Terug
Gepubliceerd op 04/02/2022

2022_CBS_01185 - OMV_2021159202 R - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning - met openbaar onderzoek - Gontrodestraat 152, 9050 Gentbrugge - Vergunning

college van burgemeester en schepenen
do 03/02/2022 - 08:31 Virtueel - via Microsoft Teams
Datum beslissing: do 03/02/2022 - 08:52
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Filip Watteeuw

Aanwezig

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter; Filip Watteeuw, schepen; Sofie Bracke, schepen; Elke Decruynaere, schepen; Astrid De Bruycker, schepen; Sami Souguir, schepen; Tine Heyse, schepen; Isabelle Heyndrickx, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Hafsa El-Bazioui, schepen; Rudy Coddens, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Luc Kupers, adjunct-algemeendirecteur; Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Secretaris

Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Voorzitter

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter
2022_CBS_01185 - OMV_2021159202 R - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning - met openbaar onderzoek - Gontrodestraat 152, 9050 Gentbrugge - Vergunning 2022_CBS_01185 - OMV_2021159202 R - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning - met openbaar onderzoek - Gontrodestraat 152, 9050 Gentbrugge - Vergunning

Motivering

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

 

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.

 

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

 

Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 56.
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 15.

 

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

 

Het college van burgemeester en schepenen verleent de vergunning en legt bijzondere voorwaarden op.

 

WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?

 

De heer Kristof Van Speybroeck met als contactadres Paddenhoek 31, 9830 Sint-Martens-Latem heeft een aanvraag (OMV_2021159202) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 19 oktober 2021.

 

De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen handelt over:

Onderwerp: het verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning

• Adres: Gontrodestraat 152, 9050 Gentbrugge

Kadastrale gegevens: afdeling 23 sectie B nr. 542S3

 

Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 17 november 2021.

De aanvraag volgde de gewone procedure.

Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 27 januari 2022.

 

OMSCHRIJVING AANVRAAG

1.       BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT

De te verbouwen woning bevindt zich langs de Gontrodestraat in de wijk Moscou in Gentbrugge. De omgeving bestaat voornamelijk uit rijwoningen. Op het perceel bevindt zich een gesloten eengezinswoning (2 bouwlagen en een dak) ingeplant tot op de rooilijn. In de tuinzone bevindt zich een berging (ca. 70 m²) die verbonden is met de woning door middel van aanbouwen langs de rechter perceelsgrens.

 

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

De aanvraag betreft het verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning.

De bestaande aanbouw wordt afgebroken en er wordt een nieuwe aanbouw voorzien.

De totale bouwdiepte na verbouwing (inclusief hoofdvolume) bedraagt maximaal 14,45 m (ter hoogte van de linker perceelsgrens bedraagt de bouwdiepte 12 m). De nieuwe dakrand ligt op een hoogte van 2,95 m. De nieuwe achtergevel wordt afgewerkt met een witte crepi. De scheidingsmuren worden niet verhoogd. De interne indeling blijft grotendeels behouden, de bestaande inpandige garage wordt omgevormd naar een inkomhal. De tweede verdieping wordt ingericht met twee extra slaapkamers en een badkamer. Hiervoor worden in de dakvlakken zowel achter als voor in totaal 6 dakvensters voorzien.

De berging in de tuinzone wordt verbouwd en omgevormd naar een atelier. De te behouden footprint bedraagt ca. 62 m². De bijgebouwen tussen de woning en de berging worden afgebroken. Dit atelier wordt geïsoleerd en voorzien van nieuwe raampartijen richting de tuinzone.

2.       HISTORIEK

Er zijn geen relevante vergunningen gekend.

 

Bouw- en Woontoezicht
Stedenbouwkundig misdrijf

Er werd op 25 maart 1993 het volgende vastgesteld:

De bijgebouwen hebben een bouwdiepte van meer dan 32 m en zijn opgericht vóór 1962.

Een gedeelte van de koer werd overdekt met PVC-platen.

Geen aanmaning verstuurd.

 

BEOORDELING AANVRAAG

3.       EXTERNE ADVIEZEN

Overeenkomstig artikel 35 van het omgevingsvergunningsbesluit zijn er geen externe adviezen vereist.

4.       TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN

4.1.   Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg

Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening grootstedelijk gebied Gent' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 16 december 2005), maar niet in een gebied waarvoor er stedenbouwkundige voorschriften zijn bepaald.

 

Het project ligt in woongebied volgens het gewestplan 'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 14 september 1977).

De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.


Het project ligt in het bijzonder plan van aanleg MOSCOU, goedgekeurd op 9 januari 2004, en is bestemd als zone voor bijgebouwen, zone voor tuinen en zone voor woningen.

Het ontwerp is niet in overeenstemming met de voorschriften, en wijkt af op volgend punt:

Door het afbreken van de aanbouw verdwijnt de verbinding met de berging in de tuinzone. Hierdoor wordt de berging een vrijstaand bijgebouw in de tuinzone en gebeurt de toetsing aan de voorschriften van de zone voor tuinen.

In de zone voor tuinen kunnen gebouwen voorzien worden tot maximaal volgende dimensies:

  • Oppervlakte: 40 m²
  • Maximale hoogte: 3,50 m, ter hoogte van de perceelgrens: 3 m
  • Maximaal 10 % van de tuinzone kan bebouwd worden

 

Het bijgebouw wordt gedeeltelijk verkleind en behoudt volgende dimensies:

  • Oppervlakte: 62 m²
  • Maximale hoogte (ter hoogte van de perceelsgrens): 5,19 m

 

Artikel 4.4.9/1 van de Vlaamse codex ruimtelijk ordening bepaalt dat het vergunningverlenende bestuursorgaan bij het afleveren van een omgevingsvergunning mag afwijken van de stedenbouwkundige voorschriften van een bijzonder plan van aanleg, voor zover dit plan ouder is dan 15 jaar en mits het in acht nemen van een aantal voorwaarden:

1)  Afwijkingen kunnen niet toegestaan worden voor wat betreft wegenis, openbaar groen en erfgoedwaarden.

2)  Afwijkingen kunnen enkel op voorschriften die een aanvulling vormen op onder meer ‘woongebied/dienstverleningsgebieden/industriegebieden in de ruime zin/gebieden voor gemeenschapsvoorzieningen en openbare nutsvoorzieningen’ cfr. het koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en gewestplannen.

3)  Afwijkingen kunnen niet toegestaan worden op voorschriften van een BPA die voorzien in agrarisch gebied, ruimtelijk kwetsbaar gebied of recreatiegebied in afwijking op het gewestplan of voor gebieden die in uitvoering van artikel 5.6.8 van de VCRO aangeduid zijn als watergevoelig openruimtegebied.

4)  Elke aanvraag tot afwijking wordt onderworpen aan een openbaar onderzoek.

Er is aan bovenstaande voorwaarden voldaan. Het betreft een afwijking op de zone voor koeren en tuinen; dat een aanvulling vormt op het woongebied volgens het gewestplan.

Artikel 4.3.1, § 1, 1° bepaalt tevens dat de toetsing aan de goede ruimtelijke ordening onverminderd blijft gelden. Een afwijking kan bijgevolg enkel toegestaan worden indien deze uitgaat van een goede ruimtelijke ordening. De toetsing kan teruggevonden worden onder ‘Hoofdstuk 8: Omgevingstoets’. Voor deze aanvraag betreft dit een positieve evaluatie.

4.2.   Vergunde verkavelingen

De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.

4.3.   Verordeningen

Algemeen bouwreglement

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het algemeen bouwreglement, stedenbouwkundige verordening van de stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en gewijzigd bij besluiten van de deputatie van 29 mei 2008, 23 oktober 2008, 19 augustus 2010, 4 oktober 2012 en 17 juli 2014, zevende wijziging van kracht op 20 december 2020.

 

Het ontwerp is in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement.

 

Gewestelijke verordening hemelwater

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 oktober 2004 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (zie waterparagraaf).

4.4.   Uitgeruste weg

Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gemeenteweg.

5.       WATERPARAGRAAF

Het voorliggende project heeft geen omvangrijke oppervlakte en ligt niet in een recent overstroomd gebied of een overstromingsgebied, zodat in alle redelijkheid wordt geoordeeld dat het schadelijk effect op de waterhuishouding van dit gebied beperkt is. Enkel wordt door de toename van de verharde oppervlakte de infiltratie van het hemelwater in de bodem plaatselijk beperkt. Dit wordt gecompenseerd door de aansluiting van de afwaterende dakoppervlaktes op de bestaande hemelwaterput, overeenkomstig de normen vastgelegd in het geldend algemeen bouwreglement, en de verplichting om het nuttig gebruik van dit hemelwater maximaal te voorzien. Het hergebruik van het hemelwater heeft een zekere bufferende werking door de vertraagde afvoer van het perceel van dit herbruikt hemelwater.

Gezien niet werd aangegeven wat de inhoud van de bestaande hemelwaterput, kan niet worden beoordeeld of deze put voldoende ruim gedimensioneerd om de volledige af te wateren dakoppervlakte te kunnen opvangen. Om dit te compenseren dient het dak van de nieuwe achterbouw als groendak te worden aangelegd. Een groendak heeft een zekere bufferende werking door de vertraagde afvoer van het perceel. Zodoende wordt in alle redelijkheid geoordeeld dat het schadelijk effect op de waterhuishouding beperkt is.

 

Een groendak is een dak dat zo gebouwd wordt dat het begroeid kan worden met planten en waar er onder die planten een buffervolume voorzien is van minimaal 35 liter per m².

6.       PROJECT-M.E.R.-SCREENING

De aanvraag heeft geen milieueffectrapport of project-MER-screening nodig.

7.       OPENBAAR ONDERZOEK

Het openbaar onderzoek werd gehouden van 26 november 2021 tot 25 december 2021.
Gedurende dit openbaar onderzoek werd 1 bezwaar ingediend.

 
De bezwaren worden als volgt samengevat:
Bijgebouw in de tuinzone
Men heeft de bezorgdheid dat het bijgebouw in de tuinzone zal gebruikt worden als woonentiteit. Mede omwille van het feit dat een toilet wordt voorzien, dat er een trap naar de verdieping wordt geplaatst en dat er raamopeningen worden voorzien in de gevels en het dakvlak. De dakvensters die voorzien worden zullen te veel impact hebben qua inkijk en privacy op het aanpalende perceel. Ook is men bezorgd over de activiteit die in het atelier zal plaatsvinden (indien het geen woning is).

 

Scheidingsmuur
Er wordt benadrukt dat ter hoogte van de nieuwe aanbouw men alleen kan aanbouwen tégen de bestaande scheidingsmuur en er niet kan op bouwen aangezien de scheidingsmuur zich volledig op het aanpalende perceel bevindt.


Naar aanleiding van het stedenbouwkundig onderzoek van deze aanvraag worden de bezwaren als volgt besproken:
Bijgebouw in de tuinzone
Hoewel er geen letterlijke indicatie is dat men het bijgebouw wil omvormen naar een woonentiteit (behalve het voorzien van een toilet en raampartijen), is deze bezorgdheid terecht. Dit bijgebouw kan uitsluitend gebruikt worden als atelier of als bijgebouw in functie van de tuinzone. Een woonfunctie is niet toegelaten (dit wordt opgelegd als bijzondere voorwaarde). Verder wordt geoordeeld dat de impact naar privacy en inkijk aanvaardbaar is, gezien voldaan wordt aan de bepalingen van het burgerlijk wetboek inzake lichten en zichten.

Het dak van de aanbouw wordt niet aangevraagd als dakterras, noch blijkt dit uit de plannen. Dit dak mag dan ook niet gebruikt worden als dakterras. Hier een dakterras inrichten is steeds vergunningsplichtig.

 

Scheidingsmuur
Discussies inzake gemene muren betreffen een burgerrechtelijke materie en zijn niet van stedenbouwkundige aard. Bij het uitvoeren van de werken dienen uiteraard de nodige voorzorgsmaatregelen te worden genomen om schade aan de aanpalende eigendommen te vermijden en kan men eveneens niet óp de eigendom van de aanpalende bouwen zonder toestemming. Een overleg met de betrokken buren valt steeds aan te bevelen.

 

Bij discussies tussen buren kan men zich wenden tot Burenbemiddeling. Voor meer informatie inzake burenbemiddeling kan men zich wenden tot de Dienst Lokale Preventie en Veiligheid (via mail: Burenbemiddeling@gent.be of telefonisch: 09 266 82 17).

Voor het melden van milieuklachten, vindt u hier meer informatie: http://www.gent.be/eCache/THE/1/354.cmVjPTQ0MDU4.html

8.       OMGEVINGSTOETS

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening
De verbouwingswerken betekenen een meerwaarde voor deze eengezinswoning. De aanbouw is logischer ingedeeld waardoor de gelijkvloerse leefruimte groter wordt. Het groot raam in de achtergevel zorgt voor extra lichtinval en versterkt het contact met de tuin. Het bijkomende volume valt binnen de gebruikelijke normen qua bouwdiepte en hoogte. De impact op de aanpalende eigendommen en bij uitbreiding de omgeving is bijgevolg beperkt. Men dient weliswaar rekening te houden met het bezwaar geformuleerd omtrent de scheidingsmuur. Verder dient het plat dak van de nieuwe aanbouw te worden aangelegd als groendak. Dit wordt opgelegd als bijzondere voorwaarde.

 

In de tuinzone wordt de berging aangepast naar een atelier. Een atelier is inpasbaar in de tuinzone. De aanpassingen zijn aanvaardbaar, verdere uitbreidingen zijn niet toegestaan.

Het is tevens niet toegelaten dit bijgebouw te gebruiken als woning, dit wordt opgelegd als bijzondere voorwaarde. Dit bijgebouw wijkt af van de vigerende voorschriften (zie 4.1. plannen van aanleg) qua volume. Dit volume wordt echter als vergund geacht, zodoende zijn de afwijkingen aanvaardbaar. Door het afbreken van de bestaande aanbouwen voor dit bijgebouw wordt de tuinzone vergroot, wat positief is.

 

Mits het naleven van de bijzondere voorwaarden komt deze aanvraag voor vergunning in aanmerking.

 

CONCLUSIE

Voorwaardelijk gunstig, mits voldaan wordt aan de bijzondere voorwaarden is de aanvraag in overeenstemming met de wettelijke bepalingen en verenigbaar met de goede plaatselijke aanleg.

 

Waarom wordt deze beslissing genomen?

 

 

WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?

 

Het college van burgemeester en schepenen moet over de ingediende omgevingsvergunningsaanvraag een beslissing nemen.

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.

 

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen verleent onder voorwaarden de omgevingsvergunning voor het verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning aan de heer Kristof Van Speybroeck gelegen te Gontrodestraat 152, 9050 Gentbrugge.

De door het college vergunde plannen zijn de plannen die op de overzichtslijst staan, die is toegevoegd als bijlage aan deze vergunning en er integraal deel van uitmaakt.

Plannen die niet op deze overzichtslijst staan, maken geen deel uit van de vergunning.

Controleer steeds of het om een goedgekeurd plan gaat.

Opgelet, er kunnen voorwaarden betrekking hebben op de plannen.

      

Artikel 2

Legt volgende voorwaarden op:

Bijgebouw tuinzone

Dit gebouw kan louter dienen als atelier of bijgebouw in functie van de tuinzone. Een woonfunctie is niet toegelaten.

 

Groendak

Het nieuwe platte dak van de bouw dient te worden aangelegd als groendak.

Een groendak is een dak dat zo gebouwd wordt dat het begroeid kan worden met planten en waar er onder die planten een buffervolume voorzien is van minimaal 35 liter per m².

 

Scheidingsmuur

De scheidingsmuren kunnen niet worden aangepast zonder voorafgaandelijke toestemming van de aanpalende buur. Er kan niet op de eigendom van de aanpalende buur worden gebouwd zonder toestemming van deze buur.

 

Riolering

De aansluiting op het rioleringsnet is verplicht en wordt, wat betreft het gedeelte op het openbaar domein, uitgevoerd door FARYS. Een aanvraag tot het bekomen van een huisaansluiting moet ingediend worden bij FARYS via www.farys.be/nl/rioolaansluiting of verstuurd worden naar Stropstraat 1 te 9000 Gent.

 

De afvoer van het regen- en afvalwater moeten op kosten en op risico van de bouwheer, binnen zijn eigen terrein uitgevoerd worden. Het afvoeren kan hetzij door natuurlijke afloop, hetzij door oppompen.

 

Een bestaande aansluiting of een wachtaansluiting dient in regel gebruikt/ (her)bruikt te worden. De  locatie en de diepteligging ervan zijn bindend. De bestaande aansluiting dient ter hoogte van de rooilijn opgezocht, opgemeten en gemarkeerd te worden. Indien ze (tijdelijk) niet in dienst blijft is het de taak van de bouwheer om deze ter hoogte van de rooilijn dicht te maken om elke instroom te vermijden.

Bij een nieuwe huisaansluiting wordt het traject bepaald in overleg tussen rioolbeheerder en klant. De algemene veiligheid, de instandhouding en de normale werking van de elementen van de huisaansluiting moeten verzekerd zijn en het toezicht, de controle en het onderhoud moeten gemakkelijk uitgevoerd kunnen worden. Voor de diepteligging dient er rekening mee gehouden te worden dat de huisaansluiting in regel door FARYS wordt gerealiseerd vóór aanleg van de privéwaterafvoer op een maximale diepte van 50 cm onder het maaiveld. Indien de diepteligging van de hoofdriolering of (kruisen van de) nutsleidingen deze diepte niet toelaten, zal de huisaansluiting op de meest haalbare diepte worden aangelegd.

 

De aanvrager dient zich te houden aan de bepalingen van het Bijzonder Waterverkoopreglement huisaansluitingen. Dit reglement is terug te vinden op www.farys.be/wettelijke-bepalingen.

De bijzondere aandacht wordt gevestigd op :

* De openbare riolering kan onder druk komen tot het maaiveld niveau, wat neerkomt op een stijging van het waterpeil in de buizen en de aansluitingen (code van goede praktijk voor  rioleringssystemen : www.vmm.be/wetgeving/code-van-goede-praktijk-voor-rioleringssystemen).

De bouwheer moet hier dan ook rekening mee houden bij de aanleg van (en de aansluitingen op) zijn privéwaterafvoer. Het Stadsbestuur kan onder geen enkele voorwaarde aansprakelijk gesteld worden voor schade door wateroverlast die een gevolg is van een onoordeelkundige aanleg van de privéwaterafvoer.

* Door de aanleg van gescheiden rioleringsstelsels, zowel op openbaar als op privaat domein, kan er sneller geurhinder ontstaan als gevolg van het geconcentreerde (onverdunde) afvalwater.

De aanvrager dient bij geurhinder op eigen initiatief en kosten elke instroomopening op zijn privéwaterafvoer door middel van een waterslot geurdicht af te schermen.

Om geurhinder als gevolg van de eigen private riolering te reduceren werden er enkele richtlijnen opgesteld, die u via deze link kan terugvinden: www.farys.be/richtlijnengeurhinder.

De interne riolering moet zo ontworpen worden dat een toekomstige aansluiting op een gescheiden rioleringsstelsel mogelijk is (afzonderlijke aansluitingen voor regenwater en afvalwater).

Er is nog geen aparte regenwaterafvoer (RWA)-aansluiting mogelijk. Voor zover het niet mogelijk is om het regenwater ter plaatse te laten infiltreren is de RWA-leidingen naar de straat te voorzien als wachtaansluiting. Voorlopig moeten het regen- en afvalwater gezamenlijk naar de riolering afgevoerd worden. Bovendien moeten de RWA-, en DWA-afvoeren naast elkaar worden aangeboden met een tussenafstand van 40 tot 60 cm. Hierbij loopt het DWA-gedeelte in een rechte lijn door naar de openbare riolering.

 

Bij een toekomstige aanleg van het openbaar domein zal de riolering gescheiden worden.

De keuring van de privéwaterafvoer is verplicht volgens het Algemeen Waterverkoopreglement bij aanbouw en/of het voorzien van een nieuwe aansluiting. Meer informatie vindt u op www.farys.be/keuring-privewaterafvoer

 

Er moet blijvend voorzien worden in een septische put.

 

Openbaar domein

Oprit

Na het beëindigen van de werken zal de oprit op het openbaar domein verwijderd worden door de Stad Gent op kosten van de bouwheer volgens het geldende retributiereglement. Dit dient, na de werken, verplicht aangevraagd te worden, het aanvraagformulier kan u downloaden via de website www.stad.gent (typ trottoirs en opritten in het zoekveld).

Dit document dient bezorgd te worden aan de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Administratief Centrum, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00, mail: tdwegen@stad.gent. Of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.

 

Opbouw

Bij het vastleggen van de vloerpassen en dorpelpeilen van het gebouw moet de bouwheer rekening houden met het bestaande peil van de dichtst bijgelegen rand van de openbare verhardingen. Het openbaar domein (zowel verharde als onverharde stroken) wordt aangelegd met een dwarshelling van 2% richting de as van de straat. De peilen van de bestaande verhardingen worden niet aangepast in functie van aanpalende bouwwerken. Er worden ook geen trappen en/of hellingen toegestaan op het openbaar domein om de gebouwen toegankelijk te maken.

 

Deuren en ramen op het gelijkvloers mogen niet opendraaien over openbaar domein.

 

De aangepaste gevel dient inclusief de afwerking binnen de eigendomsgrens opgetrokken worden zodanig dat het nieuwe voorgevelvlak de eigendomsgrens volgt.

       

Artikel 3

Wijst de aanvrager op volgende aandachtspunten:

Openbaar domein

De bouwheer is steeds verantwoordelijk voor beschadigingen aan de verhardingen van de openbare weg, trottoirs, boordstenen, (straat)kolken en de rijweg, die te wijten zijn aan de bouwactiviteit. De dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen herstelt deze beschadigingen op kosten van de bouwheer.

 

De vergunninghouder moet voor de aanvang van de werken een tegensprekelijke plaatsbeschrijving opmaken van de omliggende trottoirs en wegenis met bijzondere aandacht voor de (straat)kolken. Deze dient bezorgd te worden aan de dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Administratief Centrum, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00, via e-mail:tdwegen@stad.gent of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.

U kan dit door een architect of landmeter laten doen maar u mag dit ook zelf opnemen. U maakt een aantal algemene foto’s vergezeld van detailfoto’s met reeds aanwezige schade aan het openbaar domein. Bij elke foto zet u een beschrijving en u voegt een plannetje toe met aanduiding van de positie van de foto’s.

 

In functie van de werfzone op het openbaar domein is een vergunning Inname Publieke Ruimte noodzakelijk. U vraagt dit digitaal aan via de website www.stad.gent (typ tijdelijke werfzone in het zoekveld).