Terug
Gepubliceerd op 28/01/2022

2022_CBS_00947 - OMV_2021158422 R - aanvraag omgevingsvergunning voor het slopen/verwijderen van resterende gebouwen, constructies en verhardingen na een brand bij een voormalig voedselverwerkingsbedrijf - zonder openbaar onderzoek - Skaldenstraat 112, 9042 Desteldonk - Vergunning

college van burgemeester en schepenen
do 27/01/2022 - 08:31 Virtueel - via Microsoft Teams
Datum beslissing: do 27/01/2022 - 09:00
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Filip Watteeuw

Aanwezig

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter; Filip Watteeuw, schepen; Sofie Bracke, schepen; Elke Decruynaere, schepen; Sami Souguir, schepen; Isabelle Heyndrickx, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Hafsa El-Bazioui, schepen; Rudy Coddens, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Luc Kupers, adjunct-algemeendirecteur; Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Verontschuldigd

Astrid De Bruycker, schepen; Tine Heyse, schepen

Secretaris

Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Voorzitter

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter
2022_CBS_00947 - OMV_2021158422 R - aanvraag omgevingsvergunning voor het slopen/verwijderen van resterende gebouwen, constructies en verhardingen na een brand bij een voormalig voedselverwerkingsbedrijf - zonder openbaar onderzoek - Skaldenstraat 112, 9042 Desteldonk - Vergunning 2022_CBS_00947 - OMV_2021158422 R - aanvraag omgevingsvergunning voor het slopen/verwijderen van resterende gebouwen, constructies en verhardingen na een brand bij een voormalig voedselverwerkingsbedrijf - zonder openbaar onderzoek - Skaldenstraat 112, 9042 Desteldonk - Vergunning

Motivering

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

 

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.

 

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

 

Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 56.
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 15.

 

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

 

Het college van burgemeester en schepenen verleent de vergunning en legt bijzondere voorwaarden op.

 

WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?

 

Locks NV met als contactadres Skaldenstraat 112, 9042 Gent heeft een aanvraag (OMV_2021158422) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 19 november 2021.

 

De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen handelt over:

Onderwerp: het slopen/verwijderen van resterende gebouwen, constructies en verhardingen na een brand bij een voormalig voedselverwerkingsbedrijf

• Adres: Skaldenstraat 112, 9042 Desteldonk

Kadastrale gegevens: afdeling 13 sectie B nr. 395K

 

Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 3 december 2021.

De aanvraag volgde de vereenvoudigde procedure.

Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 18 januari 2022.

 

OMSCHRIJVING AANVRAAG

1.       BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

Het terrein van de aanvraag is gelegen in de Skaldenstraat. De omgeving wordt enerzijds gekenmerkt door een grootschalige industriezone aan de westkant en anderzijds door een openruimtegebied aan de oostkant. Op het perceel in kwestie bevond zich een voedselverwerkingsbedrijf dat afbrandde.

 

De aanvraag betreft het slopen en verwijderen van de resterende gebouwen, constructies en verhardingen op de site. De nog aanwezige betonverharding, klinkers, asfalt en vloerplaat worden opgebroken. De resterende bebouwing zal worden gesloopt. Hierna zal het puin gebruikt worden om het terrein bouwrijp te maken. De technische installatie in de zuidelijke hoek van het perceel blijft behouden.

2.       HISTORIEK

Volgende vergunningen, meldingen en/of weigeringen zijn bekend:

Omgevingsvergunningen

  • Op 05/10/2021 werd een melding ongegrond/niet rechtsgeldig  bevonden voor het exploiteren van een mobiele breekinstallatie (OMV_2021152722).

 

BEOORDELING AANVRAAG

3.       EXTERNE ADVIEZEN

Volgend extern advies is gegeven:  

 

Voorwaardelijk gunstig advies van North Sea Port afgeleverd op 17 december 2021 onder ref. 2021-263:
Wij verwijzen naar uw bovenvermelde adviesvraag via het Omgevingsloket van 3/12/2021 met referentie OMV_2021158422.

 

De werken worden uitgevoerd op gronden in eigendom van North Sea Port en zijn in concessie gegeven aan de aanvrager.

 

De werken aan de Skaldenstraat 112 - Gent kunnen gunstig worden geadviseerd, mits er met volgende voorwaarden rekening wordt gehouden:

 

Algemeen 

* Schade aan het terrein, aan de verhardingen en de bermen die te wijten is aan de uitvoering van de werken dient door de aanvrager te worden hersteld in zijn oorspronkelijke toestand. Het onderhoud van de wegherstellingen en van de gedichte sleuven valt gedurende 2 jaar ten laste van de aanvrager.

* Tijdens en na de uitvoering van de werken dient de weg steeds proper gehouden te worden omwille van de verkeersveiligheid.

* Alle grondresten, afval, restmaterialen en dergelijke, die afkomstig zijn van de werken dienen te worden verwijderd.

* De aanvrager is verantwoordelijk t.o.v. North Sea Port en derden voor alle schade en nadelen die voortvloeien uit deze toelating.

* De werken geschieden in synergie met de omliggende bedrijven, communicatie en beperking van de hinder worden met de omliggende bedrijven besproken en overeengekomen.

* De inritten naar de aangelegen bedrijven dienen te allen tijde toegankelijk te blijven. Bij mogelijke hinder dienen de nodige afspraken in gezamenlijk overleg met deze bedrijven te worden gemaakt.

* Voor de aanvang der werken dient met alle betrokken partijen een gedetailleerde tegensprekelijke plaatsbeschrijving van de zone der werken opgemaakt te worden.

 

Leidingen 

* Voor de bestaande nutsleidingen in de buurt van de werken, verwijzen wij naar https://overheid.vlaanderen.be/producten-diensten/kabel-en-leidinginformatieportaal-klip. North Sea Port neemt hierin geen enkele verantwoordelijkheid.

* De aanleg van de leidingen dient uitgevoerd te worden met minimale wegonderbreking en verkeershinder.

* De doorgangsmogelijkheden voor alle verkeer zijn gedurende de werken te vrijwaren. Plaatselijke omleidingen, onderbrekingen of wegversmallingen dienen met de nodige wegsignalisatie te worden aangeduid. Hiervoor dient u vooraf de goedkeuring te bekomen bij stad Gent. Alle aanvraagformulieren en gegevens vindt u terug op www.gent.be/start2signal.

* Indien er een dwarsing met de gracht/ het kanaal langsheen de in te vullen straat geschiedt hetzij door middel van onderboring, dient er een minimum dekking te worden aangehouden van 1 m onder het laagste punt van de bodem.

* De rioleringsonderdelen, -buizen en aansluitingen hierop dienen intact en in bedrijf te worden gehouden.

* De werken geschieden in synergie met de andere eigenaars van ondergrondse nutsvoorzieningen welke in het kader van de geplande wegenwerken hun leidingen dienen te verplaatsen of aan te passen.

* De uitvoeringsperiode van eventuele omleidingen dienen afgestemd te worden met de andere werken welke gelijktijdig in uitvoering zijn.

* De uitvoeringsdetails van de riolering/kruising/doorgang dienen vooraf aan de afdeling Infrastructuur van North Sea Port ter goedkeuring te worden voorgelegd.

* Minstens 5 werkdagen voor de aanvang van de werken verwittigt u de afdeling Infrastructuur van North Sea Port schriftelijk of per mail (adviezen@northseaport.com)

 

Stedenbouwkundig 

* Bij het lozen van regen- en afvalwater dienen de geldende wettelijke bepalingen te worden gevolgd. Een voorstel van de aansluiting op het rioleringssysteem dient voorafgaand de start der werken ter goedkeuring aan North Sea Port te worden voorgelegd.

* De aansluiting op de openbare gracht dient van de nodige grachtbeschoeiing voorzien te worden zodat de gracht tegen uitspoeling beschermd is.

* Na de werken aan de lozingen op de gracht dient alles hersteld, opgeruimd en gedurende 2 jaar onderhouden te worden.

* Grasbermen en taluds dienen opnieuw te worden ingezaaid.

* De kosten en het onderhoud van de aansluiting op het rioleringssysteem is ten laste van de aanvrager.

* De aansluiting wordt voorzien van een toezichtput met volgende voorwaarden:

o wordt geplaatst ter hoogte van de rooilijn en op het openbaar domein;

o moet steeds toegankelijk zijn;

o heeft een verdiepte bodem van minimaal 25cm.

* Een voorstel van de aansluiting op het rioleringssysteem dient voorafgaand de start der werken ter goedkeuring te worden voorgelegd aan North Sea Port.

* Afvalwater dient eerst gezuiverd te worden door middel van een afvalwaterbehandeling (bv. IBA), vooraleer er kan geloosd worden. Gezuiverd afvalwater mag enkel (al dan niet via riolering) in oppervlaktewater geloosd worden (niet via een infiltratiesysteem). Gezuiverd afvalwater dient te voldoen aan de lozingsvoorwaarden van VLAREM. Welke lozingsnormen specifiek van toepassing zijn, dient door de aanvrager zelf te worden bepaald in functie van zijn activiteiten en de indelingsklasse volgens VLAREM. In het kader van de omgevingsvergunning zal de vergunningverlenende overheid (samen met VMM) dan toezicht houden of de afvalwaterbehandeling geplaatst is en of de aanvrager voldoet aan de lozingsvoorschriften.

* Regenwater dient op RWA en het afvalwater dient op DWA aangesloten te worden.

* Bij afbraakwerken dient men de afwatering van de verhardingen in stand te houden.

* Realisatie van een oprit dient door middel van inbuizing van de gracht en kopmuren te gebeuren. Hiervoor kan de aanvrager de nodige technische informatie verkrijgen bij de afdeling Infrastructuur van North Sea Port.

4.       TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN

4.1.   Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg

Het project ligt in gebied voor zeehaven- en watergebonden bedrijven volgens het gewestplan

'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 28 oktober 1998).
Dit gebied is uitsluitend bestemd voor zeehaven- en watergebonden bedrijven, distributiebedrijven, logistieke bedrijven en opslag- en overslaginrichtingen evenals toeleveringsbedrijven en synergiebedrijven van de watergebonden bedrijven en de bestaande gevestigde productiebedrijven. In dit gebied worden ook de volgende dienstverlenende bedrijven toegelaten, voor zover zij complementair zijn met de voornoemde bedrijven: bankagentschappen, benzinestations en collectieve restaurants ten behoeve van de in de zone gevestigde bedrijven.
Er wordt een bufferzone aangelegd aan de grens met de omliggende gebieden. In deze bufferzone worden geen handelingen en werken toegelaten die afbreuk doen aan de bufferfunctie, of aan de bestemming en/of de ruimtelijke kwaliteiten van het aangrenzend gebied. Het gebied en de bufferzone die het omvat, kunnen slechts worden gerealiseerd en beheerd door de overheid.

 

Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening Zeehavengebied Gent - Inrichting R4-oost en R4-west' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 15 juli 2005). De locatie is volgens dit RUP gelegen in Afbakening Zeehavengebied Gent - Fase 2.

De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.

4.2.   Vergunde verkavelingen

De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.

4.3.   Verordeningen

Algemeen bouwreglement

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het algemeen bouwreglement, stedenbouwkundige verordening van de stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en gewijzigd bij besluiten van de deputatie van 29 mei 2008, 23 oktober 2008, 19 augustus 2010, 4 oktober 2012 en 17 juli 2014, zevende wijziging van kracht op 20 december 2020.

 

Het ontwerp is NIET in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement, het wijkt af op volgende punten:

- Artikel 12 Beperken van verhardingen

Dit artikel stelt dat het verharden van oppervlaktes tot een minimum beperkt moet worden, uiteraard om de problematiek van wateroverlast en verdroging zoveel mogelijk te voorkomen. De strikt noodzakelijke verhardingen moeten waar mogelijk als verharding met natuurlijke infiltratie of als waterdoorlatende verharding aangelegd worden.

 

Met deze aanvraag wordt nagenoeg het volledige perceel verhard. Het steenpuin wordt gebruikt om het terrein, na het afbranden van het bestaande bedrijf, bouwrijp te maken. Echter wordt in de nieuwe toestand ca. 3598 m² extra verhard ten opzichte van de bestaande toestand.

 

In afwachting van een omgevingsvergunningsaanvraag voor de nieuwbouw van een bedrijfsgebouw zal een tijdelijke vergunning worden toegestaan voor het bouwrijp maken van het terrein. Indien binnen de termijn van 2 jaar geen aanvraag wordt ingediend tot het inrichten van het perceel, zal het volledige terrein onthard moeten worden en aangelegd als groenzone.

Deze zaken worden opgenomen in de bijzondere voorwaarden.

 

Bij de omgevingsvergunningsaanvraag voor een nieuw bedrijfsgebouw zal er voldoende onverharde ruimte voorzien moeten worden voor natuurlijke waterinfiltratie.

 

Gewestelijke verordening hemelwater

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 oktober 2004 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (zie waterparagraaf).

4.4.   Uitgeruste weg

Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gemeenteweg.

5.       WATERPARAGRAAF

Met deze aanvraag vermeerdert de verharde oppervlakte met 3598 m². 

Het bouwperceel ligt niet in een recent overstroomd gebied of een overstromingsgebied.

Door de toename van de verharde oppervlakte wordt de infiltratie van het hemelwater in de bodem plaatselijk beperkt. Dit is niet in overeenstemming met artikel 12 van het algemeen bouwreglement (zie hierboven). De verhardingen nemen een te grote oppervlakte van het terrein in en zet de waterhuishouding van het perceel onder druk. Volgens de bijzondere voorwaarden die in deze vergunning worden opgelegd, zal een tijdelijke vergunning worden afgeleverd voor het bouwrijp maken van het perceel. Bij het herinrichten van het perceel zal voldoende onverharde ruimte moeten worden voorzien voor natuurlijke waterinfiltratie.

6.       PROJECT-M.E.R.-SCREENING

De aanvraag heeft geen milieueffectrapport of project-MER-screening nodig.

7.       BEKENDMAKING

De aanvraag volgt de vereenvoudigde procedure en moest dus niet aan een openbaar onderzoek worden onderworpen.

8.       OMGEVINGSTOETS

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening

Ruimtelijke afweging

De aanvraag beoogt het slopen en verwijderen van de resterende gebouwen, constructies en verhardingen op de site na een brand. De nog aanwezige betonverharding, klinkers, asfalt en vloerplaat worden opgebroken. De resterende bebouwing zal worden gesloopt. Na de sloopwerken zal het puin worden gebruikt om het terrein bouwrijp te maken. De technische installatie in de zuidelijke hoek van het perceel blijft behouden.

 

Het is positief dat de restanten van het afgebrande bedrijfsgebouw worden verwijderd. Dit dient te gebeuren zoals vermeld in het sloopopvolgingsplan en met de verplichting om selectief te slopen, renoveren en/of te ontmantelen (zie art. 4.3.3 van het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen).

 

De aanvraag is in strijd met artikel 12 van het bouwreglement aangaande verhardingen. Met deze aanvraag wordt nagenoeg het volledige perceel verhard. Het steenpuin wordt gebruikt om het terrein, na het afbranden van het bestaande bedrijf, bouwrijp te maken. Echter wordt in de nieuwe toestand ca. 3.598 m² extra verhard ten opzichte van de bestaande toestand.

 

Momenteel wordt gewerkt aan een aanvraag voor het perceel. Het is de bedoeling opnieuw een bedrijfsgebouw of loods op de site op te richten. In afwachting van een omgevingsvergunnings-aanvraag voor de nieuwbouw van een bedrijfsgebouw wordt een tijdelijke vergunning toegestaan voor het bouwrijp maken van het terrein. Indien binnen de termijn van 2 jaar geen aanvraag wordt ingediend tot het inrichten van het perceel, zal het volledige terrein onthard moeten worden en aangelegd als groenzone. Deze zaken worden opgenomen in de bijzondere voorwaarden.

 

Bij de omgevingsvergunningsaanvraag voor een nieuw bedrijfsgebouw zal er voldoende onverharde ruimte voorzien moeten worden voor natuurlijke waterinfiltratie.

 

Afval

De verplichting om selectief te slopen, renoveren en/of te ontmantelen staat in artikel 4.3.3 van het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (Vlarema).

 

Sloopopvolgingsplan

In het dossier staat onder paragraaf 3.3.3 opslagtanks het volgende vermeld:

Hoewel wij geen opslagtanks vastgesteld hebben tijdens onze rondgang, is het mogelijk dat er tijdens de sloopwerken nog ongekende (ondergrondse) opslagtanks aangetroffen worden.

Volgens de milieuvergunning (dossiernummer 2010780, intern nummer 5236/E/6 - Besl.20/01/2011) bevat de inrichting wel degelijk een ondergrondse tank met stookolie
(10000 liter). Op het moment van de aanvraag van de vergunning bevond zich nog een 2e niet operationele ondergrondse tank in de bodem.

Er dient nagegaan te worden of deze tanks nog aanwezig zijn op de site. Het eventueel verwijderen dient te gebeuren volgens de vigerende wetgeving (Vlarema, Vlarem). Bij lekken dient onverwijld de bepalingen van het Vlarebo opgevolgd te worden.

 

Bij de sloop moet de nodige aandacht besteed worden aan de aanwezigheid van asbest. Meer informatie over het correct omgaan met asbest is terug te vinden op de website van OVAM: https://www.ovam.be/omgaan-met-asbest.

 

De specifieke aandachtspunten en aanbevelingen uit het plan dienen opgevolgd te worden.

 

Elke afvoer van afvalstoffen moet gedocumenteerd worden met een identificatieformulier of een afgiftebewijs. De uitvoerder van de bouw-, infrastructuur-, sloop- en ontmantelingswerken bezorgt deze documenten aan de houder van de omgevingsvergunning. Deze dienen 5 jaar bijgehouden te worden.

 

Deze zaken worden opgelegd als bijzondere voorwaarden.

 

Stofemissies

De uitvoerder van bouw-, sloop- en infrastructuurwerken moet de emissie van stof zo laag mogelijk houden en moet hiertoe maatregelen treffen.

De verplichte maatregelen staan opgesomd in hoofdstuk 6.12 van Vlarem II.

De aandacht wordt gevestigd op artikel 6.12.3 van deze regelgeving. Dit artikel vermeldt vier concrete maatregelen om stofemissies te voorkomen:

1. afscherming met doeken of zeilen,

2. beneveling van de locatie waar de werken worden uitgevoerd,

3. bevochtiging ter hoogte van de apparatuur,

4. rechtstreekse stofafzuiging op breekhamers, polijstmachines, slijpschijven, boormachines, freesmachines en schuurmachines.

Minimaal één van deze vier maatregelen moet genomen worden.

Als er visueel waarneembare stofverspreiding optreedt kan bijkomende verneveling verplicht zijn.


Omwille van voormelde redenen kan de aanvraag vanuit het oogpunt van de goede ruimtelijke ordening worden aanvaard.


CONCLUSIE

Voorwaardelijk gunstig voor het slopen en verwijderen van resterende gebouwen, constructies en verhardingen op de site, mits voldaan wordt aan de bijzondere voorwaarden is de aanvraag in overeenstemming met de wettelijke bepalingen en verenigbaar met de goede plaatselijke aanleg.


TIJDELIJK voorwaardelijk gunstig voor het bouwrijp maken van het terrein, mits voldaan wordt aan de bijzondere voorwaarden is de aanvraag in overeenstemming met de wettelijke bepalingen en verenigbaar met de goede plaatselijke aanleg. Er wordt een tijdelijke vergunning voor een TERMIJN VAN 2 JAAR afgeleverd.

 

Waarom wordt deze beslissing genomen?

 

 

WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?

 

Het college van burgemeester en schepenen moet over de ingediende omgevingsvergunningsaanvraag een beslissing nemen.

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.

 

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen verleent onder voorwaarden de omgevingsvergunning voor het slopen/verwijderen van resterende gebouwen, constructies en verhardingen na een brand bij een voormalig voedselverwerkingsbedrijf aan Locks nv (O.N.:0425744876) gelegen te Skaldenstraat 112, 9042 Desteldonk.

De door het college vergunde plannen zijn de plannen die op de overzichtslijst staan, die is toegevoegd als bijlage aan deze vergunning en er integraal deel van uitmaakt.

Plannen die niet op deze overzichtslijst staan, maken geen deel uit van de vergunning.

Controleer steeds of het om een goedgekeurd plan gaat.

Opgelet, er kunnen voorwaarden betrekking hebben op de plannen.

      

Artikel 2

Legt volgende voorwaarden op:

 

De voorwaarden opgenomen in het advies van North Sea Port (advies van 17/12/2021, met kenmerk 2021-263) moeten strikt nageleefd worden.

 

Bouwrijp maken perceel:

Indien binnen de termijn van 2 jaar geen aanvraag wordt ingediend tot het inrichten van het perceel, zal het volledige terrein onthard moeten worden en aangelegd als groenzone.

 

Sloopopvolgingsplan:

  • Volgens de milieuvergunning (dossiernummer 2010780, intern nummer 5236/E/6 - Besl.20/01/2011) bevat de inrichting wel degelijk een ondergrondse tank met stookolie (10000l). Op het moment van de aanvraag van de vergunning bevond zich nog een 2e niet operationele ondergrondse tank in de bodem.
    Er dient nagegaan te worden of deze tanks nog aanwezig zijn op de site. Het eventueel verwijderen dient te gebeuren volgens de vigerende wetgeving (Vlarema, Vlarem). Bij lekken dient onverwijld de bepalingen van het Vlarebo opgevolgd te worden.
  • Bij de sloop moet de nodige aandacht besteed worden aan de aanwezigheid van asbest. Meer informatie over het correct omgaan met asbest is terug te vinden op de website van OVAM: https://www.ovam.be/omgaan-met-asbest.
  • De specifieke aandachtspunten en aanbevelingen uit het plan dienen opgevolgd te worden.
  • Elke afvoer van afvalstoffen moet gedocumenteerd worden met een identificatieformulier of een afgiftebewijs. De uitvoerder van de bouw-, infrastructuur-, sloop- en ontmantelingswerken bezorgt deze documenten aan de houder van de omgevingsvergunning. Deze dienen 5 jaar bijgehouden te worden. 

           

Artikel 3

Wijst de aanvrager op volgende aandachtspunten:

Stofemissies:

De uitvoerder van bouw-, sloop- en infrastructuurwerken moet de emissie van stof zo laag mogelijk houden en moet hiertoe maatregelen treffen.

De verplichte maatregelen staan opgesomd in hoofdstuk 6.12 van Vlarem II.

De aandacht wordt gevestigd op artikel 6.12.3 van deze regelgeving. Dit artikel vermeldt vier concrete maatregelen om stofemissies te voorkomen:

1. afscherming met doeken of zeilen,

2. beneveling van de locatie waar de werken worden uitgevoerd,

3. bevochtiging ter hoogte van de apparatuur,

4. rechtstreekse stofafzuiging op breekhamers, polijstmachines, slijpschijven, boormachines, freesmachines en schuurmachines.

Minimaal één van deze vier maatregelen moet genomen worden.

Als er visueel waarneembare stofverspreiding optreedt kan bijkomende verneveling verplicht zijn.

 

Nieuwbouw:

Er zal voor het bouwen van een bedrijfsgebouw of loods moet voldaan worden aan de principes van zuinig ruimte gebruik, minimale verharding en waterdoorlatende verharding volgens de bepalingen van de gewestelijke verordening hemelwater en het Algemeen Bouwreglement van de stad Gent.