Terug
Gepubliceerd op 10/12/2021

2021_CBS_06511 - OMV_2021104548 R - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning - met openbaar onderzoek - Tijl Uilenspiegelstraat 7, 9050 Gentbrugge - Vergunning

college van burgemeester en schepenen
do 09/12/2021 - 08:31 Virtueel - via Microsoft Teams
Datum beslissing: do 09/12/2021 - 09:21
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Filip Watteeuw

Aanwezig

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter; Filip Watteeuw, schepen; Sofie Bracke, schepen; Elke Decruynaere, schepen; Astrid De Bruycker, schepen; Sami Souguir, schepen; Tine Heyse, schepen; Isabelle Heyndrickx; Annelies Storms, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Rudy Coddens, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Luc Kupers, adjunct-algemeendirecteur; Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Secretaris

Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Voorzitter

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter
2021_CBS_06511 - OMV_2021104548 R - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning - met openbaar onderzoek - Tijl Uilenspiegelstraat 7, 9050 Gentbrugge - Vergunning 2021_CBS_06511 - OMV_2021104548 R - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning - met openbaar onderzoek - Tijl Uilenspiegelstraat 7, 9050 Gentbrugge - Vergunning

Motivering

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

 

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.

 

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

 

Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 56.
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 15.

 

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

 

Het college van burgemeester en schepenen verleent de vergunning en legt bijzondere voorwaarden op.

 

WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?

 

Mevrouw Lieselotte Bommerez met als contactadres Tijl Uilenspiegelstraat 7, 9050 Gent heeft een aanvraag (OMV_2021104548) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 5 juli 2021.

 

De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen handelt over:

Onderwerp: het verbouwen van een eengezinswoning

• Adres: Tijl Uilenspiegelstraat 7, 9050 Gentbrugge

Kadastrale gegevens: afdeling 21 sectie A nr. 595T

 

Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 23 juli 2021.

De aanvraag volgde de gewone procedure.
Op 03/09/2021 werd een wijzigingsverzoek ingediend. Op 13/09/2021 werd dit wijzigingsverzoek aanvaard en er werd beslist dat er een nieuw openbaar onderzoek gevoerd moest worden. De uiterste beslissingsdatum werd hierdoor verlengd met 60 dagen.

 

Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 30 november 2021.

 

OMSCHRIJVING AANVRAAG

1.       BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT

De te verbouwen woning is gelegen op de hoek van de Tijl Uilenspiegelstraat met de Nelestraat, aan de rand van Gentbrugge. De betreffende woning is gelegen in een verkaveling met open bebouwingen. De vrijstaande woning met inpandige garage, vergund in 1976, bestaat uit één bouwlaag met een hellend dak.

 

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

Huidige aanvraag betreft een verbouwing van de bestaande woning. Ter hoogte van het eerste verdiep wordt een dakuitbouw voorzien met plat dak. De dakuitbouw start op de rechter puntgevel en heeft een breedte van 8,88 m. De wanden zullen basis vinden vanop de bestaande muren van het hoofdvolume. De dakuitbouw heeft een hoogte van 6,31 m. In de voor- en achtergevel worden raamopeningen voorzien. De dakuitbouw wordt afgewerkt met donker gekleurde Trespa-platen, het buitenschrijnwerk wordt voorzien in zwart aluminium. Voor het overige worden enkele binnenmuren op de verdieping aangepast.

2.       HISTORIEK

Volgende vergunningen, meldingen en/of weigeringen zijn bekend:

Stedenbouwkundige vergunningen

* Op 23/04/1979 werd een vergunning afgeleverd voor het bouwen van een alleenstaande woning. (Litt. L-17-79 (1979 GB 608/10))

 

Verkavelingsvergunningen

* Op 14/06/1976 werd een vergunning afgeleverd voor een nieuwe verkaveling. (1976 GB 044/00)

3.       WIJZIGINGSAANVRAAG

Op 03/09/2021 werd een wijzigingsverzoek ingediend naar aanleiding van een bezwaar. Het aangepaste ontwerp verkleint de raamopeningen in de achtergevel om de inkijk naar de aanpalenden te beperken. De raamdorpel wordt met 25 cm verhoogd. Op 13/09/2021 werd dit wijzigingsverzoek aanvaard en er werd beslist dat er een nieuw openbaar onderzoek gevoerd moest worden. De uiterste beslissingsdatum werd hierdoor verlengd met 60 dagen.

 

BEOORDELING AANVRAAG

4.       EXTERNE ADVIEZEN

Overeenkomstig artikel 35 van het omgevingsvergunningsbesluit zijn er geen externe adviezen vereist.

5.       TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN

5.1.   Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg

Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening grootstedelijk gebied Gent' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 16 december 2005), maar niet in een gebied waarvoor er stedenbouwkundige voorschriften zijn bepaald.

Het project ligt in het bijzonder plan van aanleg LUSTHOFWIJK, goedgekeurd op 13 april 1989, en is bestemd als zone voor koeren en tuinen, zone voor open bebouwing en zone voor voortuinstroken (bouwvrije stroken).


De aanvraag is niet in overeenstemming met de voorschriften. De aanvraag wijkt af op de volgende voorschriften:

  • Dakvorm & dakhelling: hellend dak met een dakhelling begrepen tussen 30° en 60°.
  • Bouwhoogte: een bouwlaag heeft een min. hoogte van 2,70 m en een max. hoogte van 3,20 m gemeten vanaf het peil op de rooilijn tot de bovenkant van de kroonlijst.

 

Artikel 4.4.9/1 van de Vlaamse codex ruimtelijk ordening bepaalt dat het vergunningverlenende bestuursorgaan bij het afleveren van een omgevingsvergunning mag afwijken van de stedenbouwkundige voorschriften van een bijzonder plan van aanleg, voor zover dit plan ouder is dan 15 jaar en mits het in acht nemen van een aantal voorwaarden. Artikel 4.3.1, § 1, 1° bepaalt tevens dat de toetsing aan de goede ruimtelijke ordening onverminderd blijft gelden. Een afwijking kan bijgevolg enkel toegestaan worden indien deze uitgaat van de goede ruimtelijke ordening, waarbij het ‘verhogen van het ruimtelijk rendement’ een nieuw onderdeel is.

 

Om de kansen die deze verruimde afwijkingsmogelijkheden bieden te stroomlijnen met de principes van Ruimte voor Gent (het ruimtelijk structuurplan), werd de beleidsnota Ruimtelijk rendement in relatie tot Ruimte voor Gent opgesteld. In deze beleidsnota worden per deelruimte (binnenstad, kernstad, groeistad, buitengebied) de principes van het BPA waarop al dan niet kan afgeweken worden, besproken. Deze afweging wordt telkens gemaakt in relatie tot de principes van Ruimte voor Gent.

De toetsing met de goede ruimtelijke ordening en het beleidskader Ruimtelijk rendement in relatie tot Ruimte voor Gent kan teruggevonden worden onder de rubriek ‘Omgevingstoets’. Voor deze aanvraag betreft dit een positieve evaluatie:

De dakuitbouw zorgt ervoor dat de dakverdieping optimaal benut kan worden. Dit kan door de hoogte van de dakuitbouw gelijk te trekken met de nokhoogte van het bestaande dak en deze te voorzien van een plat dak. Hierdoor ontstaat een beperkte tweede bouwlaag. Een afwijking op het BPA is mogelijk aangezien de dakuitbouwen in het teken staan van het verhogen van het ruimtelijk rendement. De dakuitbouw houdt genoeg afstand, nl. 3,73 m, tot de zijdelingse perceelsgrenzen om geen hinder te veroorzaken voor de aanpalenden. De dakuitbouw staat in verhouding tot de schaal van de omliggende woningen die gekenmerkt worden door één à twee volwaardige bouwlagen. De impact van de dakuitbouw op de omgevings is bijgevolg beperkt.

5.2.   Vergunde verkavelingen

De aanvraag is gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling (ref. nr. 1976 GB 044/00  van 14/06/1976). De aanvraag heeft betrekking op lot 14. De zonering volgens deze verkaveling is strook voor voortuinen, strook voor open bebouwing met maximum één bovenverdieping en strook voor koeren en hovingen.


De stedenbouwkundige voorschriften van het BPA Lusthofwijk zijn op dit verkavelingsplan van toepassing. De aanvraag is niet in overeenstemming met de voorschriften van de verkaveling (zie hierboven 5.1).

5.3.   Verordeningen

Algemeen bouwreglement

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het algemeen bouwreglement, stedenbouwkundige verordening van de stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en gewijzigd bij besluiten van de deputatie van 29 mei 2008, 23 oktober 2008, 19 augustus 2010, 4 oktober 2012 en 17 juli 2014, zevende wijziging van kracht op 20 december 2020.

 

Het ontwerp is niet in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement. Het wijkt af op de volgende artikels:

 

Artikel 12: Beperken van verhardingen

Dit artikel stelt dat het verharden van oppervlaktes tot een minimum beperkt moet worden, uiteraard om de problematiek van wateroverlast en verdroging zoveel mogelijk te voorkomen. De strikt noodzakelijke verhardingen moeten waar mogelijk als verharding met natuurlijke infiltratie of als waterdoorlatende verharding aangelegd worden.

 

Als maatstaf voor het aanleggen van verharding wordt het vrijstellingsbesluit gehanteerd. Dit betekent voor de voortuin dat enkel strikt noodzakelijke verharding wordt toegestaan. Dit wil zeggen een oprit die leidt tot een garage en eventueel een pad tot de voordeur. Voorgesteld ontwerp verhard ca. 107 m² in de voortuin, wat meer dan het strikt noodzakelijke is. Naast een brede oprit wordt ook nog een bijkomend deel van de voortuin verhard en ingericht als autostaanplaats. Op het perceel zal enkel één oprit worden toegestaan. De bijkomende verharding in de voortuin dient verwijderd te worden (zie aanduiding plannenset). Het overige gedeelte van de voortuin zal als groene tuinzone aangelegd moeten worden. Dit wordt opgelegd als bijzondere voorwaarde.

 

Artikel 14: Groendak

De aanvraag is niet in overeenstemming met artikel 14 van dit reglement. Dit artikel verplicht elke nieuwe dakoppervlakte met een hellingsgraad tot 15 graden aan te leggen als een groendak bij nieuwbouw, herbouw en bij verbouwing (al dan niet met uitbreiding). Deze verplichting geldt niet indien de uitbreiding aangesloten wordt op een al dan niet bestaande hemelwaterput. Het hergebruik van het hemelwater heeft een zekere bufferende werking door de vertraagde afvoer van het perceel van dit herbruikt hemelwater. Het opgevangen hemelwater mag dus niet rechtstreeks worden afgevoerd naar de openbare riolering.

 

Om conform het algemeen bouwreglement te zijn moet het dakoppervlak van de uitbreiding aangelegd worden als groendak of aangesloten worden op een al dan niet bestaande hemelwaterput. Dit zal opgelegd worden al bijzondere voorwaarde. 

 

Gewestelijke verordening hemelwater

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 oktober 2004 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (zie waterparagraaf).

5.4.   Uitgeruste weg

Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gemeenteweg.

 

6.       WATERPARAGRAAF

Het voorliggende project heeft geen omvangrijke oppervlakte en ligt niet in een recent overstroomd gebied of een overstromingsgebied, zodat in alle redelijkheid wordt geoordeeld dat het schadelijk effect op de waterhuishouding van dit gebied beperkt is. Enkel wordt door de toename van de verharde oppervlakte de infiltratie van het hemelwater in de bodem plaatselijk beperkt.

 

Conform het algemeen bouwreglement artikel 14 moet dit gecompenseerd worden met de aanleg van een groendak. Artikel 14 bepaalt immers dat elke nieuwe dakoppervlakte met een hellingsgraad tot 15 graden aangelegd moet worden als groendak bij nieuwbouw, herbouw en bij verbouwing (al dan niet met uitbreiding). Deze verplichting geldt niet indien de uitbreiding aangesloten wordt op een al dan niet bestaande hemelwaterput. Het hergebruik van het hemelwater heeft een zekere bufferende werking door de vertraagde afvoer van het perceel van dit herbruikt hemelwater. Het opgevangen hemelwater mag dus niet rechtstreeks worden afgevoerd naar de openbare riolering.

 

Als bijzondere voorwaarde zal worden opgelegd dat het plat dak aangelegd dient te worden als groendak of dat het dakoppervlak dient aangesloten te worden op een al dan niet bestaande hemelwaterput.

7.       PROJECT-M.E.R.-SCREENING

De aanvraag heeft geen milieueffectrapport of project-MER-screening nodig.

8.       OPENBAAR ONDERZOEK

Het openbaar onderzoek werd gehouden van 2 augustus 2021 tot 31 augustus 2021.
Gedurende dit openbaar onderzoek werd 1 bezwaar ingediend.

 

Een tweede openbaar onderzoek werd gehouden naar aanleiding van een wijzigingslus van 21 september 2021 tot 20 oktober 2021.

 

Naar aanleiding van een bezwaar werd een gewijzigde projectinhoudversie ingediend. Het aangepaste ontwerp verkleint de raamopeningen in de achtergevel om de inkijk naar de aanpalenden te beperken. De raamdorpel wordt met 25 cm verhoogd.


Gedurende dit openbaar onderzoek werd 1 bezwaar ingediend.

 
De bezwaren worden als volgt samengevat:

  • De dakuitbouw zal heel wat licht en zonlicht voor de aanpalenden wegnemen.
  • Het zicht zal worden verminderd door de hoogte van de dakuitbouw.
  • De ramen die worden voorzien in de dakuitbouw hebben een negatief effect op de privacy van de omwonenden. Door de ramen wordt rechtstreekse inkijk gecreëerd in de woningen van de buren.


Naar aanleiding van het stedenbouwkundig onderzoek van deze aanvraag worden de bezwaren als volgt besproken:

De dakuitbouw wordt op 3,73 m afstand van de rechterperceelsgrens voorzien. Dit is voldoende afstand om het verlies aan bezonning in te perken. Daarnaast is een zeker verlies aan lichtinval onvermijdelijk, toch zal dit bezonningsverlies niet van die aard zijn dat de lichtinval de woonkwaliteit van de aanpalende woningen ernstig zal schaden. Een hoogte van 6,31 m (zelfde als nokhoogte woning) kan ingepast worden in de omgeving. De dakuitbouw staat in verhouding tot de schaal van de omliggende woningen die gekenmerkt worden door één à twee volwaardige bouwlagen. Tot slot is de inkijk vanuit de ramen in deze achterbouw niet van die mate dat gesproken kan worden van inbreuken op de privacy van de aanpalende buren. Het burgerlijk wetboek wordt inzake lichten en zichten gerespecteerd. Het bezwaar is niet gegrond.

9.       OMGEVINGSTOETS

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening
De aanvraag betreft het verbouwen van de bestaande eengezinswoning. Ter hoogte van de verdieping zal een dakuitbouw worden gerealiseerd.

 

De geplande dakuitbouw heeft als doel het uitbreiden van de nuttige vloeroppervlakte van de slaapkamers, bureau en badkamer op de verdieping van de woning. De dakuitbouw zorgt ervoor dat de dakverdieping optimaal benut kan worden. Dit kan door de hoogte van de dakuitbouw gelijk te trekken met de nokhoogte van het bestaande dak en deze te voorzien van een plat dak. Hierdoor ontstaat een beperkte tweede bouwlaag.

 

De dakuitbouw is niet in overeenstemming met het geldende BPA Lusthofwijk. Men wijkt af van de bouwhoogte en de dakvorm. Een afwijking op het BPA is mogelijk aangezien de dakuitbouwen in het teken staan van het verhogen van het ruimtelijk rendement. De dakuitbouw houdt genoeg afstand, nl. 3,73 m, tot de zijdelingse perceelsgrenzen om geen hinder te veroorzaken voor de aanpalenden. De dakuitbouw staat in verhouding tot de schaal van de omliggende woningen die gekenmerkt worden door één à twee volwaardige bouwlagen. De impact van de dakuitbouw op de omgevings is bijgevolg beperkt.

 

De dakuitbouw is niet in overeenstemming met het algemeen bouwreglement. Volgens artikel 14 moet bij verbouwing (al dan niet met uitbreiding) elke nieuwe dakoppervlakte met een hellingsgraad tot 15 graden aangelegd worden als een groendak. Deze verplichting geldt niet indien de uitbreiding aangesloten wordt op een al dan niet bestaande hemelwaterput. Het hergebruik van het hemelwater heeft een zekere bufferende werking door de vertraagde afvoer van het perceel van dit herbruikt hemelwater. Het opgevangen hemelwater mag dus niet rechtstreeks worden afgevoerd naar de openbare riolering. Als bijzondere voorwaarde zal worden opgelegd dat het plat dak aangelegd dient te worden als groendak of dat het dakoppervlak dient aangesloten te worden op een al dan niet bestaande hemelwaterput.

 

Gezien de uitbouw een gunstig effect heeft op de woonkwaliteit van de slaapkamers, bureau en badkamer en ruimtelijk inpasbaar is in de onmiddellijke omgeving, kan de aanvraag vanuit het oogpunt van de goede ruimtelijke ordening worden aanvaard.

 

Verder dient opgemerkt te worden dat het ontwerp ook niet in overeenstemming is met artikel 12 van het algemeen bouwreglement aangaande het beperken van verhardingen. Voorgesteld ontwerp verhard ca. 107 m² in de voortuin wat meer dan het strikt noodzakelijke is. Naast een brede oprit wordt ook nog een bijkomend deel van de voortuin verhard en ingericht als autostaanplaats. Op het perceel zal enkel één oprit worden toegestaan. De bijkomende verharding in de voortuin dient verwijderd te worden (zie aanduiding plannenset). Het overige gedeelte van de voortuin zal als groene tuinzone aangelegd moeten worden. Dit wordt opgelegd als bijzondere voorwaarde.


CONCLUSIE

Voorwaardelijk gunstig, mits voldaan wordt aan de bijzondere voorwaarden is de aanvraag in overeenstemming met de wettelijke bepalingen en verenigbaar met de goede plaatselijke aanleg.
 

 

Waarom wordt deze beslissing genomen?

 

 

WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?

 

Het college van burgemeester en schepenen moet over de ingediende omgevingsvergunningsaanvraag een beslissing nemen.

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.

 

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen verleent onder voorwaarden de omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning aan mevrouw Lieselotte Bommerez gelegen te Tijl Uilenspiegelstraat 7, 9050 Gentbrugge.

De door het college vergunde plannen zijn de plannen die op de overzichtslijst staan, die is toegevoegd als bijlage aan deze vergunning en er integraal deel van uitmaakt.

Plannen die niet op deze overzichtslijst staan, maken geen deel uit van de vergunning.

Controleer steeds of het om een goedgekeurd plan gaat.

Opgelet, er kunnen voorwaarden betrekking hebben op de plannen.

 


Artikel 2

Legt volgende voorwaarden op:

Bijzondere voorwaarde voor de geplande werken:

Groendak OF hemelwaterput:

  • Het platte dak dient aangelegd te worden als groendak. Een groendak is een dak dat zo gebouwd wordt dat het begroeid kan worden met planten en waar er onder die planten een buffervolume voorzien is van minimaal 35 liter per m².

OF

  • Het platte dak dient aangesloten te worden op een al dan niet bestaande hemelwaterput. Het hergebruik van het hemelwater heeft een zekere bufferende werking door de vertraagde afvoer van het perceel van dit herbruikt hemelwater. Het opgevangen hemelwater mag dus niet rechtstreeks worden afgevoerd naar de openbare riolering.

 

Verharding:

Op het perceel zal enkel één oprit worden toegestaan. De bijkomende verharding in de voortuin dient verwijderd te worden (zie aanduiding plannenset). Het overige gedeelte van de voortuin zal als groene tuinzone aangelegd moeten worden.

 

Riolering:

De aansluiting op het rioleringsnet is verplicht en wordt, wat betreft het gedeelte op het openbaar domein, uitgevoerd door FARYS. Een aanvraag tot het bekomen van een huisaansluiting moet ingediend worden bij FARYS via www.farys.be/nl/rioolaansluiting of verstuurd worden naar Stropstraat 1 te 9000 Gent.

 

De afvoer van het regen- en afvalwater moeten op kosten en op risico van de bouwheer, binnen zijn eigen terrein uitgevoerd worden. Het afvoeren kan hetzij door natuurlijke afloop, hetzij door oppompen.

 

Een bestaande aansluiting of een wachtaansluiting dient in regel gebruikt/ (her)bruikt te worden. De  locatie en de diepteligging ervan zijn bindend. De bestaande aansluiting dient ter hoogte van de rooilijn opgezocht, opgemeten en gemarkeerd te worden. Indien ze (tijdelijk) niet in dienst blijft is het de taak van de bouwheer om deze ter hoogte van de rooilijn dicht te maken om elke instroom te vermijden.

Bij een nieuwe huisaansluiting wordt het traject bepaald in overleg tussen rioolbeheerder en klant. De algemene veiligheid, de instandhouding en de normale werking van de elementen van de huisaansluiting moeten verzekerd zijn en het toezicht, de controle en het onderhoud moeten gemakkelijk uitgevoerd kunnen worden. Voor de diepteligging dient er rekening mee gehouden te worden dat de huisaansluiting in regel door FARYS wordt gerealiseerd vóór aanleg van de privéwaterafvoer op een maximale diepte van 50 cm onder het maaiveld. Indien de diepteligging van de hoofdriolering of (kruisen van de) nutsleidingen deze diepte niet toelaten, zal de huisaansluiting op de meest haalbare diepte worden aangelegd.

 

Bij een toekomstige aanleg van het openbaar domein zal de riolering gescheiden worden.

De keuring van de privéwaterafvoer is verplicht volgens het Algemeen Waterverkoopreglement bij aanbouw en/of het voorzien van een nieuwe aansluiting. Meer informatie vindt u op www.farys.be/keuring-privewaterafvoer

 

Er moet blijvend voorzien worden in een septische put.

 

Openbaar domein:

Oprit:

Het is de bouwheer nooit toegestaan geweest om zelf opritten of paden aan te leggen op het openbaar domein. Er zal slechts één oprit met een breedte van maximum 3 meter op het openbaar domein worden toegestaan. Alle parkeerplaatsen op het private domein moeten via deze oprit bereikbaar zijn.

 

Na het beëindigen van de werken zal de oprit op het openbaar domein aangelegd worden door de Stad Gent op kosten van de bouwheer volgens het geldende retributiereglement. Opritten op openbaar domein, die niet aangelegd zijn door de stad worden opgebroken. Dit dient, na de werken, verplicht aangevraagd te worden, het aanvraagformulier kan u downloaden via de website www.stad.gent (typ trottoirs en opritten in het zoekveld).

Dit document dient bezorgd te worden aan de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Administratief Centrum, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00, via mail: tdwegen@stad.gent. Of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.

 

De openbare, groene bermen mogen in geen geval verhard worden, ook verhardingen in steenslag zijn niet toegelaten. In het geval van inbreuken kan de stad deze verhardingen opbreken op kosten van de bouwheer.

 

Het privédomein moet op de rooilijn zichtbaar en fysiek afgescheiden zijn van het openbaar domein (bijvoorbeeld door middel van een dorpel, haag, afsluiting, verschil in materialen etc.).

 

 

Artikel 3

Wijst de aanvrager op volgende aandachtspunten:

Openbaar domein:

De bouwheer is steeds verantwoordelijk voor beschadigingen aan de verhardingen van de openbare weg, trottoirs, boordstenen, (straat)kolken en de rijweg, die te wijten zijn aan de bouwactiviteit. De dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen herstelt deze beschadigingen op kosten van de bouwheer.

 

De vergunninghouder moet voor de aanvang van de werken een tegensprekelijke plaatsbeschrijving opmaken van de omliggende trottoirs en wegenis met bijzondere aandacht voor de (straat)kolken. Deze dient bezorgd te worden aan de dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Administratief Centrum, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00, via e-mail:tdwegen@stad.gent of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.

U kan dit door een architect of landmeter laten doen maar u mag dit ook zelf opnemen. (u maakt een aantal algemene foto’s vergezeld van detailfoto’s met reeds aanwezige schade aan het openbaar domein. Bij elke foto zet u een beschrijving en u voegt een plannetje toe met aanduiding van de positie van de foto’s).