Terug
Gepubliceerd op 21/01/2022

2022_CBS_00637 - OMV_2021170715 K - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning in gesloten bebouwing - zonder openbaar onderzoek - Knokkestraat 36, 9000 Gent - Vergunning

college van burgemeester en schepenen
do 20/01/2022 - 08:31 Virtueel - via Microsoft Teams
Datum beslissing: do 20/01/2022 - 08:53
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Filip Watteeuw

Aanwezig

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter; Filip Watteeuw, schepen; Sofie Bracke, schepen; Astrid De Bruycker, schepen; Sami Souguir, schepen; Tine Heyse, schepen; Isabelle Heyndrickx, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Hafsa El-Bazioui, schepen; Rudy Coddens, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Luc Kupers, adjunct-algemeendirecteur; Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Afwezig

Elke Decruynaere, schepen

Secretaris

Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Voorzitter

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter
2022_CBS_00637 - OMV_2021170715 K - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning in gesloten bebouwing - zonder openbaar onderzoek - Knokkestraat 36, 9000 Gent - Vergunning 2022_CBS_00637 - OMV_2021170715 K - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning in gesloten bebouwing - zonder openbaar onderzoek - Knokkestraat 36, 9000 Gent - Vergunning

Motivering

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

 

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.

 

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

 

Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 56.
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 15.

 

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

 

Het college van burgemeester en schepenen verleent de vergunning en legt bijzondere voorwaarden op.

 

WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?

 

CITYNEST BVBA met als contactadres Kortrijksesteenweg 1004, 9000 Gent heeft een aanvraag (OMV_2021170715) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 4 november 2021.

 

De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen handelt over:

Onderwerp: het verbouwen van een eengezinswoning in gesloten bebouwing

• Adres: Knokkestraat 36, 9000 Gent

Kadastrale gegevens: afdeling 9 sectie I nr. 712B2

 

Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 30 november 2021.

De aanvraag volgde de vereenvoudigde procedure.

Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 12 januari 2022.

 

OMSCHRIJVING AANVRAAG

1.       BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT

De te verbouwen woning bevindt zich langs de Knokkestraat in de wijk Stationsbuurt-Noord. De omgeving bestaat voornamelijk uit rijwoningen. Het pand in kwestie betreft een eengezinswoning in gesloten bouworde bestaande uit 2,5 bouwlagen en een hellend dak.

Het perceel is rechthoekig en heeft een perceelbreedte van 4,60m en een diepte van 24,35m.


Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

Met deze aanvraag wordt het dak van de gelijkvloerse aanbouw gesloopt en vervangen door een nieuw plat dak (groendak). De totale bouwdiepte na verbouwing (incl. hoofdvolume) blijft ongewijzigd en bedraagt 16,55m. De nieuwe dakrand ligt op een hoogte van 3,45m gemeten vanaf het trottoirpeil. Hiervoor moet de scheidingsmuur links beperkt opgehoogd worden: 5cm over de lengte gelegen tussen een bouwdiepte van 13,20m en 16,55m.


Voor het overige wordt het hoofdvolume intern heringericht. Op het gelijkvloers wordt de keuken ter hoogte van de voorgevel voorzien. Door het slopen van een aantal binnenmuren ontstaat een open leefruimte met centraal de eetplaats en ter hoogte van de achtergevel de leefruimte. Op de verdieping wordt een slaapkamer gesupprimeerd ten behoeve van het voorzien van een douchekamer, badkamer en apart toilet. De badkamer die zich oorspronkelijk op de 2de verdieping bevond, wordt daar aangepast naar een slaapkamer.

Er wordt een nieuwe vloerplaat voorzien in het dakvolume waardoor er een berging kan worden gecreëerd op het 3e niveau. De onderliggende kamers behouden een vrije hoogte van 2,25m.


Verder wordt ook het buitenschrijnwerk ter hoogte van de voorgevel vervangen door natuurkleurig houten buitenschijnwerk. Ter hoogte van de achtergevel wordt het schrijnwerk voorzien in pvc (wit). In het voorste en achterste dakvlak worden dakvlakramen voorzien (1 vooraan en 2 achteraan).

 

Het ontwerp voorziet beperkte aanpassingen aan het rioolstelsel. Hierbij wordt de bestaande septische en hemelwaterput behouden (beide 1500 liter). De bestaande kelder (onder het hoofdvolume) wordt gedempt.

2.       HISTORIEK

Er zijn geen relevante voorgaande vergunningen gekend voor het betrokken goed.

 

BEOORDELING AANVRAAG

3.       EXTERNE ADVIEZEN

Overeenkomstig artikel 35 van het omgevingsvergunningsbesluit zijn er geen externe adviezen vereist.

4.       TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN

4.1.   Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg

Gewestplan
Het project ligt in woongebied met culturele, historische en/of esthetische waarde volgens het gewestplan 'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 14 september 1977).
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven.

Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.

De gebieden en plaatsen van culturele, historische en/of esthetische waarde. In deze gebieden wordt de wijziging van de bestaande toestand onderworpen aan bijzondere voorwaarden, gegrond op de wenselijkheid van het behoud.
 

Gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan

Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening grootstedelijk gebied Gent' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 16 december 2005), maar niet in een gebied waarvoor er stedenbouwkundige voorschriften zijn bepaald.

De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.

4.2.   Vergunde verkavelingen

De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.

4.3.   Verordeningen

Algemeen bouwreglement

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het algemeen bouwreglement, stedenbouwkundige verordening van de stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en gewijzigd bij besluiten van de deputatie van 29 mei 2008, 23 oktober 2008, 19 augustus 2010, 4 oktober 2012 en 17 juli 2014, zevende wijziging van kracht op 20 december 2020.

 

Het ontwerp is niet in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement.

 

Artikel 9: Gescheiden afvoerstelsels voor afval- en hemelwater; §1 Verplichting tot aanleg van een gescheiden afvoerstelsel Bij nieuwbouw, al dan niet na slopen, en bij verbouwingen waarbij het afvoerstelsel van afval- en hemelwater kan aangepast worden, is de bouwheer verplicht een privaat gescheiden afvoerstelsel voor afvalwater en hemelwater te voorzien.

Gezien het ontwerp onderkelderd is, en er geoordeeld kan worden dat de werken in die mate zijn dat het afvoerstelsel van afval- en hemelwater kan worden aangepast, kan in alle redelijkheid geoordeeld worden dat binnen voorliggende aanvraag het afvoerstelsel hier kan vernieuwd worden. Hieraan wordt een bijzondere voorwaarde gekoppeld.


Artikel 12: Beperken van verhardingen; Het verharden van oppervlaktes moet tot een minimum beperkt worden. De strikt noodzakelijke verhardingen moeten waar mogelijk als verharding met natuurlijke infiltratie of als waterdoorlatende verharding aangelegd worden.

Binnen voorliggende aanvraag wordt  een beperkt terras voorzien (14m2). Gezien de beperkte oppervlakte van dit terras, en gezien er nog een groene zone wordt voorzien, kan akkoord gegaan worden met het vooropgestelde aandeel aan verharding. Er dient echter te worden ingezet op infiltratie op eigen terrein. Dit kan worden bekomen door het terras te laten afhellen naar de groenruimte of door het terras in waterdoorlatende verharding aan te leggen. Dit wordt opgelegd als bijzondere voorwaarde.

 

Artikel 13: Aanvulling op de gewestelijke hemelwaterverordening; Ter aanvulling van artikel 9 §1 van de gewestelijke hemelwaterverordening is de plaatsing van een hemelwaterput ook verplicht bij verbouwing (al dan niet met uitbreiding) van een gelijkvloerse of kelderverdieping van een bestaand gebouw, waarbij die verbouwing tot gevolg heeft dat het afvoerstelsel van afval- en hemelwater kan aangepast worden. Deze verplichting geldt enkel bij verbouwingen aan een bestaand gebouw, waarvan de oppervlakte groter dan 40m² is.

De totale oppervlakte (na verbouwing) bedraagt ca. 76,13m² en is dus groter dan 40m² waardoor het plaatsen van een hemelwaterput met hergebruik verplicht is. Het volume van de hemelwaterput bedraagt bij een eengezinswoning minimum 5.000 liter. Uit voorliggend aanvraagdossier blijkt echter dat het plaatsen van een hemelwaterput met dergelijk volume technisch moeilijk is. De tuinzone is namelijk onvoldoende breed (< 5 m). Binnen voorliggende aanvraag wordt daarom de bestaande hemelwaterput met een capaciteit van 1.500 liter behouden. Gelet op voorliggende context, kan geoordeeld worden dat een hemelwaterput met een kleiner volume hier aanvaard worden.
Deze afwijking impliceert evenwel de verplichting tot het inrichten van de nieuwe platte daken als groendak. Dit conform artikel 14 van dit algemeen bouwreglement. Het ontwerp voorziet hierin. Dit wordt opgelegd als bijzondere voorwaarde.

 

Artikel 14: Groendak; Bij nieuwbouw, herbouw en bij verbouwing (al dan niet met uitbreiding) moet elke nieuwe dakoppervlakte met een hellingsgraad tot 15 graden aangelegd worden als een groendak. Een groendak is een dak dat zo gebouwd wordt dat het begroeid kan worden met planten en waar er onder die planten een buffervolume voorzien is van minimaal 35 liter per m².

Overdekte constructies tot 40m² en gebouwen en (delen van) constructies waarvan het hemelwater dat erop valt op natuurlijke wijze op eigen terrein in de bodem infiltreert, worden vrijgesteld van de verplichting om een groendak aan te leggen. Deze verplichting geldt niet voor eengezinswoningen met een dakoppervlakte tot en met 100m² die aangesloten zijn op een hemelwaterput met hergebruik van hemelwater.

Gezien de toegestane afwijking op artikel 13 (zie hoger) geldt de vrijstelling van een groendak niet. Het dak van de aanbouw moet aangelegd worden als groendak. Een groendak is een dak dat zo gebouwd wordt dat het begroeid kan worden met planten en waar er onder die planten een buffervolume voorzien is van minimaal 35 liter per m². (zie bijzondere voorwaarde)

 

Gewestelijke verordening hemelwater

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 oktober 2004 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (zie waterparagraaf).

4.4.   Uitgeruste weg

Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gemeenteweg.

5.       WATERPARAGRAAF

Het voorliggende project heeft een beperkte oppervlakte en ligt niet in een recent overstroomd gebied of een overstromingsgebied, zodat in alle redelijkheid wordt geoordeeld dat geen schadelijk effect op de waterhuishouding van dit gebied wordt veroorzaakt.

De bebouwde oppervlakte blijft binnen voorliggende aanvraag ongewijzigd. Enkel wordt door de toename van de verharde oppervlakte de infiltratie van het hemelwater in de bodem plaatselijk beperkt. Dit wordt gecompenseerd door het plat dak van de nieuwe achterbouw aan te leggen als groendak.  Een groendak heeft een zekere bufferende werking door de vertraagde afvoer van het perceel. Zodoende wordt in alle redelijkheid geoordeeld dat het schadelijk effect op de waterhuishouding beperkt is.

6.       PROJECT-M.E.R.-SCREENING

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004 (MER-besluit) en heeft geen betrekking op een activiteit die voorkomt op de lijst van bijlage III bij dit besluit. De opmaak van een milieueffectrapport of project-m.e.r.-screening is voor voorliggend project dan ook niet vereist.

7.       BEKENDMAKING

De aanvraag volgt de vereenvoudigde procedure en moest dus niet aan een openbaar onderzoek worden onderworpen.

 

Aangezien de vergunningsaanvraag betrekking heeft op de oprichting, uitbreiding of afbraak van scheidingsmuren of muren die in aanmerking komen voor gemene eigendom, werd met een beveiligde zending het standpunt van de eigenaars van de aanpalende percelen gevraagd. Er werden geen bezwaren ingediend binnen de vervaltermijn van dertig dagen die ingaat op de dag na de dag van ontvangst van het verzoek om een standpunt.

8.       OMGEVINGSTOETS

 

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening
De verbouwingswerken betekenen een meerwaarde voor deze eengezinswoning. Het groot raam in de achtergevel zorgt voor extra lichtinval en versterkt het contact met de tuin. Het volume valt binnen de gebruikelijke normen qua bouwdiepte en hoogte. De impact op de aanpalende eigendommen en bij uitbreiding de omgeving is bijgevolg beperkt. Dit wordt overigens bevestigd doordat er geen bezwaren werden ingediend door de aanpalende eigenaar (links), die werd aangeschreven tijdens de procedure.

Door de herinrichting binnen de bestaande woning, ontstaat bovendien een meerwaarde in wooncomfort over de gehele woning. De vernieuwde indeling beantwoordt aan meer hedendaagse comforteisen.
 

ERFGOED
Het ontwerp voorziet in de verbouwing van een eengezinswoning. Daarbij wordt het dak van het bestaand gelijkvloers aanbouwvolume vervangen door een nieuwe plat dak. Dergelijke aanbouwvolumes hebben doorgaans weinig erfgoedwaarde. Hoewel dit niet met zekerheid kan gesteld worden (foto’s van het interieur ontbreken en er is ook geen plaatsbezoek gebeurd), kan akkoord gegaan worden met voorliggende werken aan de gelijkvloerse aanbouw.

 

Het hoofdvolume wordt in essentie behouden. Het ontwerp behoudt de bestaande structuur en indeling. Enkel ter hoogte van het gelijkvloers worden bestaande openingen vergroot. Aangezien de oorspronkelijke indeling van het pand afleesbaar blijft, is deze ingreep aanvaardbaar. De erfgoedwaarde van een pand wordt immers niet enkel door het uitzicht van een pand bepaald, maar kent meerdere dimensies. Ook de structuur, indeling, ruimtelijkheid en authentieke interieurelementen zoals sierplafonds, schouwen, trappen, binnenschrijnwerk en dergelijke meer hebben waarde en bepalen het karakter van het pand. Volgens de plannen wordt de trap behouden. Ook de schouwen ter hoogte van de 2e verdieping worden behouden. De overige schouwen worden gesloopt. Omwille van de erfgoedwaarde van dergelijke interieurelementen is het echter wel wenselijk dat de authentieke interieurelementen maximaal in het ontwerp geïntegreerd worden.

 

Het schrijnwerk van de voorgevel wordt vervangen door houten buitenschrijnwerk. Op vandaag is het authentieke schrijnwerk nog aanwezig ter hoogte van de gelijkvloerse verdieping. Op de hogere verdiepingen is het schrijnwerk al vervangen. Vervanging van het schrijnwerk is mogelijk, maar het is wenselijk dat dit gebeurd door geschilderd houten schrijnwerk met een raamindeling en -profilering identiek aan het originele schrijnwerk. De profilering van het raam op het gelijkvloers kan als model dienen. Aanpassing naar dubbele beglazing is hierbij aanvaardbaar. Bovendien is het wenselijk om het bovenlicht boven de voordeur te recupereren en dit te integreren in het nieuwe ontwerp.

Voorliggende aanvraag komt mits toepassing van de bijzondere voorwaarden in aanmerking voor vergunning.


CONCLUSIE

Voorwaardelijk gunstig, mits voldaan wordt aan de bijzondere voorwaarden is de aanvraag in overeenstemming met de wettelijke bepalingen en verenigbaar met de goede plaatselijke aanleg.
 

 

Waarom wordt deze beslissing genomen?

 

 

WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?

 

Het college van burgemeester en schepenen moet over de ingediende omgevingsvergunningsaanvraag een beslissing nemen.

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.

 

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen verleent onder voorwaarden de omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning in gesloten bebouwing aan CITYNEST bvba (O.N.:0887584543) gelegen te Knokkestraat 36, 9000 Gent.

De door het college vergunde plannen zijn de plannen die op de overzichtslijst staan, die is toegevoegd als bijlage aan deze vergunning en er integraal deel van uitmaakt.

Plannen die niet op deze overzichtslijst staan, maken geen deel uit van de vergunning.

Controleer steeds of het om een goedgekeurd plan gaat.

Opgelet, er kunnen voorwaarden betrekking hebben op de plannen.

 

 

Artikel 2

Legt volgende voorwaarden op:

Groendak:
Het nieuw plat dak moet als groendak worden aangelegd conform artikel 14 van het algemeen bouwreglement. Een groendak is een dak dat zo gebouwd wordt dat het begroeid kan worden met planten en waar er onder die planten een buffervolume voorzien is van minimaal 35 liter per m².
Dit moet gebeuren binnen het vergunde volume, zonder verdere ophoging van de gemene muren. 


Waterdoorlatende verharding:
De verharding in de buitenruimte dient infiltratie op eigen terrein mogelijk te maken. Dit wordt bekomen door de aangevraagde verharding te voorzien in waterdoorlatende materialen (inclusief waterdoorlatende fundering) of door deze oppervlakte te laten afvloeien naar de naastgelegen bestaande groenzone.

Riolering:

De aansluiting op het rioleringsnet is verplicht en wordt, wat betreft het gedeelte op het openbaar domein, uitgevoerd door FARYS. Een aanvraag tot het bekomen van een huisaansluiting moet ingediend worden bij FARYS via www.farys.be/nl/rioolaansluiting of verstuurd worden naar Stropstraat 1 te 9000 Gent.

 

De afvoer van het regen- en afvalwater moeten op kosten en op risico van de bouwheer, binnen zijn eigen terrein uitgevoerd worden. Het afvoeren kan hetzij door natuurlijke afloop, hetzij door oppompen.
 

Een bestaande aansluiting of een wachtaansluiting dient in regel gebruikt/ (her)bruikt te worden. De locatie en de diepteligging ervan zijn bindend. De bestaande aansluiting dient ter hoogte van de rooilijn opgezocht, opgemeten en gemarkeerd te worden. Indien ze (tijdelijk) niet in dienst blijft is het de taak van de bouwheer om deze ter hoogte van de rooilijn dicht te maken om elke instroom te vermijden.

Bij een nieuwe huisaansluiting wordt het traject bepaald in overleg tussen rioolbeheerder en klant. De algemene veiligheid, de instandhouding en de normale werking van de elementen van de huisaansluiting moeten verzekerd zijn en het toezicht, de controle en het onderhoud moeten gemakkelijk uitgevoerd kunnen worden. Voor de diepteligging dient er rekening mee gehouden te worden dat de huisaansluiting in regel door FARYS wordt gerealiseerd vóór aanleg van de privéwaterafvoer op een maximale diepte van 50 cm onder het maaiveld. Indien de diepteligging van de hoofdriolering of (kruisen van de) nutsleidingen deze diepte niet toelaten, zal de huisaansluiting op de meest haalbare diepte worden aangelegd.

 

De aanvrager dient zich te houden aan de bepalingen van het Bijzonder Waterverkoopreglement huisaansluitingen. Dit reglement is terug te vinden op www.farys.be/wettelijke-bepalingen.

De bijzondere aandacht wordt gevestigd op :

-      De openbare riolering kan onder druk komen tot het maaiveld niveau, wat neerkomt op een stijging van het waterpeil in de buizen en de aansluitingen (code van goede praktijk voor  rioleringssystemen : www.vmm.be/wetgeving/code-van-goede-praktijk-voor-rioleringssystemen).
De bouwheer moet hier dan ook rekening mee houden bij de aanleg van (en de aansluitingen op) zijn privéwaterafvoer. Het Stadsbestuur kan onder geen enkele voorwaarde aansprakelijk gesteld worden voor schade door wateroverlast die een gevolg is van een onoordeelkundige aanleg van de privéwaterafvoer.

-      Door de aanleg van gescheiden rioleringsstelsels, zowel op openbaar als op privaat domein, kan er sneller geurhinder ontstaan als gevolg van het geconcentreerde (onverdunde) afvalwater.
De aanvrager dient bij geurhinder op eigen initiatief en kosten elke instroomopening op zijn privéwaterafvoer door middel van een waterslot geurdicht af te schermen.
Om geurhinder als gevolg van de eigen private riolering te reduceren werden er enkele richtlijnen opgesteld, die u via deze link kan terugvinden: www.farys.be/richtlijnengeurhinder.

De interne riolering moet zo ontworpen worden dat een toekomstige aansluiting op een gescheiden rioleringsstelsel mogelijk is (afzonderlijke aansluitingen voor regenwater en afvalwater).
Er is nog geen aparte regenwaterafvoer (RWA)-aansluiting mogelijk. Voor zover het niet mogelijk is om het regenwater ter plaatse te laten infiltreren is de RWA-leidingen naar de straat te voorzien als wachtaansluiting. Voorlopig moeten het regen- en afvalwater gezamenlijk naar de riolering afgevoerd worden. Bovendien moeten de RWA-, en DWA-afvoeren naast elkaar worden aangeboden met een tussenafstand van 40 tot 60 cm. Hierbij loopt het DWA-gedeelte in een rechte lijn door naar de openbare riolering.

 

Bij een toekomstige aanleg van het openbaar domein zal de riolering gescheiden worden.

De keuring van de privéwaterafvoer is verplicht volgens het Algemeen Waterverkoopreglement bij aanbouw en/of het voorzien van een nieuwe aansluiting. Meer informatie vindt u op www.farys.be/keuring-privewaterafvoer

 

Er moet blijvend voorzien worden in een septische put waarbij (enkel) alle fecaliën aangesloten dienen te worden vooraleer de overloop daarvan terecht komt op het interne DWA-rioleringsstelsel.

 

De regenwaterpijp op de straatgevel mag maximaal 10 cm uitspringen. Deze moet onderaan, tot 1 m hoogte, uitgevoerd worden in gietijzer of in een ander materiaal dat evengoed bestand is tegen breuk of blijvende beschadiging.
Indien de regenwaterpijp verder dan 1,5 m van de rioolvertakking verwijderd is, moet de bouwheer deze binnenshuis op het interne rioleringssysteem aansluiten.
Voor het plaatsen van een regenwaterpijp op de straatgevel moet een vergunning inname openbaar domein aangevraagd en bekomen worden. Het aanvraagformulier kan u downloaden via de website www.stad.gent (typ regenwaterafvoerpijp in het zoekveld). Dit ingevulde formulier kan u mailen naar innames@stad.gent, opsturen per post naar Dienst Wegen, bruggen en waterlopen, afdeling Innames publieke ruimte, Botermarkt 1, 9000 Gent of afgeven aan de Balie Bouwen, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent.

 

Artikel 3

Wijst de aanvrager op volgende aandachtspunten:

Rookmelder:

De woning moet uitgerust worden met een correct geïnstalleerde rookmelder die voldoet aan de norm NBN EN 14604 én die niet van het ionische type is. De detector moet reageren op rookontwikkeling bij een brand door het produceren van een scherp geluidssignaal.

 

Drinkwaterinstallatie:

Op 1 juli 2011 werd het Algemeen Waterverkoopreglement van kracht, zodat er voor bouwers en verbouwers een aantal rechten en plichten bijkwamen. Sinds 16 juli 2012 is tevens het Bijzonder Waterverkoopreglement van Water-Link van kracht. Het bijzonder waterverkoopreglement van Water-Link is een aanvulling op het Algemeen Waterverkoopreglement. Zowel het Algemeen Waterverkoopreglement, als het aanvullend Bijzonder Waterverkoopreglement kan geraadpleegd worden via de website www.water-link.be, publicaties. Op deze locatie staat eveneens een infobrochure over de verplichte keuring van de binneninstallatie en de privé-waterafvoer.

 

Erfgoed:
Bij het vervangen van het buitenschrijnwerk van de voorgevel is het wenselijk dat dit gebeurd door geschilderd houten schrijnwerk met een raamindeling en -profilering identiek aan het originele schrijnwerk. De profilering van het raam op het gelijkvloers kan hierbij als model dienen. Aanpassing naar dubbele beglazing is hierbij aanvaardbaar. Ook is het wenselijk dat het bovenlicht boven de voordeur wordt gerecupereerd en kan worden geïntegreerd in het nieuwe ontwerp.

 

De erfgoedwaarde wordt niet enkel door het uitzicht van een pand bepaald maar kent meerdere dimensies.  Ook de structuur, indeling, ruimtelijkheid en authentieke interieurelementen zoals sierplafonds, schouwen, trappen, binnenschrijnwerk en dergelijke meer hebben waarde en bepalen het karakter van het pand. Deze elementen dienen maximaal in het ontwerp geïntegreerd te worden.

Openbaar domein

De bouwheer is steeds verantwoordelijk voor beschadigingen aan de verhardingen van de openbare weg, trottoirs, boordstenen, (straat)kolken en de rijweg, die te wijten zijn aan de bouwactiviteit. De dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen herstelt deze beschadigingen op kosten van de bouwheer.

 

De vergunninghouder moet voor de aanvang van de werken een tegensprekelijke plaatsbeschrijving opmaken van de omliggende trottoirs en wegenis met bijzondere aandacht voor de (straat)kolken.

Deze dient bezorgd te worden aan de dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Administratief Centrum, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00, via e-mail: tdwegen@stad.gent of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.

U kan dit door een architect of landmeter laten doen maar u mag dit ook zelf opnemen. (u maakt een aantal algemene foto’s vergezeld van detailfoto’s met reeds aanwezige schade aan het openbaar domein. Bij elke foto zet u een beschrijving en u voegt een plannetje toe met aanduiding van de positie van de foto’s).

 

In functie van de werfzone op het openbaar domein is een vergunning Inname Publieke Ruimte noodzakelijk. U vraagt dit digitaal aan via de website www.stad.gent (typ tijdelijke werfzone in het zoekveld). U dient er rekening mee te houden dat de behandeling van deze aanvraag een bepaalde doorlooptijd nodig heeft (zie ook website).

 

Er zijn wegen- en rioleringswerken gepland in de Knokkestraat die voor de uitvoering van de aangevraagde bouwwerken belangrijke hinder kunnen opleveren. Voor bijkomende informatie kan men contact opnemen met de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Administratief Centrum, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00, via e-mail: tdwegen@stad.gent of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.