Verder moet men in voorkomend geval ook rekening houden met andere voorschriften en procedures, zoals de toelating van het Agentschap Onroerend Erfgoed voor werken aan beschermde monumenten (desgevallend onderdeel van de OMV-procedure) en de meldingsplicht voor werken in een beschermd stadsgezicht (via de dienst Stadsarcheologie en Monumentenzorg, DSAM).

Voor de burger is dit vaak een moeilijk te doorgronden kluwen. De betrokken stadsdiensten, in deze context vnl. DWBW/IPR, DSRP en DSAM, werken daarom nauw samen om de interne vergunnings- en adviesprocessen zo goed mogelijk op elkaar af te stemmen en regels/procedures te vereenvoudigen.

Een concrete werkpiste is die van de zgn. ‘gevelelementen’. Het betreft gebouwonderdelen of constructies aan gevels, al dan niet gemakkelijk verwijderbaar, die voorbij de rooilijn komen en dus uitspringen boven de openbare weg c.q. openbaar domein (uithangborden, regenwaterafvoerpijpen, brievenbussen, gevelbanken, … ). In de praktijk is er op dit gebied een grote grijze zone en worden tal van onvergunde uitsprongen gedoogd zolang ze geen obstakel vormen, de veiligheid niet in het gedrang brengen en de ruimtelijke kwaliteit niet verstoren. In zoverre het om zaken gaat die geen OMV vereisen, is het dus zeker mogelijk om de vergunningsplicht onder het politiereglement te verfijnen en bepaalde innames door gevelelementen expliciet vrij te stellen van een innamevergunning.

DWBW/IPR, DSRP, DSAM, Projectbureau Ruimte (Lichtambtenaar) en de Juridische Dienst hebben daarom een nieuw vrijstellingsregime uitgewerkt, dat ook afgestemd is met diverse andere diensten (Mobiliteitsbedrijf, Toegankelijkheidambtenaar, Groendienst, Milieu en Klimaat, Feesten en Ambulante Handel, Economie).

Naast de vrijstellingsregeling voor gevelelementen (voor alle duidelijkheid opnieuw: buiten de OMV-plicht), wordt voorgesteld om het politiereglement ook op enkele andere punten te verbeteren.

Het is aangewezen de hierna opgesomde aanpassingen ter goedkeuring aan de gemeenteraad voor te leggen.

Waarom wordt deze beslissing genomen?

Volgende wijzigingen dienen bijgevolg te worden doorgevoerd:

In de titel wordt de term 'privatieve inname' ingevoerd en wordt de term 'openbaar domein' toegevoegd. De term ‘privatieve inname’ sluit beter aan bij de ambtelijke praktijk en wordt nader gedefinieerd onder artikel 1. De toevoeging ‘en openbaar domein’ maakt het politiereglement meer sluitend, omdat de vergunningsplicht niet enkel van toepassing is op de openbare weg maar op alle openbaar domein van of in beheer van de Stad Gent (bvb. publieke groenzones).  

Het oude artikel 1 wordt vervangen door een nieuw, drieledig artikel:

Artikel 1,§1 behandelt de vergunningsplicht m.b.t. privatieve innames van de openbare weg en het openbaar domein van de Stad Gent (dus ook bvb. groenzones) en verwijst naar de meer uitgebreide vrijstellingsregeling onder het nieuwe artikel 1bis. Merk op dat het politiereglement niet van toepassing is op openbare plaatsen met een andere domeinbeheerder dan de Stad Gent (bvb. FARYS of de Vlaamse Waterweg). In de vergunningspraktijk worden de nodige afspraken gemaakt tussen de bevoegde diensten en instanties.

Artikel 1,§2 verduidelijkt het begrip ‘privatieve inname’. Het betreft elke inrichting, constructie of activiteit op of over de openbare weg, afwijkend van hetzij het normale gemeenschappelijke gebruik van de openbare weg of het openbaar domein, hetzij of het beheer en de inrichting daarvan door de bevoegde overheid zelf.

De vergunningsplicht geldt dus enkel voor innames die verder gaan dan het benutten van de gebruikelijke functies van het openbaar domein (denk hierbij bvb. ook sport en spel in een park zonder exclusieve toe-eigening) en die niet uitgaan van de Stad zelf. Het aspect ‘privatief’ betekent niet dat de vergunningplicht beperkt is tot innames voor privé- of bedrijfsdoeleinden, maar duidt vooral op de hoedanigheid van de initiatiefnemer. Als buurtbewoners samen een picknickbank op een parkeerplaats willen zetten, dan moeten zij hiervoor eerst een vergunning aanvragen. Als de Stad zelf een bank op een openbare plaats zet, dan valt dit onder de eigen beheersbevoegdheid.

Gaat het over innames door andere overheden of instanties op openbaar domein van de Stad Gent, bvb. afvalkorven van IVAGO of brievenbussen van BPOST, dan moet hiervoor in principe ook steeds een vergunning aangevraagd worden.

De derde paragraaf van het nieuwe artikel 1 verduidelijkt tot slot dat er ook meer specifieke regels (bvb. voor evenementen, horecaterrassen en bouwwerven) of andere voorschriften en procedures kunnen gelden (bvb. stedenbouw- en erfgoedkundig).

Artikel 1bis wordt toegevoegd.

Artikel 1bis, §1: In het kader van administratieve vereenvoudiging en eenduidige besluitvorming, streven de bevoegde diensten (DWBW/IPR en DSRP) ernaar om te vermijden dat men voor OMV-plichtige innames van de openbare weg of het openbaar domein een dubbele procedure moet volgen. Als de toelating om de openbare weg in te nemen uitdrukkelijk geregeld wordt in het besluit over de OMV, dan hoeft men voor dezelfde inname geen aanvraag via IPR te doen.

Indien juridisch, administratief en beleidsmatig haalbaar, wordt dit doorgetrokken naar andere besluitvorming rond bvb. de subsidiëring van bepaalde projecten op het openbaar domein.

De aanvrager kan uit deze bepaling weliswaar geen rechten putten. Als het besluit over een OMV, subsidie, … geen uitdrukkelijke toelating cf. onderhavig politiereglement bevat, dan zal hij/zij hiervoor alsnog de nodige aanvraag moeten indienen.

Artikel 1bis, §2: Het nieuwe artikel 1bis, §2 lijst de niet-OMV-plichtige gevelelementen op die nu ook vrijgesteld worden van vergunning voor de inname van de openbare weg. De hieraan verbonden voorwaarden zijn strikt te interpreteren: zijn ze niet (volledig) vervuld, dan moet men de inname aanvragen bij IPR en worden de vergunningsmogelijkheden op maat bekeken:

- straatgeveltuinen en groenslingers: er is een specifiek reglementaire kader in Gent voor straat(gevel)tuinen en groenslingers. Innames die hiermee conform zijn, zijn vrijgesteld van vergunning onder dit politiereglement;

- Inrichtingen, constructies of activiteiten die een omgevingsvergunning vereisen en waarvoor de toelating om de openbare weg of het openbaar domein in te nemen uitdrukkelijk geregeld wordt in de beslissing van de bevoegde overheid over deze vergunning: deze vrijstelling sluit aan bij de bepaling van artikel 1,§1 (zie hoger)

-  Gebouwonderdelen, gevelelementen of -bekleding die geen omgevingsvergunning vereisen, geen publicitair karakter hebben, geen interne of externe lichtbron bevatten en waarvan de uitsprong voorbij de rooilijn max. 10 cm bedraagt: deze vrijstelling houdt een regularisering in van de meeste particuliere brievenbussen aan gevels en diverse andere kleine uitsprongen die vandaag reeds gedoogd worden, en zorgt dus op grote schaal voor meer duidelijkheid en rechtszekerheid. Voor bepaalde kleine uitsprongen gelden specifieke voorwaarden (zie verder i.v.m. gevelborden- en belettering, regenwaterafvoerpijpen, gevelversiering, … ). Merk op dat de vrijstelling voor uitsprongen tot 10cm geen vrijgeleide is voor hinderlijke situaties, bvb. een muurring om fietsen met een slot vast te maken tegen de gevel, waardoor de doorgang op het trottoir belemmerd wordt. Zoals hoger aangegeven, moet men in voorkomend geval wel rekening blijven houden met de toelatingsplicht bij beschermde monumenten en de meldingsplicht in beschermde stadsgezichten. OMV-plichtige werken, bvb. het plaatsen van voorgevelisolatie of andere gevelbekleding (crepi, steenstrips, … vallen opnieuw buiten het bestek van de vrijstellingsregeling in het politiereglement.

- Gevelborden en -belettering met zaakgebonden publiciteit die geen omgevingsvergunning vereisen, zonder interne of externe lichtbron, onder bepaalde voorwaarden: de bevestiging van publiciteit aan gevels is OMV-plichtig, behalve in het geval van niet-lichtgevende zaakgebonden publiciteit (reclame en naamvoering met betrekking tot de eigen zaak die uitgebaat wordt op het perceel), met een totale oppervlakte van maximaal 4 vierkante meter (cf. artikel 9 Vrijstellingsbesluit Vlaamse Regering). De uitsprong boven de openbare weg valt dan wel nog steeds onder het Gentse politiereglement (vergunning via IPR). De nieuwe vrijstellingsregeling niet OMV-plichtige gevelborden en -belettering (ook banners e.a. vergelijkbare zaken) in het politiereglement is een belangrijke vereenvoudiging voor bedrijven, handel en horeca, vrije beroepen, … met niet-verlichte, zaakgebonden publiciteit aan de gevel. De voorwaarde ‘niet-verlicht’ betekent ook dat de vrijstelling niet geldt bij indirecte verlichting met gevelspots e.d. Deze zaken moeten nog steeds op maat bekeken en vergund worden, rekening houdend ook met het Lichtplan van de Stad Gent. Uiteraard mogen gevelborden e.d. geen obstakel vormen of de veiligheid op de openbare weg in het gedrang brengen. Het uitgangspunt van de vrijstelling is daarom een uitsprong van max. 10 cm onder de hoogte van 3m en max. 60cm op 3m of hoger. Gezien de potentiële impact op de ruimtelijke kwaliteit, zijn aan de vrijstelling ook een reeks andere voorwaarden verbonden cf. advies van DSRP en DSAM. Gevelborden en -belettering die buiten deze normen vallen zijn daarom niet volledig uitgesloten maar worden op maat bekeken binnen de reguliere vergunnings- en adviesprocedures.

- Regenwaterafvoerpijpen, onder bepaalde voorwaarden: de Stad Gent blijkt zowat de enige Vlaamse centrumstad met een afzonderlijke vergunningsplicht voor regenwaterafvoerpijpen (RWA) als inname van de openbare weg. De Gentse burger moet deze procedure volgen vooraleer FARYS over kan gaan tot de nodige aansluiting. In de praktijk is dit vergunningsproces volledig gestandaardiseerd, met ook een delegatie van de handtekeningsbevoegdheid naar het afdelingshoofd van IPR. Het is in feite een formaliteit die vervangen kan worden door een vrijstelling onder dezelfde (standaard)voorwaarden De formulering van het nieuwe artikel 1,§2,5) houdt ook rekening met de mogelijke ontwikkeling van andere kaders rond regenwaterafvoer in Gent.

- Gevelbanken voor particulier gebruik, onder bepaalde voorwaarden: zitbanken op het openbaar domein die geen onderdeel uitmaken van het straatmeubilair, geplaatst door de Stad zelf, vereisen altijd een IPR-vergunning (of OMV indien van toepassing). In de praktijk wordt het occasioneel buiten plaatsen van een stoel of bank door particuliere burgers gedoogd, voor zover dit geen disproportionele hinder oplevert. Het is alleszins niet de bedoeling om aan dergelijke occasionele en vaak spontane ‘innames’ een vergunningsprocedure te koppelen. Wel is het nodig om meer duidelijkheid te scheppen over een model van gevelbank dat de laatste jaren sterk in opmars is, met vaste (inklapbare) hengsels in de gevel en een wegneembare zitplank. Gevelbanken kunnen een gunstig effect hebben op de sociale cohesie en hebben voor bewoners vooral een meerwaarde in buurten met kleinere woningen, zonder of met beperkte buitenruimte. Helaas zijn daar vaak ook smallere voetpaden. Als de gevelbank gebruikt wordt, zal er in de praktijk meestal geen doorgang van 1,50m of zelfs 1,20m zijn. Anderzijds kan men zo nodig gemakkelijk plaats ruimen voor passanten. Daarom is het aangewezen om de obstakelvrije doorgang voor gevelbanken bij particulieren met enige soepelheid te hanteren. Wegneembare gevelbanken worden vandaag reeds gedoogd bij particulieren, als het effectief om een eenvoudig (de)monteerbare installatie gaat, waarbij de zitplank na elk gebruik verwijderd wordt, de hengsels ingeklapt worden en er geen gevaar of hinder voor passanten is. Dit wordt nu bestendigd in een duidelijke vrijstellingsregeling. De vrijstelling geldt niet voor gevelbanken bij handels- en horecazaken, aangezien het dan om innames voor commerciële doeleinden gaat en de facto vaak terrassen (zelfs al is een terras volgens het huidige reglement minstens 0,70m diep). Innames bij handelszaken zijn hoe dan ook belastingplichtig, net als terrassen. De vergunningsplicht moet voor alle innames bij handel en horeca behouden blijven, met ook een strikte toepassing van de obstakelvrije doorgang.

- Tijdelijke immoborden aan gevels, onder bepaalde voorwaarden: ook voor tijdelijke makelaarsborden (te koop / te huur) heeft het weinig zin om vast te houden aan een ‘theoretische’ vergunningsplicht. In de praktijk gaat het meestal om V-borden die geen obstakel vormen. Ze kunnen vrijgesteld worden van IPR-vergunning, op voorwaarde dat ze hoger hangen dan 3 meter en maximaal 60cm uitspringen.

- Tijdelijke gevelversiering, onder bepaalde voorwaarden: heel wat burgers versieren hun voorgevel traditioneel naar aanleiding van bepaalde feesten of gebeurtenissen: Halloween, eindejaar, geboorte, huwelijk, … . Als dit beperkt blijft tot tijdelijke, niet-publicitaire decoratie die geen obstakel vormt en de veiligheid niet in het gedrang brengt, kan dit omgezet worden naar een duidelijke vrijstelling. Verlichte decoratie ligt om redenen van veiligheid en ruimtelijke kwaliteit (ook in relatie tot het Gentse Lichtplan) wat moeilijker en valt daarom buiten de vrijstellingsregeling. Het aanbrengen van straatversiering door derden, in opdracht van de Stad (bvb. eindejaarverlichting via PUUR Gent), wordt vergunningsmatig met IPR geregeld.

De aanpassing van artikels 2 en 3 is vnl. van formeel-juridische aard: in de nieuwe tekst van artikel 3 is de maatregel van de verwijdering op kosten en risico van de overtreder niet als automatisch gevolg (‘zullen’) maar als mogelijkheid (‘kan’) geformuleerd, en is ook het scenario toegevoegd waarin de overtreder niet identificeerbaar is. De procedure is altijd op redelijke maat van de situatie toe te passen, rekening houdend ook met de beginselen van behoorlijk bestuur. Voor bepaalde innames (bvb. terrassen) gelden specifieke regels. In voorkomend geval zijn ook de bepalingen van artikel 3.58 – 3.60 van boek 3 (Goederen) van het Nieuw Burgerlijk Wetboek over gevonden en niet-opgehaalde zaken van toepassing.

Ook de aanpassing van artikel 4 is vnl. van formeel-juridische aard: door de toevoeging van ‘of ander voor ontvangst bevestigd bericht’ wordt de regeling beter op maat gesteld van de praktijk. Uiteraard gelden ook hier opnieuw de beginselen van behoorlijk bestuur.

Het oude artikel 5 heeft juridisch eigenlijk geen toegevoegde waarde t.o.v. artikel 3. De GAS-bepaling van het oude artikel 6 verschuift daarom naar het nieuwe artikel 5.

Deze wijzigingen treden in werking op 1 januari 2022.

Voormelde wijzigingen werden voorgelegd aan de Jeugdraad conform artikel 4 § 5 van de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties. De Jeugdraad gaf aan pro forma positief advies te verlenen in deze aangezien de voorgestelde wijzigingen geen specifieke impact hebben op minderjarigen.

 

Adviezen

Jeugdraad Gunstig advies

Het advies wordt gevolgd.


Activiteit

AC34561 Ondersteuning, advisering en handhaving met betrekking tot juridische en gerechtelijke dossiers

Besluit

De gemeenteraad beslist:

Artikel 1

Wijzigt de titel van het Politiereglement op de privatieve ingebruikneming als volgt:

Politiereglement op de privatieve inname van de openbare weg of het openbaar domein

Artikel 2

Keurt goed de toevoeging van een nieuw artikel 1bis in het Politiereglement op de privatieve inname van de openbare weg of het openbaar domein:

§1. Een afzonderlijke vergunning voor de privatieve inname van de openbare weg of het openbaar domein is niet vereist wanneer de toelating op basis van onderhavig reglement reeds uitdrukkelijk opgenomen is in een ander besluit van de bevoegde overheid, zoals de omgevingsvergunning.

§2. Zijn vrijgesteld van de vergunningsplicht onder dit reglement, onverminderd de eventuele toepassing van specifieke regels zoals bedoeld de laatste paragraaf van artikel 1:

  1. Straat(gevel)tuinen en groenslingers, overeenkomstig de stedelijke reglementering;
  2. Inrichtingen, constructies of activiteiten die een omgevingsvergunning vereisen en waarvoor de toelating om de openbare weg of het openbaar domein in te nemen uitdrukkelijk geregeld wordt in de beslissing van de bevoegde overheid over deze vergunning;
  3. Gebouwonderdelen, gevelelementen of -bekleding die geen omgevingsvergunning vereisen, geen publicitair karakter hebben, geen interne of externe lichtbron bevatten en waarvan de uitsprong voorbij de rooilijn max. 10 cm bedraagt;
  4. Gevelborden en -belettering met zaakgebonden publiciteit die geen omgevingsvergunning vereisen, zonder interne of externe lichtbron, onder volgende cumulatieve voorwaarden:
    1. Boven de gevelopeningen van de gelijkvloerse verdieping en onder de dorpels van de gevelopeningen van de eerste verdieping;
    2. De uitsprong voorbij de rooilijn bedraagt onder 3 m hoogte max. 10 cm en vanaf 3 m hoogte max. 60 cm, met bijkomende voorwaarden:
      1. Haaks uithangbord: max. 60x60x10 cm (lxhxb), incl. gevelbevestiging;
      2. Gevelbelettering buiten woongebied met culturele, historische en/of esthetische waarde (CHE-gebied): losse belettering of op paneel;
      3. Gevelbelettering binnen woongebied met culturele, historische en/of esthetische waarde (CHE-gebied): enkel losse belettering, geen paneel;
    3. Aantal vrijgestelde elementen:
      1. Max. 1 dubbelzijdig uithangbord en 1 zaaknaam op gevel van hetzelfde pand;
      2. Pand met 2 of meer gevels palend aan de openbare weg of het openbaar domein: max. 2 dubbelzijdige uithangborden of 1 dubbelzijdig uithangbord en 1 zaaknaam;
      3. Pand met totale gevelbreedte van meer dan 25 m: max. 1 bijkomend dubbelzijdig uithangbord of 1 bijkomende zaaknaam.
  5. Regenwaterafvoerpijpen, onder volgende cumulatieve voorwaarden of andere reglementair toegestane afwijking:
    1. De uitsprong voorbij de rooilijn bedraagt max. 10 cm;
    2. Het onderste deel wordt tot 1 m hoogte uitgevoerd in gietijzer of een materiaal dat even goed bestand is tegen breuk of blijvende vervorming;
    3. De regenwaterafvoer (RWA) wordt correct aangesloten, zonder afloop op de openbare weg of het openbaar domein;
    4. De regenwaterafvoerpijp wordt geplaatst nadat de RWA technisch haalbaar is bevonden door FARYS en er met FARYS een overeenkomst is over de modaliteiten van de uitvoering en de daaraan verbonden kosten;
    5. Onderhoud en herstel van de regenwaterafvoerpijp blijft ten laste van de eigenaar.
  6. Gevelbanken voor particulier gebruik, onder volgende cumulatieve voorwaarden:
    1. De gevelbank is eenvoudig wegneembaar of demonteerbaar, zoals een losse zitplank op inklapbare muurbeugels;
    2. De gevelbank en het gebruik daarvan brengt de vrije doorgang en de veiligheid niet in het gedrang, en wordt na elk gebruik terug wegenomen;
    3. De gevelbank wordt niet gebruikt voor horeca- of andere economische activiteiten.
  7. Tijdelijke immoborden aan gevels, onder volgende cumulatieve voorwaarden:
    1. Het immobord hangt enkel aan het pand dat te koop of te huur staat en wordt onmiddellijk verwijderd na het voltrekken van de transactie;
    2. Het immobord hangt op min. 3 m hoogte en de uitsprong voorbij de rooilijn bedraagt max. 60 cm;
    3. Aantal vrijgestelde elementen:
      1. Max. 1 dubbelzijdig immobord op gevel van hetzelfde pand;
      2. Pand met 2 of meer gevels palend aan de openbare weg of het openbaar domein: max. 2 dubbelzijdige immoborden;
      3. Pand met totale gevelbreedte van meer dan 25 m: max. 1 bijkomend dubbelzijdig immobord.

Bij een pand met meerdere functies en/of woningen geldt de vrijstelling per te koop of te huur gestelde entiteit.

    8. Tijdelijke gevelversiering, onder volgende cumulatieve voorwaarden:

    1. Seizoensgebonden of andere occasionele versiering (eindejaar, geboorte, huwelijk, …) gedurende max. 2 maanden;
    2. Niet-publicitaire versiering, zonder interne of externe lichtbron tenzij dit toegestaan is op basis van een specifiek besluit of reglementering van de bevoegde overheid;
    3. De uitsprong voorbij de rooilijn bedraagt onder 3 m hoogte max. 10 cm en vanaf 3 m hoogte max. 60 cm.

Artikel 3

Wijzigt het artikel 2 van het Politiereglement op de privatieve inname van de openbare weg of het openbaar domein als volgt:

§1. Aan de vergunning voor de inname van de openbare weg of het openbaar domein kunnen voorwaarden verbonden worden. De vergunninghouder is verantwoordelijk voor de stipte naleving van deze voorwaarden en andere toepasselijke reglementering.

§2. Elke inname van de openbare weg of openbaar domein, strijdig met de vergunningsvoorwaarden, wordt geacht een niet-vergunde en dus wederrechtelijke inname te zijn, die aanleiding kan geven tot de maatregelen vermeld in artikel 3, 4 en 5.

Artikel 4

Wijzigt het artikel 3 van het Politiereglement op de privatieve inname van de openbare weg of het openbaar domein als volgt:

§1. Niet-vergunde innames van de openbare weg of het openbaar domein moeten op politiebevel of op bevel van de bevoegde ambtenaar onmiddellijk verwijderd worden. Indien aan het bevel geen gevolg wordt gegeven, kan de inname op kosten en risico van de overtreder verwijderd worden.

§2. Als de niet-vergunde inname de veiligheid of doorgang van de weggebruikers in het gedrang brengt, of niet identificeerbaar is, kan de verwijdering zelfs zonder voorafgaand bevel op kosten en risico van de overtreder gebeuren.

Artikel 5

Wijzigt het artikel 4 van het Politiereglement op de privatieve inname van de openbare weg of het openbaar domein als volgt:

§1. De bevoegde overheid kan de vergunning steeds éénzijdig wijzigen, schorsen of opheffen. De vergunninghouder wordt hiervan in kennis gebracht per aangetekende brief of ander voor ontvangst bevestigd bericht, waarin een termijn wordt gesteld om de inname te wijzigen of te verwijderen.

§2. De vergunninghouder dient de inname binnen de gestelde termijn te wijzigen of verwijderen, en desgevallend de plaats in de oorspronkelijke staat te herstellen. Hij/zij doet zulks op eigen kosten en kan uit dien hoofde geen aanspraak maken op enige vergoeding.

Artikel 6

Wijzigt het artikel 5 en voegt dit samen met artikel 6 van het Politiereglement op de privatieve inname van de openbare weg of het openbaar domein als volgt:

Artikel 5

Inbreuken op de bepalingen van artikel 1 tot en met 4 van dit reglement kunnen gesanctioneerd worden met een maximale administratieve geldboete van 120 euro voor meerderjarige overtreders, en een maximale administratieve geldboete van 60 euro voor minderjarige overtreders.

Artikel 7

Keurt goed de inwerkingtreding van de wijzigingen aan het politiereglement op 1 januari 2022

Artikel 8

Neemt kennis van de gecoördineerde versie van het Politiereglement op de privatieve inname van de openbare weg of het openbaar domein.

Artikel 9

Neemt kennis van het positief advies van de Jeugdraad van 19 november 2021


Bijlagen