Terug
Gepubliceerd op 10/12/2021

2021_CBS_06528 - OMV_2021083806 K - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning tot een eengezinswoning - met openbaar onderzoek - Jakob Van Caeneghemstraat 25, 9000 Gent - Vergunning

college van burgemeester en schepenen
do 09/12/2021 - 08:31 Virtueel - via Microsoft Teams
Datum beslissing: do 09/12/2021 - 09:24
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Filip Watteeuw

Aanwezig

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter; Filip Watteeuw, schepen; Sofie Bracke, schepen; Elke Decruynaere, schepen; Astrid De Bruycker, schepen; Sami Souguir, schepen; Tine Heyse, schepen; Isabelle Heyndrickx; Annelies Storms, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Rudy Coddens, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Luc Kupers, adjunct-algemeendirecteur; Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Secretaris

Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Voorzitter

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter
2021_CBS_06528 - OMV_2021083806 K - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning tot een eengezinswoning - met openbaar onderzoek - Jakob Van Caeneghemstraat 25, 9000 Gent - Vergunning 2021_CBS_06528 - OMV_2021083806 K - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning tot een eengezinswoning - met openbaar onderzoek - Jakob Van Caeneghemstraat 25, 9000 Gent - Vergunning

Motivering

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

 

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.

 

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

 

Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 56.
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 15.

 

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

 

Het college van burgemeester en schepenen verleent de vergunning en legt bijzondere voorwaarden op.

 

WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?

 

De heer Stijn Decloedt met als contactadres Kleine Reinaertdreef 9, 9830 Sint-Martens-Latem heeft een aanvraag (OMV_2021083806) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 20 augustus 2021.

 

De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen handelt over:

Onderwerp: het verbouwen van een eengezinswoning tot een eengezinswoning

• Adres: Jakob Van Caeneghemstraat 25, 9000 Gent

Kadastrale gegevens: afdeling 1 sectie A nr. 2266B

 

Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 7 september 2021.

De aanvraag volgde de gewone procedure.

Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 30 november 2021.

 

OMSCHRIJVING AANVRAAG

1.       BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT

De te verbouwen woning bevindt zich langs de Jakob Van Caeneghemstraat in de wijk ‘Sluizeken- Tolhuis- Ham’. De omgeving bestaat voornamelijk uit rijwoningen.

De Jacob van Caeneghemstraat werd in 1864 getrokken leidend van de Moestuinstraat tot het Godshuishammeke. Voornamelijk bebouwd met burgerhuizen van drie traveeën en drie bouwlagen voorzien van een bepleisterde lijstgevel met enkelhuisopstand en eenvoudig stucwerk als versiering.

 

Het hoekpand in kwestie betreft een eengezinswoning met 2 bouwlagen en een mansarde dak. Het perceel is volledig bebouwd (46 m²), er is geen buitenruimte aanwezig. Beide voorgevels van het hoekpand bevinden zich op de rooilijn aan de straatzijde.

Op het perceel situeert zich  een hoofdgebouw dat gepositioneerd is op de hoek en verder langsheen de Jacob Van Caeneghemstraat en een aanbouw die zich bevindt langsheen het Godhuishammeke.

 

Deze aanbouw heeft 2 bouwlagen en een plat dak en is afgewerkt met een wit geschilderde cementering.

Het hoofdgebouw  bestaat uit roodbruin gevelmetselwerk maar werd vermoedelijk in het verleden ontpleisterd. Het buitenschrijnwerk is in wit PVC. De gevelindeling, volumetrie en vormgeving refereert echter naar de laat 19e eeuwse toestand. Het pand maakt deel uit van een eenheidsarchitectuur aan de oneven zijde van de Jacob van Caeneghemstraat. Een aantal van deze gevels werd echter in het verleden verbouwd, waarbij het gevelmateriaal werd gewijzigd. De gevelindeling is echter vrijwel overal intact gebleven.

Het pand heeft een beeldbepalende waarde door zijn hoekpositie en deel van de aanpalende eenheidsarchitectuur.

 

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

Met deze aanvraag worden volgende ingrepen aangevraagd:

De renovatie van de woning (hoofdgebouw en aanbouw):

 

Op het gelijkvloers wordt de trap verplaatst, worden de muren van het inkomsas verwijderd en worden in de aanbouw een toilet met sas en een keuken ingericht. De buitendeur in deze aanbouw verdwijnt, de opening wordt vergroot en een nieuw raam wordt geplaatst.

 

De eerste verdieping krijgt een afgesloten traphal, de badkamer wordt verplaatst en er wordt een extra slaapkamer in de aanbouw gecreëerd.

Oppervlakte slaapkamer 1: 14,9 

Oppervlakte slaapkamer 2: 9,7 

Op de tweede verdieping wordt de nachthal heringericht als bureau met toegang naar een derde slaapkamer. Oppervlakte slaapkamer 3 (1,80 m hoogtelijn): 13,64 m² (en minimum 7 m² onder 2,50 m hoogtelijn)

Een beperkte dakuitbouw met blokraam en 3 traptreden ontsluit het plat dak van de aanbouw met de nachthal/bureau.

De dakuitbouw is 1,20 m breed houdt 1,90 m afstand van de zijperceelsgrens en 0,95 m afstand van de rooilijn. Er worden geen wijzigingen aangebracht aan het profiel van de gemene muren.

De dakuitbouw ligt in het gevelvlak met een dakrand van ca. 0,90 m hoger dan de kroonlijst.

 

De gevel van de aanbouw wordt hersteld en geschilderd in een lichte kleur en  er wordt nieuw  buitenschrijnwerk in hout geplaatst.

 

Het inrichten van een dakterras en een groendak op het plat dak van de aanbouw:

De kroonlijsthoogte van de aanbouw blijft ongewijzigd.

Het terras van 4,10 m² behoudt een afstand van 1,90 m van de achterste perceelsgrens (Jacob Van Caeneghemstraat 23) door de inrichting van een niet-toegankelijk groendak (5,7 m²).

Verder zitten terras en groendak ingesloten tussen het hellend dak van het hoofdgebouw en een blinde zijgevel van de rechter aanpalende. (Godhuishammeke 22).

Er zijn geen wijzigingen aan scheidingsmuren.

Een balustrade in transparant glas wordt als valbeveiliging geplaatst ter hoogte van de achterste perceelgrens tussen groendak en aanpalende ((Jacob Van Caeneghemstraat 23) en ter hoogte van de straatzijde van de J.Van Caenegemstraat. Hier wordt de balustrade aan de binnenzijde van de gevel geplaatst.

 

2.       HISTORIEK

Volgende vergunningen, meldingen en/of weigeringen zijn bekend:

Stedenbouwkundige vergunningen

* Op 08/03/1994 werd een vergunning afgeleverd voor het verbouwen van een woning. (1993/787).

 

BEOORDELING AANVRAAG

3.       EXTERNE ADVIEZEN

Volgend extern advies is gegeven:  


Geen tijdig advies van Onroerend Erfgoed Oost-Vlaanderen. De adviesvraag is verstuurd op 07/09/2021. Op 26 oktober 2021 is nog géén advies ontvangen. Omdat de decretaal omschreven adviestermijn verstreken is, kan aan de adviesvereiste voorbij gegaan worden.

 

4.       TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN

4.1.   Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg

Het project ligt in woongebied met culturele, historische en/of esthetische waarde volgens het gewestplan 'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 14 september 1977).
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven.

 

De gebieden en plaatsen van culturele, historische en/of esthetische waarde. In deze gebieden wordt de wijziging van de bestaande toestand onderworpen aan bijzondere voorwaarden, gegrond op de wenselijkheid van het behoud.
Het ontwerp gaat uit van de bestaande toestand. De gevels en het dakvolume wijzigen nauwelijks. Er  wordt een dakkapel voorzien die toegang verschaft tot een dakterras op een bestaand plat dak. Deze dakkapel heeft geen negatieve impact op de architectuur van de gevels en de beeldbepalende waarde die dit hoekpand.

 

De ingrepen hebben geen negatieve impact op de erfgoedwaarde van dit pand. Vanuit erfgoedafweging kan deze aanvraag dan ook gunstig geadviseerd worden.

 

Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening grootstedelijk gebied Gent' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 16 december 2005), maar niet in een gebied waarvoor er stedenbouwkundige voorschriften zijn bepaald.

De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.

4.2.   Vergunde verkavelingen

De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.

4.3.   Verordeningen

Algemeen bouwreglement

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het algemeen bouwreglement, stedenbouwkundige verordening van de stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en gewijzigd bij besluiten van de deputatie van 29 mei 2008, 23 oktober 2008, 19 augustus 2010, 4 oktober 2012 en 17 juli 2014, zevende wijziging van kracht op 20 december 2020.

Het ontwerp is in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement.

Het ontwerp is niet in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement, het wijkt af op volgende punten:

 

-De aanvraag is niet in overeenstemming met artikel 11 van dit reglement. Dit artikel verplicht de plaatsing van een septische put bij nieuwbouw of bij verbouwingen van het gelijkvloers en/of de kelder die voor gevolg hebben dat het afvoerstelsel van afval- en hemelwater kan worden aangepast.

De vergunningverlenende overheid kan bij gemotiveerde beslissing een afwijking van bovenstaande verplichting toestaan indien het technisch niet mogelijk is om een septische put te plaatsen.

 

Gelet op de aard van de verbouwing wordt een  vrijstelling verleend m.b.t. het plaatsen van een nieuwe septische put. Een eventueel bestaande septische put -zoals op het rioleringsplan getekend- moet behouden blijven en geïntegreerd worden in het nieuwe rioleringsstelsel.

De vrijstelling is gekoppeld aan deze vergunning en heeft (is) geen blijvend karakter (recht) voor het perceel (zo kunnen bij toekomstige wijzigingen en verbouwingen in het kader van een omgevingsvergunningsaanvraag andere voorwaarden gelden).

Het weglaten van een septische put brengt een groter risico mee voor verstoppingen in het buizenstelsel zelf. We adviseren dan ook om geen geheel “onbereikbaar gesloten” stelsel uit te voeren en te voorzien in voldoende controleputjes of andere toegangsmogelijkheden. Dit wordt opgenomen als bijzondere voorwaarde.

 

-De aanvraag is niet in overeenstemming met artikel 13.

Ter aanvulling van artikel 9 §1 van de gewestelijke hemelwaterverordening is de plaatsing van een hemelwaterput ook verplicht bij verbouwing (al dan niet met uitbreiding) van een gelijkvloerse of kelderverdieping van een bestaand gebouw, waarbij die verbouwing tot gevolg heeft dat het afvoerstelsel van afval- en hemelwater kan aangepast worden. Deze verplichting geldt enkel bij verbouwingen aan een bestaand gebouw, waarvan de oppervlakte groter dan 40 m² is.

 

De totale oppervlakte (na verbouwing) bedraagt ca. 45 m² en is dus groter dan 40 m² waardoor het plaatsen van een hemelwaterput met hergebruik verplicht is.

Er wordt echter aangegeven dat dergelijke voorziening technisch moeilijk is. Het perceel kent geen buitenruimte. Bijgevolg wordt de aanvrager vrijgesteld van het plaatsen van een hemelwaterput. Deze vrijstelling impliceert evenwel de verplichting tot het inrichten van de nieuwe platte daken als groendak. Dit wordt opgelegd als bijzondere voorwaarde.

 

Gewestelijke verordening hemelwater

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 oktober 2004 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (zie waterparagraaf).

4.4.   Uitgeruste weg

Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gemeenteweg

.

5.       WATERPARAGRAAF

Het voorliggende project heeft een beperkte oppervlakte en ligt niet in een recent overstroomd gebied of een overstromingsgebied, zodat in alle redelijkheid wordt geoordeeld dat geen schadelijk effect op de waterhuishouding van dit gebied wordt veroorzaakt.

 

6.       PROJECT-M.E.R.-SCREENING

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004 (MER-besluit) en heeft geen betrekking op een activiteit die voorkomt op de lijst van bijlage III bij dit besluit. De opmaak van een milieueffectrapport of project-m.e.r.-screening is voor voorliggend project dan ook niet vereist.

 

7.       OPENBAAR ONDERZOEK

Het openbaar onderzoek werd gehouden van 17 september 2021 tot 16 oktober 2021.
Gedurende dit openbaar onderzoek werden geen bezwaren ingediend.

 

8.       OMGEVINGSTOETS

 

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening

 

De renovatie van de woning (hoofdgebouw en aanbouw):

 

  • De oppervlaktes en hoogtes van leefruimte, keuken en kamers voldoen aan de normering van het Algemeen Bouwreglement. Er ontbreekt echter een berging met een minimum oppervlakte van 3 m². De ruime nachthal op de eerste verdieping en het bureau op de tweede verdieping zorgen evenwel voor voldoende opbergmogelijkheden zodat hieraan tegemoet gekomen wordt.

 

  • De dakuitbouw zorgt voor een optimalisatie van het bestaande dakvolume, wat de kwaliteit van het  bureau ten goede komt. De dakuitbouw is ondergeschikt aan het bestaande dakvolume, valt binnen de gangbare afmetingen en houdt voldoende afstand tot de perceelgrenzen. De impact op de aanpalenden en bij uitbreiding de omgeving is bijgevolg beperkt.

 

  • De gevel van de aanbouw wordt hersteld en geschilderd in een lichte kleur en  er wordt nieuw  buitenschrijnwerk in hout geplaatst. De herconfiguratie van de deur- en raamopeningen brengen de gevel van deze aanbouw meer in harmonie met het hoofdgebouw dan de bestaande situatie.

De valbeveiliging op het platte dak is transparant glas dat aan de binnenzijde van de buitengevel geplaatst wordt. Door de plaats en materialisatie wordt de kroonlijsthoogte niet verhoogd. De visuele inpakt is bijgevolg zeer beperkt.

 

Deze ingrepen worden gunstig beoordeeld.

 

Het inrichten van een dakterras en een groendak op het plat dak van de aanbouw:

 

De woning beschikt momenteel over geen enkele private buitenruimte. Artikel 29bis van het Algemeen Bouwreglement stelt echter dat ‘Bij elke woning een kwalitatieve private buitenruimte hoort. [...] Een private buitenruimte moet ook een functionele minimale breedte hebben. Richtinggevend is dit 1,20 m.’

Het nieuwe dakterras realiseert 4 m² nieuwe private buitenruimte met voldoende belevingskwaliteit door zijn inplanting en afmetingen.

Het dakterras houdt voldoende afstand van aanpalende woningen en tuinen en brengt daardoor de privacy van omwonenden niet in het gedrang.

Deze ingreep wordt gunstig beoordeeld.

Dat de restruimte van het plat dak wordt ingericht als groendak werd door de bijzondere voorwaarde in vrijstelling van artikel 13 reeds opgelegd.


CONCLUSIE

Voorwaardelijk gunstig, mits voldaan wordt aan de bijzondere voorwaarden is de aanvraag in overeenstemming met de wettelijke bepalingen en verenigbaar met de goede plaatselijke aanleg.

 

Waarom wordt deze beslissing genomen?

 

 

WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?

 

Het college van burgemeester en schepenen moet over de ingediende omgevingsvergunningsaanvraag een beslissing nemen.

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.

 

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen verleent onder voorwaarden de omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning tot een eengezinswoning aan de heer Stijn Decloedt gelegen te Jakob Van Caeneghemstraat 25, 9000 Gent.

De door het college vergunde plannen zijn de plannen die op de overzichtslijst staan, die is toegevoegd als bijlage aan deze vergunning en er integraal deel van uitmaakt.

Plannen die niet op deze overzichtslijst staan, maken geen deel uit van de vergunning.

Controleer steeds of het om een goedgekeurd plan gaat.

Opgelet, er kunnen voorwaarden betrekking hebben op de plannen.

 

 

Artikel 2

Legt volgende voorwaarden op:

Bijzondere voorwaarde voor de geplande werken:

Septische put

Gelet op de aard van de verbouwing wordt een  vrijstelling verleend m.b.t. het plaatsen van een nieuwe septische put. Een eventueel bestaande septische put -zoals op het rioleringsplan getekend- moet behouden blijven en geïntegreerd worden in het nieuwe rioleringsstelsel.

De vrijstelling is gekoppeld aan deze bouwvergunning en heeft (is) geen blijvend karakter (recht) voor het perceel (zo kunnen bij toekomstige wijzigingen en verbouwingen in het kader van een bouwaanvraag andere voorwaarden gelden).

Het weglaten van een septische put brengt een groter risico mee voor verstoppingen in het buizenstelsel zelf. We adviseren dan ook om geen geheel “onbereikbaar gesloten” stelsel uit te voeren en te voorzien in voldoende controleputjes of andere toegangsmogelijkheden.

 

Groendak

de aanvrager vrijgesteld van het plaatsen van een hemelwaterput. Deze vrijstelling impliceert evenwel de verplichting tot het inrichten van de nieuwe platte daken als groendak. Het nieuw plat dak moet als groendak worden aangelegd conform artikel 14 van het algemeen bouwreglement. Een groendak is een dak dat zo gebouwd wordt dat het begroeid kan worden met planten en waar er onder die planten een buffervolume voorzien is van minimaal 35 liter per m².

 

Openbaar domein

De trapconstructie die momenteel leidt naar de (te verwijderen) deur moet worden uitgebroken. De putten die daardoor mogelijks ontstaan dienen hersteld te worden met dezelfde verharding als het trottoir.

Indien de nieuwe/te herstellen gevelafwerking van de voorgevel meer dan 1 cm buiten de rooilijn komt dient de gevel zo diep afgekapt te worden als de volledige dikte van de nieuwe bekleding. Op die manier zal het nieuwe gevelvlak, na de afwerking, de rooilijn volgen. De gevelbekleding mag in geen geval steunen op de trottoirverharding. Dit om te vermijden dat bij een toekomstige heraanleg van het trottoir de gevelbekleding beschadigd wordt. Het is eveneens aangewezen om de nieuwe gevelbekleding uit te voeren tot een tiental cm onder het maaiveld. Dit om te vermijden dat bij een toekomstige heraanleg van het trottoir op een lager peil, een deel van de muur onafgewerkt zou staan. Om dit te realiseren, is het de bouwheer toegestaan over de volledige lengte van de gevel een rij tegels van het trottoir uit te breken en deze na de gevelbezetting deskundig terug te plaatsen.

 

De afwatering van de terrassen moet aangesloten worden op het inpandig rioleringsstelsel. Spuiers die afwateren op het openbaar domein zijn niet toegelaten.

 

Riolering:

De aansluiting op het rioleringsnet is verplicht en wordt, wat betreft het gedeelte op het openbaar domein, uitgevoerd door FARYS. Een aanvraag tot het bekomen van een huisaansluiting moet ingediend worden bij FARYS via www.farys.be/nl/rioolaansluiting of verstuurd worden naar Stropstraat 1 te 9000 Gent.

 

De afvoer van het regen- en afvalwater moeten op kosten en op risico van de bouwheer, binnen zijn eigen terrein uitgevoerd worden. Het afvoeren kan hetzij door natuurlijke afloop, hetzij door oppompen.

 

Een bestaande aansluiting of een wachtaansluiting dient in regel gebruikt/ (her)bruikt te worden. De locatie en de diepteligging ervan zijn bindend. De bestaande aansluiting dient ter hoogte van de rooilijn opgezocht, opgemeten en gemarkeerd te worden. Indien ze (tijdelijk) niet in dienst blijft is het de taak van de bouwheer om deze ter hoogte van de rooilijn dicht te maken om elke instroom te vermijden.

Bij een nieuwe huisaansluiting wordt het traject bepaald in overleg tussen rioolbeheerder en klant. De algemene veiligheid, de instandhouding en de normale werking van de elementen van de huisaansluiting moeten verzekerd zijn en het toezicht, de controle en het onderhoud moeten gemakkelijk uitgevoerd kunnen worden. Voor de diepteligging dient er rekening mee gehouden te worden dat de huisaansluiting in regel door FARYS wordt gerealiseerd vóór aanleg van de privéwaterafvoer op een maximale diepte van 50 cm onder het maaiveld. Indien de diepteligging van de hoofdriolering of (kruisen van de) nutsleidingen deze diepte niet toelaten, zal de huisaansluiting op de meest haalbare diepte worden aangelegd.

 

De aanvrager dient zich te houden aan de bepalingen van het Bijzonder Waterverkoopreglement huisaansluitingen. Dit reglement is terug te vinden op www.farys.be/wettelijke-bepalingen.

De bijzondere aandacht wordt gevestigd op :

* De openbare riolering kan onder druk komen tot het maaiveld niveau, wat neerkomt op een stijging van het waterpeil in de buizen en de aansluitingen (code van goede praktijk voor  rioleringssystemen : www.vmm.be/wetgeving/code-van-goede-praktijk-voor-rioleringssystemen).

De bouwheer moet hier dan ook rekening mee houden bij de aanleg van (en de aansluitingen op) zijn privéwaterafvoer. Het Stadsbestuur kan onder geen enkele voorwaarde aansprakelijk gesteld worden voor schade door wateroverlast die een gevolg is van een onoordeelkundige aanleg van de privéwaterafvoer.

* Door de aanleg van gescheiden rioleringsstelsels, zowel op openbaar als op privaat domein, kan er sneller geurhinder ontstaan als gevolg van het geconcentreerde (onverdunde) afvalwater.

De aanvrager dient bij geurhinder op eigen initiatief en kosten elke instroomopening op zijn privéwaterafvoer door middel van een waterslot geurdicht af te schermen.

Om geurhinder als gevolg van de eigen private riolering te reduceren werden er enkele richtlijnen opgesteld, die u via deze link kan terugvinden: www.farys.be/richtlijnengeurhinder.

De interne riolering moet zo ontworpen worden dat een toekomstige aansluiting op een gescheiden rioleringsstelsel mogelijk is (afzonderlijke aansluitingen voor regenwater en afvalwater).

Er is nog geen aparte regenwaterafvoer (RWA)-aansluiting mogelijk. Voor zover het niet mogelijk is om het regenwater ter plaatse te laten infiltreren is de RWA-leidingen naar de straat te voorzien als wachtaansluiting. Voorlopig moeten het regen- en afvalwater gezamenlijk naar de riolering afgevoerd worden. Bovendien moeten de RWA-, en DWA-afvoeren naast elkaar worden aangeboden met een tussenafstand van 40 tot 60 cm. Hierbij loopt het DWA-gedeelte in een rechte lijn door naar de openbare riolering.

 

Bij een toekomstige aanleg van het openbaar domein zal de riolering gescheiden worden.

De keuring van de privéwaterafvoer is verplicht volgens het Algemeen Waterverkoopreglement bij aanbouw en/of het voorzien van een nieuwe aansluiting. Meer informatie vindt u op www.farys.be/keuring-privewaterafvoer

 

De regenwaterpijp op de straatgevel mag maximaal 10 cm uitspringen. Deze moet onderaan, tot 1 m hoogte, uitgevoerd worden in gietijzer of in een ander materiaal dat evengoed bestand is tegen breuk of blijvende beschadiging.

In tegenstelling met de huidige toestand (waar de regenwaterpijp op het trottoir uitmondt) dient de regenwaterpijp (welke verder dan 1,5 m van de rioolvertakking verwijderd is), binnenshuis op het interne rioleringssysteem aangesloten worden. Langsleidingen op het openbaar domein worden immers niet toegestaan.

Voor het plaatsen van een regenwaterpijp op de straatgevel moet een vergunning inname openbaar domein aangevraagd en bekomen worden. Het aanvraagformulier kan u downloaden via de website www.stad.gent (typ regenwaterafvoerpijp in het zoekveld). Dit ingevulde formulier kan u mailen naar innames@stad.gent, opsturen per post naar Dienst Wegen, bruggen en waterlopen, afdeling Innames publieke ruimte, Botermarkt 1, 9000 Gent of afgeven aan de Balie Bouwen, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent.

 

 

Artikel 3

Wijst de aanvrager op volgende aandachtspunten:

Openbaar domein

De bouwheer is steeds verantwoordelijk voor beschadigingen aan de verhardingen van de openbare weg, trottoirs, boordstenen, (straat)kolken en de rijweg, die te wijten zijn aan de bouwactiviteit. De dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen herstelt deze beschadigingen op kosten van de bouwheer.

 

De vergunninghouder moet voor de aanvang van de werken een tegensprekelijke plaatsbeschrijving opmaken van de omliggende trottoirs en wegenis met bijzondere aandacht voor de (straat)kolken.

Deze dient bezorgd te worden aan de dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Administratief Centrum, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00, via e-mail: tdwegen@stad.gent of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.

U kan dit door een architect of landmeter laten doen maar u mag dit ook zelf opnemen. (u maakt een aantal algemene foto’s vergezeld van detailfoto’s met reeds aanwezige schade aan het openbaar domein. Bij elke foto zet u een beschrijving en u voegt een plannetje toe met aanduiding van de positie van de foto’s).

 

Voor het wegnemen en terugplaatsen van de distributiekabel die zich op de gevel bevindt, moet contact worden opgenomen met Telenet, tel. 015 66 66 66.

 

In functie van de werfzone op het openbaar domein is een vergunning Inname Publieke Ruimte noodzakelijk. U vraagt dit digitaal aan via de website www.stad.gent (typ tijdelijke werfzone in het zoekveld). U dient er rekening mee te houden dat de behandeling van deze aanvraag een bepaalde doorlooptijd nodig heeft (zie ook website).