Terug
Gepubliceerd op 04/02/2022

2022_CBS_01177 - OMV_2021159242 K - aanvraag omgevingsvergunning voor verbouwen van een halfopen eengezinswoning - met openbaar onderzoek - Verkortingstraat 62, 9040 Gent - Vergunning

college van burgemeester en schepenen
do 03/02/2022 - 08:31 Virtueel - via Microsoft Teams
Datum beslissing: do 03/02/2022 - 08:51
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Filip Watteeuw

Aanwezig

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter; Filip Watteeuw, schepen; Sofie Bracke, schepen; Elke Decruynaere, schepen; Astrid De Bruycker, schepen; Sami Souguir, schepen; Tine Heyse, schepen; Isabelle Heyndrickx, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Hafsa El-Bazioui, schepen; Rudy Coddens, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Luc Kupers, adjunct-algemeendirecteur; Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Secretaris

Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Voorzitter

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter
2022_CBS_01177 - OMV_2021159242 K - aanvraag omgevingsvergunning voor verbouwen van een halfopen eengezinswoning - met openbaar onderzoek - Verkortingstraat 62, 9040 Gent - Vergunning 2022_CBS_01177 - OMV_2021159242 K - aanvraag omgevingsvergunning voor verbouwen van een halfopen eengezinswoning - met openbaar onderzoek - Verkortingstraat 62, 9040 Gent - Vergunning

Motivering

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.

 

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 56.
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 15.

 

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

Het college van burgemeester en schepenen verleent de vergunning en legt bijzondere voorwaarden op.

 

WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?

De heer Ismail Gürler met als contactadres Verkortingstraat 62, 9040 Gent heeft een aanvraag (OMV_2021159242) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 12 oktober 2021.

 

De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen handelt over:

Onderwerp: verbouwen van een halfopen eengezinswoning

• Adres: Verkortingstraat 62, 9040 Gent

Kadastrale gegevens: afdeling 18 sectie B nr. 368B3

 

Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 4 november 2021.

De aanvraag volgde de gewone procedure.

Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 27 januari 2022.

 

OMSCHRIJVING AANVRAAG

1.       BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

De aanvraag is gelegen in de Verkortingsstraat in Sint-Amandsberg. De omgeving bestaat uit gesloten bebouwing met twee tot drie bouwlagen en een variatie aan dakvormen. Het terrein in kwestie is een driehoekig perceel aan een straathoek, met een oppervlakte van 51 m² en een straatbreedte van ca 12,40 m.

Op het terrein bevond er zich een halfopen eengezinswoning, bestaande uit 2 bouwlagen met zadeldak. Op de koer bevond zich nog een uitbreiding van de keuken en een afzonderlijk toilet. In de oksel van het perceel was er een bergplaats. Links van de woning in kwestie bevindt er zich een rijwoning met een hellend dak, kroonlijsthoogte van 6,5 m t.o.v. het rooilijnpeil. Rechts van de woning bevindt er zich een magazijn, bestaande uit twee bouwlagen met een plat dak, kroonlijsthoogte op 5,80 m.

Voor de sloop en nieuwbouw van deze eengezinswoning werd op 22/02/2018 een stedenbouwkundige vergunning afgeleverd (2017/02222 Dig). Deze werd niet uitgevoerd wegens financiële redenen. De effectieve vorige (vergunde) toestand, namelijk de originele woning voor verbouwing, werd toegevoegd aan de aanvraag.

Op 11/06/2020 werd een weigering afgeleverd voor de regularisatie van het onderwerp van de aanvraag. In deze Omgevingsaanvraag werd meegegeven dat de uitgevoerde werken strijdig waren met de vergunning van in 2017. Omwille van strijdigheid met het BPA, het algemeen bouwreglement en de gewestelijke verordening hemelwaterwater werd er toen een ongunstig advies afgeleverd.

Op 05/08/2021 werd opnieuw een weigering verleend voor de regularisatie van het onderwerp van de aanvraag. Er werd een ongunstig advies afgeleverd strijdigheden met artikel 29 van het algemeen bouwreglement. De leefruimte was slechts 16 m² wat niet voldoet aan de minimale vereisten. De keuken wordt niet beschouwd als onderdeel van de leefruimte door de beperkte opening tussen beide lokalen. Daarnaast is de plafondhoogte op beide verdiepingen lager dan 2,50 m.

De aanvraag die nu voor ligt betreft een regularisatie van zonder vergunning uitgevoerde werken, aangezien er een duidelijk verschil bestaat tussen vergunde en uitgevoerde toestand.

De verbouwingswerken zijn zeer grondig en bevatten ook een volume-uitbreiding met extra bouwlaag (t.o.v. de oorspronkelijke toestand). Slechts één centrale draagmuur en een klein deel van de gevel wordt behouden. Alle vloerniveaus zijn gewijzigd en er is een nieuwe vloerplaat voorzien. De trappartij werd integraal aangepast. Deze aanvraag wordt dan ook beschouwd als een nieuwbouwproject. De oorspronkelijke bebouwing werd grotendeels gesloopt.

Op het gelijkvloerse niveau is de leefruimte en keuken voorzien op de volledige bouwdiepte van het perceel. Op de hoek van het perceel bevindt zich een koertje met een oppervlakte van 4 m². Op de eerste verdieping heeft de uitbreiding een bouwdiepte op de linker perceelsgrens van 5,52 m. De gevelbreedte is dezelfde als de gelijkvloerse bouwlaag namelijk 8,81 m. Op de tweede verdieping bedraagt de bouwdiepte ook 5,51 m. De gevelbreedte is beperkt tot 4,39 m. Er wordt rechts nog een dakterras (op niveau 3e bouwlaag) tot op de rooilijn voorzien, dit geeft 18 m² buitenruimte. Op de achterste perceelsgrens wordt een  zichtscherm geplaatst van 2,00 m hoog. Op de rooilijn en de rechterzijde van het dak wordt een balustrade voorzien van 1,10 m hoog. De zichtschermen en balustrade zijn nog niet uitgevoerd; wat dat betreft is de aanvraag geen regularisatie.

Verder wordt ook de voorgevel geïsoleerd en afgewerkt met een grijze crepi. De uitsprong t.o.v. de rooilijn bedraagt in totaal 13 cm (isolatie + gevelpleisterwerk). Deze afwerking beperkt zich tot het beschermde volume, de nieuwe tuinmuur voorziet geen uitsprong op het openbare domein. Het voetpad is in oorspronkelijke toestand 200 cm breed.

2.       HISTORIEK

Volgende vergunningen, meldingen en/of weigeringen zijn bekend:

Omgevingsvergunningen

  • Op 11/06/2020 werd een weigering afgeleverd voor het renoveren van een eengezinswoning (regularisatie) (OMV_2020015958).
  • Op 05/08/2021 werd een weigering afgeleverd voor het verbouwen van een halfopen eengezinswoning (regularisatie) (OMV_2021057751).

 

Stedenbouwkundige vergunningen

  • Op 22/02/2018 werd een vergunning afgeleverd voor het slopen en bouwen van een halfopen woning. (2017/02222 Dig)

 

BEOORDELING AANVRAAG

3.       EXTERNE ADVIEZEN

Overeenkomstig artikel 35 van het omgevingsvergunningsbesluit zijn er geen externe adviezen vereist.

4.       TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN

4.1.   Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg

Het project ligt in woongebied volgens het gewestplan 'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 14 september 1977).
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.

 

Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening grootstedelijk gebied Gent' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 16 december 2005), maar niet in een gebied waarvoor er stedenbouwkundige voorschriften zijn bepaald.

Het project ligt in het bijzonder plan van aanleg CAMPO SANTO, goedgekeurd op 29 september 1988, en is bestemd als zone voor gekoppelde bebouwing.

De aanvraag is niet in overeenstemming met onderstaande voorschriften van het BPA.

  1. De dakvorm wijkt af van de voorschriften die een hellend dak opleggen. 
  2. De verplichte bouwlijn wordt niet gevolgd, de achtergevel moet minimum op 5 m ten opzichte van de achterste perceelslijn gelegen zijn.
  3. De minimale bouwdiepte op de verdieping van 8 m wordt niet gehaald. 

Overeenkomstig artikel 4.4.1 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kan beperkt afgeweken worden van de stedenbouwkundige voorschriften van een gemeentelijk BPA, wat betreft de perceelsafmetingen, de afmetingen en de inplanting van de constructies, de dakvorm en de gebruikte materialen.

Volgende afwijkingen op de voorschriften van het BPA zijn aanvaardbaar om volgende redenen:

  1. Gezien de complexe terreinvorm is een plat dak hier de meest logische keuze om de beperkte oppervlakte maximaal te benutten. Er zijn in de omgeving nog gebouwen met platte daken aanwezig.
  2. Dit is eveneens een gevolg van de driehoekige perceelsvorm. Het diepste punt van het perceel is 8,03 m, waardoor het logischerwijze niet mogelijk is om een afstand van 5 m ten opzichte van de achterste perceelsgrens te behouden.
  3. Gezien de beperkt diepte van het perceel (8,03 m tot 0 m) is het positief dat ervoor gekozen wordt om niet het volledige perceel vol te bouwen. Door de bouwdiepte op de verdiepingen te beperken is het mogelijk om de keuken op het gelijkvloers van een groter daklicht te voorzien, wat positief is. Verder is het ook mogelijk om meer licht en lucht in het bouwblok te brengen. Bijgevolg is de afwijking op de bouwdiepte aanvaardbaar.
    1. Vergunde verkavelingen

De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.

4.3.   Verordeningen

Algemeen bouwreglement

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het algemeen bouwreglement, stedenbouwkundige verordening van de stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en gewijzigd bij besluiten van de deputatie van 29 mei 2008, 23 oktober 2008, 19 augustus 2010, 4 oktober 2012 en 17 juli 2014, zevende wijziging van kracht op 20 december 2020.

 

Het ontwerp is niet in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement.

Artikel 11: Afvalwater – septische put – IBA:

De plaatsing van een septische put (voor lozing van faecaal afvalwater) is verplicht bij nieuwbouw, al dan niet na slopen, en bij verbouwingen waarbij het afvoerstelsel van afval- en hemelwater kan aangepast worden. Op gemotiveerd verzoek kan de vergunningverlenende overheid de bouwheer vrijstellen van deze verplichting indien de plaatsing technisch niet mogelijk of te moeilijk is. De wanden van een septische put mogen niet dienen tot het grondvesten van gebouwen.

Toetsing: vrijstelling: gelet op de beperkte perceelsoppervlakte kan een vrijstelling voor het plaatsen van een nieuwe septische put worden verleend. Een eventueel bestaande septische put moet behouden blijven en geïntegreerd worden in het nieuwe rioleringsstelsel. Dit wordt opgenomen als bijzondere voorwaarde.

Artikel 14: Groendak:

Bij nieuwbouw, herbouw en bij verbouwing (al dan niet met uitbreiding) moet elke nieuwe dakoppervlakte met een hellingsgraad tot 15 graden aangelegd worden als een groendak. Een groendak is een dak dat zo gebouwd wordt dat het begroeid kan worden met planten en waar er onder die planten een buffervolume voorzien is van minimaal 35 liter per m². Deze verplichting geldt niet voor eengezinswoningen met een dakoppervlakte tot en met 100 m² die aangesloten zijn op een hemelwaterput met hergebruik van hemelwater.

Toetsing: conform: Er wordt geen hemelwaterput voorzien. Een groendak is hier dus verplicht aan te leggen. De snede toont aan dat het dak van de 2e verdieping aangelegd wordt als groendak. Het plat dak bij de eerste verdieping wordt ingericht als terras en dus niet als groendak.

Artikel 29 Appartement, eengezinswoning, schakelwoning en hospitawoning:

Elke eengezinswoning, moet ten minste bestaan uit een woonkamer, een keuken, een slaapkamer, een sanitaire ruimte en een bergruimte. De vrije hoogte tussen de vloer en het plafond van de woonkamer, de keuken en de slaapkamer mag bij nieuwbouw niet lager zijn dan 2,50 en bij verbouwing van bestaande woningen niet lager zijn dan 2,20 m, behoudens voor dat deel van het lokaal dat de opgelegde minimum vloeroppervlakte overtreft.

De minimum vloeroppervlakte van de woonkamer in een eengezinswoning bedraagt 24 m². Als de zitruimte en de eetruimte geen geheel vormen, worden beide oppervlaktes samen geteld. Als de keuken geïntegreerd is in de woonkamer, moet de woonkamer 3  groter zijn, met uitzondering van woningen met slechts 1 slaapkamer. Op de plannen wordt de oppervlakte per vertrek aangeduid, en indien nodig, ook de vrije hoogte. Indien een afzonderlijke keuken aanwezig is, moet deze een minimum vloeroppervlakte hebben van 6 m².

Op gemotiveerd verzoek van de aanvrager kan de vergunningverlenende overheid in volgende gevallen een afwijking op deze voorgaande bepalingen met betrekking tot de oppervlaktenormen toestaan: bij verbouwingen van een rechtmatig tot stand gekomen eengezinswoning. Nieuw te bouwen gebouwdelen moeten wel voldoen aan deze oppervlaktenormen.

Toetsing: conform. De woonkamer bestaat uit een zitruimte aan de rechterzijde en een eetruimte aan de achtergevel. De eetruimte wordt niet beschouwd als onderdeel van de leefruimte door de beperkte opening tussen beide lokalen. In dit geval mogen de oppervlaktes worden opgeteld. Samen zijn deze ruimten 27,88  m² groot en dus conform aan het ABR. De keuken heeft een oppervlakte van 6,47 m² en is daarmee ook conform.

Door het aanpassen van de plafondafwerking (met name het verkleinen van het vals plafond en het plaatsen van de afwerking tussen de roosters) wordt overal een vrije hoogte van 2,50 m bekomen.

Gewestelijke verordening hemelwater

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 oktober 2004 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (zie waterparagraaf).

4.4.   Uitgeruste weg

Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gemeenteweg.

5.       WATERPARAGRAAF

Het voorliggende project heeft een beperkte oppervlakte en ligt niet in een recent overstroomd gebied of een overstromingsgebied, zodat in alle redelijkheid wordt geoordeeld dat geen schadelijk effect op de waterhuishouding van dit gebied wordt veroorzaakt.

Enkel wordt door de toename van de verharde oppervlakte de infiltratie van het hemelwater in de bodem plaatselijk beperkt.
Dit wordt gecompenseerd door het plat dak van de 2e verdieping aan te leggen als groendak.  Een groendak heeft een zekere bufferende werking door de vertraagde afvoer van het perceel. Zodoende wordt in alle redelijkheid geoordeeld dat het schadelijk effect op de waterhuishouding beperkt is.

6.       PROJECT-M.E.R.-SCREENING

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004 (MER-besluit) en heeft geen betrekking op een activiteit die voorkomt op de lijst van bijlage III bij dit besluit. De opmaak van een milieueffectrapport of project-m.e.r.-screening is voor voorliggend project dan ook niet vereist.

7.       OPENBAAR ONDERZOEK

Het openbaar onderzoek werd gehouden van 12 november 2021 tot 11 december 2021.
Gedurende dit openbaar onderzoek werden geen bezwaren ingediend.

8.       OMGEVINGSTOETS

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening
Het ontwerp voorziet aanpassingen t.o.v. de voorafgaande regularisatie in 2021, die tegemoetkomen aan de vorige weigeringsgronden. Namelijk:

-      Minimale vrije hoogte: de plafondafwerking werd aangepast, zodat overal een vrije hoogte van 2,50 m wordt bereikt.

-      Oppervlaktenormen woonkamer/keuken: de woonkamer bestaat uit een zitgedeelte en een eetgedeelte. Samen heeft dit een oppervlakte van ca. 27 m². De keuken is ca. 6,50 m groot en voldoet daarmee ook aan het ABR.

De afwijkingen met betrekking tot het bouwvolume ten opzichte van de voorschriften van het bijzonder plan van aanleg worden positief beoordeeld en brengen de goede aanleg van het perceel en zijn omgeving niet in het gedrang. (zie punt 4.1).

Het isoleren van de voorgevel is conform met de bepalingen inzake de uitsprongen vóór de rooilijn en zal een positief effect hebben op zowel het wooncomfort als de energie-efficiëntie van de woning. De gevel wordt op een kwalitatieve manier afgewerkt en zal daardoor ook een opwaardering van het straatbeeld betekenen. Na het plaatsen van de isolatie en de afwerking blijft het voetpad voldoende breed.

De te regulariseren eengezinswoning voldoet aan de minimale vereisten omtrent woonkwaliteit en komt voor vergunning in aanmerking mits naleven van de bijzondere voorwaarden.

CONCLUSIE 

Voorwaardelijk gunstig, mits voldaan wordt aan de bijzondere voorwaarden is de aanvraag in overeenstemming met de wettelijke bepalingen en verenigbaar met de goede plaatselijke aanleg.
 

 

Waarom wordt deze beslissing genomen?

 

WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN? 

Het college van burgemeester en schepenen moet over de ingediende omgevingsvergunningsaanvraag een beslissing nemen.

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.

 

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen verleent onder voorwaarden de omgevingsvergunning voor verbouwen van een halfopen eengezinswoning aan de heer Ismail G├╝rler gelegen te Verkortingstraat 62, 9040 Gent.

De door het college vergunde plannen zijn de plannen die op de overzichtslijst staan, die is toegevoegd als bijlage aan deze vergunning en er integraal deel van uitmaakt.

Plannen die niet op deze overzichtslijst staan, maken geen deel uit van de vergunning.

Controleer steeds of het om een goedgekeurd plan gaat.

Opgelet, er kunnen voorwaarden betrekking hebben op de plannen.

 

 

Artikel 2

Legt volgende voorwaarden op:

Riolering:

De aansluiting op het rioleringsnet is verplicht en wordt, wat betreft het gedeelte op het openbaar domein, uitgevoerd door FARYS. Een aanvraag tot het bekomen van een huisaansluiting moet ingediend worden bij FARYS via www.farys.be/nl/rioolaansluiting of verstuurd worden naar Stropstraat 1 te 9000 Gent. 

 

De afvoer van het regen- en afvalwater moeten op kosten en op risico van de bouwheer, binnen zijn eigen terrein uitgevoerd worden. Het afvoeren kan hetzij door natuurlijke afloop, hetzij door oppompen.

 

Een bestaande aansluiting of een wachtaansluiting dient in regel gebruikt/ (her)bruikt te worden. De  locatie en de diepteligging ervan zijn bindend. De bestaande aansluiting dient ter hoogte van de rooilijn opgezocht, opgemeten en gemarkeerd te worden. Indien ze (tijdelijk) niet in dienst blijft is het de taak van de bouwheer om deze ter hoogte van de rooilijn dicht te maken om elke instroom te vermijden.

Bij een nieuwe huisaansluiting wordt het traject bepaald in overleg tussen rioolbeheerder en klant. De algemene veiligheid, de instandhouding en de normale werking van de elementen van de huisaansluiting moeten verzekerd zijn en het toezicht, de controle en het onderhoud moeten gemakkelijk uitgevoerd kunnen worden. Voor de diepteligging dient er rekening mee gehouden te worden dat de huisaansluiting in regel door FARYS wordt gerealiseerd vóór aanleg van de privéwaterafvoer op een maximale diepte van 50 cm onder het maaiveld. Indien de diepteligging van de hoofdriolering of (kruisen van de) nutsleidingen deze diepte niet toelaten, zal de huisaansluiting op de meest haalbare diepte worden aangelegd.

 

De aanvrager dient zich te houden aan de bepalingen van het Bijzonder Waterverkoopreglement huisaansluitingen. Dit reglement is terug te vinden op www.farys.be/wettelijke-bepalingen.

De bijzondere aandacht wordt gevestigd op :

* De openbare riolering kan onder druk komen tot het maaiveld niveau, wat neerkomt op een stijging van het waterpeil in de buizen en de aansluitingen (code van goede praktijk voor  rioleringssystemen : www.vmm.be/wetgeving/code-van-goede-praktijk-voor-rioleringssystemen).

De bouwheer moet hier dan ook rekening mee houden bij de aanleg van (en de aansluitingen op) zijn privéwaterafvoer. Het Stadsbestuur kan onder geen enkele voorwaarde aansprakelijk gesteld worden voor schade door wateroverlast die een gevolg is van een onoordeelkundige aanleg van de privéwaterafvoer.

* Door de aanleg van gescheiden rioleringsstelsels, zowel op openbaar als op privaat domein, kan er sneller geurhinder ontstaan als gevolg van het geconcentreerde (onverdunde) afvalwater.

De aanvrager dient bij geurhinder op eigen initiatief en kosten elke instroomopening op zijn privéwaterafvoer door middel van een waterslot geurdicht af te schermen.

Om geurhinder als gevolg van de eigen private riolering te reduceren werden er enkele richtlijnen opgesteld, die u via deze link kan terugvinden: www.farys.be/richtlijnengeurhinder.

De interne riolering moet zo ontworpen worden dat een toekomstige aansluiting op een gescheiden rioleringsstelsel mogelijk is (afzonderlijke aansluitingen voor regenwater en afvalwater).

Er is nog geen aparte regenwaterafvoer (RWA)-aansluiting mogelijk. Voor zover het niet mogelijk is om het regenwater ter plaatse te laten infiltreren is de RWA-leidingen naar de straat te voorzien als wachtaansluiting. Voorlopig moeten het regen- en afvalwater gezamenlijk naar de riolering afgevoerd worden. Bovendien moeten de RWA-, en DWA-afvoeren naast elkaar worden aangeboden met een tussenafstand van 40 tot 60 cm. Hierbij loopt het DWA-gedeelte in een rechte lijn door naar de openbare riolering.

 

Bij een toekomstige aanleg van het openbaar domein zal de riolering gescheiden worden.

De keuring van de privéwaterafvoer is verplicht volgens het Algemeen Waterverkoopreglement bij aanbouw en/of het voorzien van een nieuwe aansluiting. Meer informatie vindt u op www.farys.be/keuring-privewaterafvoer

 

Gelet op de aard van de verbouwing verleent onze dienst vrijstelling m.b.t. het plaatsen van een nieuwe septische put. Een eventueel bestaande septische put moet behouden blijven en geïntegreerd worden in het nieuwe rioleringsstelsel.

De vrijstelling is gekoppeld aan deze bouwvergunning en heeft (is) geen blijvend karakter (recht) voor het perceel (zo kunnen bij toekomstige wijzigingen en verbouwingen in het kader van een bouwaanvraag andere voorwaarden gelden).

Het weglaten van een septische put brengt een groter risico mee voor verstoppingen in het buizenstelsel zelf. We adviseren dan ook om geen geheel “onbereikbaar gesloten” stelsel uit te voeren en te voorzien in voldoende controleputjes of andere toegangsmogelijkheden.

 

De afwatering van de terrassen moet aangesloten worden op het inpandig rioleringsstelsel. Spuiers die afwateren op het openbaar domein zijn niet toegelaten.

 

Openbaar domein:

Volgens het huidige toetsingskader kan er gunstig geadviseerd worden voor het plaatsen van uitspringende gevelisolatie ten opzichte van de rooilijn met een maximum van 14 centimeter (isolatie inclusief afwerking). Het voetpad moet na het aanbrengen van de gevelisolatie ten minste 1,20 meter breed blijven.

Constructieve elementen (ramen en deuren) mogen niet voorbij de huidige rooilijn geplaatst worden, dit geldt enkel voor de isolatie met afwerking. De gevelisolatie mag niet steunen op het trottoir maar mag wel doorgetrokken worden tot onder het trottoirpeil op voorwaarde dat de onderste 40 centimeter bekleed worden met een slagvast en resistent materiaal. Tegelijk moet het trottoir dan plaatselijk aangepast worden. De kosten die gepaard gaan met deze plaatselijke aanleg zijn ten laste van de bouwheer. Hiervoor moet de bouwheer een aanvraag indienen bij de dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Administratief Centrum, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00, via mail: tdwegen@stad.gent. Of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.

 

Openbaar domein:

De bouwheer is steeds verantwoordelijk voor beschadigingen aan de verhardingen van de openbare weg, trottoirs, boordstenen, (straat)kolken en de rijweg, die te wijten zijn aan de bouwactiviteit. De dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen herstelt deze beschadigingen op kosten van de bouwheer.

 

De vergunninghouder moet voor de aanvang van de werken een tegensprekelijke plaatsbeschrijving opmaken van de omliggende trottoirs en wegenis met bijzondere aandacht voor de (straat)kolken. Deze dient bezorgd te worden aan de dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Administratief Centrum, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00, via e-mail: tdwegen@stad.gent of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.

U kan dit door een architect of landmeter laten doen maar u mag dit ook zelf opnemen. (u maakt een aantal algemene foto’s vergezeld van detailfoto’s met reeds aanwezige schade aan het openbaar domein. Bij elke foto zet u een beschrijving en u voegt een plannetje toe met aanduiding van de positie van de foto’s).

 

Voor het eventueel wegnemen en terugplaatsen van de distributiekabel die zich op de gevel bevindt, moet contact worden opgenomen met Telenet, tel. 015 66 66 66.

 

Er zijn wegen- en/of rioleringswerken gepland in Verkortingstraat die voor de uitvoering van de aangevraagde bouwwerken belangrijke hinder kunnen opleveren. Voor bijkomende informatie kan men contact opnemen met de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Administratief Centrum, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00 via mail: tdwegen@stad.gent. Of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.

 

In functie van de werfzone op het openbaar domein is een vergunning Inname Publieke Ruimte noodzakelijk. U vraagt dit digitaal aan via de website www.stad.gent (typ tijdelijke werfzone in het zoekveld).

 


Artikel 3

Wijst de aanvrager op volgende aandachtspunten:

Rookmelder:

De woning moet uitgerust worden met een correct geïnstalleerde rookmelder die voldoet aan de norm NBN EN 14604 én die niet van het ionische type is. De detector moet reageren op rookontwikkeling bij een brand door het produceren van een scherp geluidssignaal.