Terug
Gepubliceerd op 10/12/2021

2021_CBS_06494 - OMV_2021131236 K - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning - met openbaar onderzoek - Peerstraat 134, 9000 Gent - Vergunning

college van burgemeester en schepenen
do 09/12/2021 - 08:31 Virtueel - via Microsoft Teams
Datum beslissing: do 09/12/2021 - 09:18
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Filip Watteeuw

Aanwezig

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter; Filip Watteeuw, schepen; Sofie Bracke, schepen; Elke Decruynaere, schepen; Astrid De Bruycker, schepen; Sami Souguir, schepen; Tine Heyse, schepen; Isabelle Heyndrickx; Annelies Storms, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Rudy Coddens, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Luc Kupers, adjunct-algemeendirecteur; Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Secretaris

Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Voorzitter

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter
2021_CBS_06494 - OMV_2021131236 K - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning - met openbaar onderzoek - Peerstraat 134, 9000 Gent - Vergunning 2021_CBS_06494 - OMV_2021131236 K - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning - met openbaar onderzoek - Peerstraat 134, 9000 Gent - Vergunning

Motivering

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

 

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.

 

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

 

Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 56.
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 15.

 

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

 

Het college van burgemeester en schepenen verleent de vergunning en legt bijzondere voorwaarden op.

 

WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?

 

De heer Koen Moelants met als contactadres Vlasgaardstraat 14, 9000 Gent heeft een aanvraag (OMV_2021131236) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 19 augustus 2021.

 

De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen handelt over:

Onderwerp: het verbouwen van een eengezinswoning

• Adres: Peerstraat 134, 9000 Gent

Kadastrale gegevens: afdeling 16 sectie K nr. 827K2

 

Aanvullende informatie werd ontvangen op 2 september 2021. Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 10 september 2021.

De aanvraag volgde de gewone procedure.

Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 1 december 2021.

 

OMSCHRIJVING AANVRAAG

1.       BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT

De te verbouwen woning bevindt zich langs de Peerstraat in de wijk Brugse Poort-Rooigem. De omgeving bestaat voornamelijk uit rijwoningen. Het pand in kwestie betreft een eengezinswoning (3 bouwlagen en een dak). De huidige bebouwing beslaat het volledige perceel (5m04 breed en maximaal 19m95 diep): hoofdgebouw +/- 6m diep, gelijkvloerse aanbouwen, overdekt terras en bijgebouw.

 

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

Met deze aanvraag worden de gelijkvloerse aanbouwen, de overkapping van het terras en het bijgebouw (t.h.v. de achterste perceelsgrens) gesloopt. In vervanging wordt een nieuwe aanbouw met deels 1 en deels 2 bouwlagen voorzien.

De totale bouwdiepte na verbouwing (incl. hoofdvolume) bedraagt 13m15 op het gelijkvloers en 10m59 op de eerste verdieping (2m voorbij de minst diepe aanpalende). Zo kan een nieuwe stadstuin worden ingericht (ca. 28,5m²: ca. 13,5m² niet-waterdoorlatende tegels, ca. 15m² onverhard).

De nieuwe dakrand van de aanbouw ligt op de eerste bouwlaag op 3m48 (boven het nulpeil, 10cm boven het trottoirpeil), op de tweede op een hoogte van 6m33.

 

Op de eerste verdieping wordt – op het plat dak van de gelijkvloerse aanbouw – een groendak aangelegd (ca. 10m²).

Op de tweede verdieping worden op het plat dak van de eerste verdieping een dakterras (ca. 10m²) en een groendak (ca. 10m²) ingericht.

Hiervoor moeten de scheidingsmuren opgehoogd worden. Links: 300cm t.h.v. het groendak en terras op de tweede verdieping. Rechts: tussen de 60cm en 575cm vanaf het hoofdvolume tot een bouwdiepte van 13m15.

 

Voor het overige wordt het hoofdvolume ontdaan van inwendige houten vloerconstructies. Zo blijven enkel voorgevel, achtergevel en dakstructuur behouden.

Dit hoofdvolume wordt samen met de nieuwe aanbouw opnieuw ingericht:

  • Gelijkvloers: een brede inkomhal met ruimte voor het plaatsen van fietsen, een bureauruimte, een toilet, bergruimte en keuken met eethoek, aansluitend de nieuwe stadstuin ();
  • Eerste verdieping: een zithoek, badkamer en een grote slaapkamer (15,33m²) met aansluitend een groendak;
  • Tweede verdieping: twee kinderkamers (beiden 8m² en 2m32 hoog), een extra raamopening t.h.v. de traphal (1m74 x 1m49), het bestaand raam wordt vergroot om zo een deur tot het aansluitend dakterras en groendak te realiseren;
  • Dakverdieping: een ganzentrap ontsluit de zoldermezzanine, een nieuw dakschuifraam in het hellend dak t.h.v. de voorgevel heeft een breedte van 2m22 en houdt ca. 1m40 afstand van de rechter perceelsgrens en ca. 1m42 van de linker perceelsgrens. Het dakvlakraam heeft een hoogte van ca. 2m13 en is gepositioneerd tussen 0m60 en 2m07 van de vloerpas van de zoldermezzanine.

 

De voorgevel blijft ongewijzigd m.u.v. het vervangen van het schrijnwerk naar een wit aluminium met witte raamomlijsting. Het nieuw hellend dak wordt met grijze leien afgewerkt.

De achtergevel van de nieuwe aanbouw wordt t.h.v. het gelijkvloers afgewerkt met licht grijze keramische tegels. De achtergevel van het hoofdgebouw en de eerste verdieping van de aanbouw worden afgewerkt met grijze gevelleien. In de diverse achtergevels worden deuren en ramen voorzien in houten schrijnwerk, de open balustrade t.h.v. het dakterras is in gegalvaniseerd staal.

2.       HISTORIEK

Er is geen relevante historiek gekend.

 

 

BEOORDELING AANVRAAG

3.       EXTERNE ADVIEZEN

Overeenkomstig artikel 35 van het omgevingsvergunningsbesluit zijn er geen externe adviezen vereist.

4.       TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN

4.1.   Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg

Het project ligt in woongebied volgens het gewestplan 'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 14 september 1977).
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven.

 

Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening grootstedelijk gebied Gent' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 16 december 2005), maar niet in een gebied waarvoor er stedenbouwkundige voorschriften zijn bepaald.


De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.

4.2   Vergunde verkavelingen

De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.

4.3   Verordeningen

Algemeen bouwreglement

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het algemeen bouwreglement, stedenbouwkundige verordening van de stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en gewijzigd bij besluiten van de deputatie van 29 mei 2008, 23 oktober 2008, 19 augustus 2010, 4 oktober 2012 en 17 juli 2014, zevende wijziging van kracht op 20 december 2020.

 

Het ontwerp is in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement.

 

Gewestelijke verordening hemelwater

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 oktober 2004 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (zie waterparagraaf).

4.4   Uitgeruste weg

Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gemeenteweg.

5.       WATERPARAGRAAF

Het voorliggende project heeft geen omvangrijke oppervlakte en ligt niet in een recent overstroomd gebied of een overstromingsgebied, zodat in alle redelijkheid wordt geoordeeld dat het schadelijk effect op de waterhuishouding van dit gebied beperkt is. Enkel wordt door de verharde oppervlakte de infiltratie van het hemelwater in de bodem plaatselijk beperkt. Dit wordt gecompenseerd door de plaatsing van een hemelwaterput, overeenkomstig de normen vastgelegd in het geldend algemeen bouwreglement, en de verplichting om het nuttig gebruik van dit hemelwater maximaal te voorzien. Het hergebruik van het hemelwater heeft een zekere bufferende werking door de vertraagde afvoer van het perceel van dit herbruikt hemelwater.

6.       PROJECT-M.E.R.-SCREENING

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004 (MER-besluit) en heeft geen betrekking op een activiteit die voorkomt op de lijst van bijlage III bij dit besluit. De opmaak van een milieueffectrapport of project-m.e.r.-screening is voor voorliggend project dan ook niet vereist.

7.       OPENBAAR ONDERZOEK

Het openbaar onderzoek werd gehouden van 18 september 2021 tot 17 oktober 2021.
Gedurende dit openbaar onderzoek werden geen bezwaren ingediend.

8.       OMGEVINGSTOETS

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening

Slopingswerken en nieuwe aanbouw

Door de gelijkvloerse aanbouw, de overkapping van het terras en het bijgebouw

te vervangen door een minder diepe aanbouw met deels 1 en deels 2 bouwlagen kan het perceel ontpit en onthard worden. Dit wordt gunstig beoordeeld.

 

Tegelijkertijd wordt op deze manier plaats gecreëerd voor een private buitenruimtes: met de nieuwe stadstuin (28,5m²) en het dakterras (10m²) wordt samen voor ca. 35m² private buitenruimte gecreëerd. Dit is in overeenstemming met artikel 29bis (private buitenruimte) van het algemeen bouwreglement van de stad Gent stelt dat: ’Bij elke eengezinswoning […] hoort een kwalitatieve private buitenruimte.[…]’ .

Deze verbouwingswerken betekenen dus een meerwaarde voor deze eengezinswoning. De uitbouw behoudt voldoende leefruimte op het gelijkvloers. Het groot raam in de achtergevel van de nieuwe aanbouw zorgt voor extra lichtinval en versterkt het contact met de tuin. Dit wordt gunstig beoordeeld.

 

Het bijkomende volume valt binnen de gebruikelijke normen qua bouwdiepte en hoogte, m.u.v. de ophoging van de scheidingsmuren t.h.v. het groendak en dakterras op de tweede verdieping (zie verder).

Bijkomend wordt vastgesteld dat op de plannen het groendak op het plat dak van de aanbouw van het gelijkvloers ook aangeduid wordt als ‘terras’. Een terras op deze locatie is t.g.v. de bouwdiepte niet gewenst en zou als uitkijkpost fungeren over de aanpalende woningen en tuinen. Dit groendak als terras gebruiken zou ook in strijd zijn met het Burgerlijk wetboek (artikels 675 tot 680 bis: “uitzichten op het eigendom van de nabuur”).

Het groendak op het plat dak van de aanbouw op het gelijkvloers mag dus niet als terras gebruikt worden maar kan enkel als ontoegankelijk groendak ingericht worden. Dit wordt op opgenomen als bijzondere voorwaarde.

 

Verhogingen scheidingsmuren nrs. 136 en 132

Het dakterras op de eerste verdieping van de aanbouw overschrijdt de bouwdiepte van aanpalende hoofdgebouwen niet.

  • Scheidingsmuur met nr. 136

Op de linker zijperceelsgrens fungeert het hoofdgebouw van aanpalende (nr. 136) als een ‘zichtscherm’. De zone van het plat dak voorbij het hoofdgebouw van linker aanpalende wordt ingericht als ontoegankelijk groendak. Hier is geen zichtscherm noodzakelijk.

Gevolg: Het optrekken van de linker scheidingsmuur voorbij het linker aanpalend pand wordt uitgesloten uit de vergunning. (zie aanduiding op plan)

  • Scheidingsmuur met nr. 132

Ook op de rechter zijperceelsgrens wordt de scheidingsmuur opgetrokken als zichtscherm. Het rechter aanpalend pand (nr. 132) heeft momenteel geen tweede bouwlaag en biedt dus geen visuele bescherming voor genomen zichten vanop het terras. De scheidingsmuur mag hier opgetrokken tot aan de huidige bouwdiepte van het hoofdgebouw van rechter aanpalend pand. Zo kan dit pand in de toekomst opgetrokken worden tot de nagestreefde ‘basisschaal’ (3 bouwlagen). Voorbij de bouwdiepte van rechter aanpalend pand is het plat dak ingericht als ontoegankelijk  groendak. Hier moet dus geen zichtscherm voorzien worden.

Gevolg: Het ophogen van de rechter scheidingsmuur voorbij de bouwdiepte van het hoofdgebouw van nr. 132 wordt uitgesloten uit de vergunning. (zie aanduiding op plan)

  • Momenteel is de balustrade gepositioneerd voorbij het ontoegankelijk groendak, ter hoogte van de achtergevel van de eerste verdieping. Het groendak kan echter onder geen beding betreedbaar zijn. Bij een gebruik van dit groendak als terras, zou dit door zijn hoogte en bouwdiepte fungeren als uitkijkpost over de aanpalende woningen en tuinen. Dit is niet gewenst. Het voorziene dakterras en de gelijkvloerse buitenruimte volstaat als oppervlakte buitenruimte bij deze eengezinswoning.

Gevolg: Omdat dit groendak niet mag betreden worden en bijgevolg hier geen zichtschermen voorzien worden, moet deze balustrade verplaatst worden naar de achterste grens van het terras. Dit wordt opgenomen als bijzondere voorwaarde. (zie aanduiding op plan)

 

De nieuwe inrichting van hoofdvolume en aanbouw
Alle leefruimtes in deze nieuwe configuratie voldoen aan de normen (oppervlakte, hoogte, ontsluiting en natuurlijk licht) van het algemeen bouwreglement van de stad Gent.

De positionering van nieuwe raam- en deuropeningen in achtergevel en dakvlak voldoen aan de voorschriften voorzien in het burgerlijk wetboek (artikels 675 tot 680 bis: “Uitzichten op het eigendom van de nabuur”). Deze extra raamopeningen zorgen voor extra natuurlijk licht in de ééngezinswoning. Dit wordt gunstig geadviseerd.

 

Materialisatie achtergevels en dak

De nieuwe gevel- en dakmaterialen zijn volwaardige (gevel- en dak-) materialen en integreren zich goed in de bestaande omgeving. Dit wordt gunstig geadviseerd.

 

CONCLUSIE

Voorwaardelijk gunstig, mits voldaan wordt aan de bijzondere voorwaarden is de aanvraag in overeenstemming met de wettelijke bepalingen en verenigbaar met de goede plaatselijke aanleg.

 

Waarom wordt deze beslissing genomen?

 

 

WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?

 

Het college van burgemeester en schepenen moet over de ingediende omgevingsvergunningsaanvraag een beslissing nemen.

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.

 

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen verleent onder voorwaarden de omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning aan de heer Koen Moelants gelegen te Peerstraat 134, 9000 Gent.

De door het college vergunde plannen zijn de plannen die op de overzichtslijst staan, die is toegevoegd als bijlage aan deze vergunning en er integraal deel van uitmaakt.

Plannen die niet op deze overzichtslijst staan, maken geen deel uit van de vergunning.

Controleer steeds of het om een goedgekeurd plan gaat.

Opgelet, er kunnen voorwaarden betrekking hebben op de plannen.

 

 

Artikel 2

Legt volgende voorwaarden op:


Groendak op het plat dak van de aanbouw op het gelijkvloers

Het groendak op het plat dak van de aanbouw op het gelijkvloers mag niet als terras gebruikt worden maar kan enkel als ontoegankelijk groendak ingericht worden.

 

Verhogingen scheidingsmuren nrs. 136 en 132

Het optrekken van de linker scheidingsmuur voorbij het hoofdgebouw van nr. 136 wordt uitgesloten uit de vergunning. (zie aanduiding op plan)

Het ophogen van de rechter scheidingsmuur voorbij de bouwdiepte van het hoofdgebouw van nr. 132 wordt uitgesloten uit de vergunning. (zie aanduiding op plan)

De balustrade op het plat dak van de eerste verdieping van de aanbouw moet verplaatst worden naar de achterste grens van het terras (en niet van het groendak). (zie aanduiding op plan)

 

Riolering

De aansluiting op het rioleringsnet is verplicht en wordt, wat betreft het gedeelte op het openbaar domein, uitgevoerd door FARYS. Een aanvraag tot het bekomen van een huisaansluiting moet ingediend worden bij FARYS via www.farys.be/nl/rioolaansluiting of verstuurd worden naar Stropstraat 1 te 9000 Gent.

 

De afvoer van het regen- en afvalwater moeten op kosten en op risico van de bouwheer, binnen zijn eigen terrein uitgevoerd worden. Het afvoeren kan hetzij door natuurlijke afloop, hetzij door oppompen.

 

Een bestaande aansluiting of een wachtaansluiting dient in regel gebruikt/(her)bruikt te worden. De locatie en de diepteligging ervan zijn bindend. De bestaande aansluiting dient ter hoogte van de rooilijn opgezocht, opgemeten en gemarkeerd te worden. Indien ze (tijdelijk) niet in dienst blijft is het de taak van de bouwheer om deze ter hoogte van de rooilijn dicht te maken om elke instroom te vermijden.

Bij een nieuwe huisaansluiting wordt het traject bepaald in overleg tussen rioolbeheerder en klant. De algemene veiligheid, de instandhouding en de normale werking van de elementen van de huisaansluiting moeten verzekerd zijn en het toezicht, de controle en het onderhoud moeten gemakkelijk uitgevoerd kunnen worden. Voor de diepteligging dient er rekening mee gehouden te worden dat de huisaansluiting in regel door FARYS wordt gerealiseerd vóór aanleg van de privéwaterafvoer op een maximale diepte van 50 cm onder het maaiveld. Indien de diepteligging van de hoofdriolering of (kruisen van de) nutsleidingen deze diepte niet toelaten, zal de huisaansluiting op de meest haalbare diepte worden aangelegd.

 

De aanvrager dient zich te houden aan de bepalingen van het Bijzonder Waterverkoopreglement huisaansluitingen. Dit reglement is terug te vinden op www.farys.be/wettelijke-bepalingen.

De bijzondere aandacht wordt gevestigd op:

* De openbare riolering kan onder druk komen tot het maaiveld niveau, wat neerkomt op een stijging van het waterpeil in de buizen en de aansluitingen (code van goede praktijk voor rioleringssystemen: www.vmm.be/wetgeving/code-van-goede-praktijk-voor-rioleringssystemen).

De bouwheer moet hier dan ook rekening mee houden bij de aanleg van (en de aansluitingen op) zijn privéwaterafvoer. Het Stadsbestuur kan onder geen enkele voorwaarde aansprakelijk gesteld worden voor schade door wateroverlast die een gevolg is van een onoordeelkundige aanleg van de privéwaterafvoer.

* Door de aanleg van gescheiden rioleringsstelsels, zowel op openbaar als op privaat domein, kan er sneller geurhinder ontstaan als gevolg van het geconcentreerde (onverdunde) afvalwater.

De aanvrager dient bij geurhinder op eigen initiatief en kosten elke instroomopening op zijn privéwaterafvoer door middel van een waterslot geurdicht af te schermen.

Om geurhinder als gevolg van de eigen private riolering te reduceren werden er enkele richtlijnen opgesteld, die u via deze link kan terugvinden: www.farys.be/richtlijnengeurhinder.

 

De interne riolering moet zo ontworpen worden dat een toekomstige aansluiting op een gescheiden rioleringsstelsel mogelijk is (afzonderlijke aansluitingen voor regenwater en afvalwater).

Er is nog geen aparte regenwaterafvoer (RWA)-aansluiting mogelijk. Voor zover het niet mogelijk is om het regenwater ter plaatse te laten infiltreren is de RWA-leidingen naar de straat te voorzien als wachtaansluiting. Voorlopig moeten het regen- en afvalwater gezamenlijk naar de riolering afgevoerd worden. Bovendien moeten de RWA-, en DWA-afvoeren naast elkaar worden aangeboden met een tussenafstand van 40 tot 60 cm. Hierbij loopt het DWA-gedeelte in een rechte lijn door naar de openbare riolering.

 

Bij een toekomstige aanleg van het openbaar domein zal de riolering gescheiden worden.

De keuring van de privéwaterafvoer is verplicht volgens het Algemeen Waterverkoopreglement bij aanbouw en/of het voorzien van een nieuwe aansluiting. Meer informatie vindt u op www.farys.be/keuring-privewaterafvoer

 

Er moet blijvend voorzien worden in een septische put waarbij (enkel) alle fecaliën aangesloten dienen te worden vooraleer de overloop daarvan terecht komt op het interne DWA-rioleringsstelsel.

 

 

Artikel 3

Wijst de aanvrager op volgende aandachtspunten:

Openbaar domein

De bouwheer is steeds verantwoordelijk voor beschadigingen aan de verhardingen van de openbare weg, trottoirs, boordstenen, (straat)kolken en de rijweg, die te wijten zijn aan de bouwactiviteit. De dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen herstelt deze beschadigingen op kosten van de bouwheer.

 

De vergunninghouder moet voor de aanvang van de werken een tegensprekelijke plaatsbeschrijving opmaken van de omliggende trottoirs en wegenis met bijzondere aandacht voor de (straat)kolken.

Deze dient bezorgd te worden aan de dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Administratief Centrum, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00, via e-mail: tdwegen@stad.gent of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.

U kan dit door een architect of landmeter laten doen maar u mag dit ook zelf opnemen. (u maakt een aantal algemene foto’s vergezeld van detailfoto’s met reeds aanwezige schade aan het openbaar domein. Bij elke foto zet u een beschrijving en u voegt een plannetje toe met aanduiding van de positie van de foto’s).

 

In functie van de werfzone op het openbaar domein is een vergunning Inname Publieke Ruimte noodzakelijk. U vraagt dit digitaal aan via de website www.stad.gent (typ tijdelijke werfzone in het zoekveld). U dient er rekening mee te houden dat de behandeling van deze aanvraag een bepaalde doorlooptijd nodig heeft (zie ook website).

 

Er zijn wegen- en rioleringswerken gepland in de Peerstraat die voor de uitvoering van de aangevraagde bouwwerken belangrijke hinder kunnen opleveren. Voor bijkomende informatie kan men contact opnemen met de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Administratief Centrum, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00, via e-mail: tdwegen@stad.gent of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.