Terug
Gepubliceerd op 21/01/2022

2022_CBS_00660 - OMV_2021137709 R - aanvraag omgevingsvergunning voor het bouwen van een werkplaats en magazijn met kantoren en het exploiteren van een verwerkingsbedrijf van minerale producten - met openbaar onderzoek - Singel , 9000 Gent - Vergunning

college van burgemeester en schepenen
do 20/01/2022 - 08:31 Virtueel - via Microsoft Teams
Datum beslissing: do 20/01/2022 - 08:55
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Filip Watteeuw

Aanwezig

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter; Filip Watteeuw, schepen; Sofie Bracke, schepen; Astrid De Bruycker, schepen; Sami Souguir, schepen; Tine Heyse, schepen; Isabelle Heyndrickx, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Hafsa El-Bazioui, schepen; Rudy Coddens, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Luc Kupers, adjunct-algemeendirecteur; Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Afwezig

Elke Decruynaere, schepen

Secretaris

Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Voorzitter

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter
2022_CBS_00660 - OMV_2021137709 R - aanvraag omgevingsvergunning voor het bouwen van een werkplaats en magazijn met kantoren en het exploiteren van een verwerkingsbedrijf van minerale producten - met openbaar onderzoek - Singel , 9000 Gent - Vergunning 2022_CBS_00660 - OMV_2021137709 R - aanvraag omgevingsvergunning voor het bouwen van een werkplaats en magazijn met kantoren en het exploiteren van een verwerkingsbedrijf van minerale producten - met openbaar onderzoek - Singel , 9000 Gent - Vergunning

Motivering

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

 

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.

 

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

 

Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 56.
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 15.

 

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

 

Het college van burgemeester en schepenen verleent de vergunning en legt bijzondere voorwaarden op.

 

WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?

 

GHENT AGGREGATES BVBA met als contactadres Singel 19, 9000 Gent en De heer JONATHAN KESTELEYN met als contactadres Singel 19, 9000 Gent hebben een aanvraag (OMV_2021137709) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 9 september 2021.

 

De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen en een ingedeelde inrichting of activiteit handelt over:

Onderwerp: het bouwen van een werkplaats en magazijn met kantoren en het exploiteren van een verwerkingsbedrijf van minerale producten

• Adres: Singel , 9000 Gent

Kadastrale gegevens: afdeling 12 sectie P nrs. 289X4 en 289Z4

 

Aanvullende informatie werd ontvangen op 29 september 2021. Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 19 oktober 2021.

De aanvraag volgde de gewone procedure.

Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 11 januari 2022.

 

OMSCHRIJVING AANVRAAG

1.       BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT

De aanvraag betreft een gecombineerde omgevingsvergunningsaanvraag met stedenbouwkundige handelingen en een ingedeelde inrichting of activiteit.

Ghent Aggregates is vanuit de haven van Gent gespecialiseerd invoerder en leverancier van hoogstaand natuurlijk en synthetisch siergrind, gekleurde granulaten en technische mineralen in dienst van de betonindustrie, utiliteitsbouw, wegenbouw, landschapsontwikkeling, sportinfrastructuur… 

 

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

De aanvraag omvat het bouwen van een werkplaats en magazijn met kantoren en het exploiteren van een verwerkingsbedrijf van minerale producten.

Het project omvat een grote productiehal met een nokhoogte van 11 m en een kleiner kantoorgedeelte met 2 bouwlagen en een nokhoogte van 7,50 m.

Het gebouw bestaat uit een compositie van 3 volumes met een totale footprint van 1080 m² (magazijn) + 121,3 m² (kantoren) + 35,4 m² (laadkaai) = 1.237 m². De compositie bestaat uit een geheel van 3 volumes. Een eerste volume, opgebouwd uit betonnen sandwichpanelen, is de laadkaai en heeft een directe verbinding naar de werkplaats. De kantoren, ook opgebouwd uit betonnen sandwichpanelen, zijn een slag groter en hebben een directe verbinding zowel naar buiten als naar de werkplaats. Het hoofdvolume biedt de nodige ruimte aan de werkplaats/ het magazijn waar alle gewenste producten vervaardigd zullen worden.

De afwerking wordt in essentie voorzien in 3 materialen. Betonnen sandwichpanelen voor de plinten en de kleinere volumes, arduin voor de dorpels en aluminium (antraciet) voor alle andere elementen
 

Het programma bestaat op het gelijkvloers uit een ontvangstzone met showroom van stalen. Een vergaderzaal voor klanten, sanitaire ruimtes en doucheruimte, alsook toegang tot de productiehal. Op de verdieping bevinden zich de werkplekken. De onthaalbalie voor de afnemers ligt ook op de verdieping en is toegankelijk via een buitentrap.

Vanuit de onthaalbalie moet de bediende vanop hoogte in de kiepwagen kunnen kijken of deze vol of leeg is en indien vuil zou zijn dan wordt er gevraagd eerst tot aan de waszone te rijden. Achter het onthaal is er een bureauruimte met raampartijen tot op de grond. Vanuit deze ruimte kan het personeel over de hele site kijken. Verder bevindt zich er op de verdieping nog een kitchenette, traphal en twee bureaus die uitkijken om de oprijlaan. 

 

Verharding rondom het gebouw:

Er wordt een deel verhard en /of herverhard op het terrein: 

- bestaand = 9.167 

- nieuw = 6.867 m² (asfalt nieuw) + 1.524 m² (betonverharding) + 128 m² (zone voor laadkaai,

betonverharding) – zone wasplaats (72 m²)

- de zone voor de wasplaats (72 m²) wordt aanzien als hemelwater dat door contact met de verharde oppervlakte zo vervuild is dat het als afvalwater moet beschouwd worden.

- de parking en het voetpad palend aan het nieuwe pand zijn voorzien in waterdoorlatende materialen, hier zijn het en grasdallen/ klinkers. Er is plaats voorzien voor 8 wagens, waarvan één voor mindervaliden en een fietsenstalling/luifel van ca. 60,32 m².

 

Aan de zijde van de Henri Farmanstraat worden de bestaande wanden in stapelblokken behouden als opslagplaats voor granulaten vanaf 4 mm, op het deel P289 x 4 worden er nog meer wanden zoals deze bestaande opgetrokken in stapelblokken om op deze manier een nog grotere opslagruimte te kunnen voorzien.


Beschrijving van de aangevraagde inrichtingen of activiteiten

 

Het betreft het exploiteren van een verwerkingsbedrijf van minerale producten.

 

Ghent Aggregates is vanuit Gent zeehaven gespecialiseerd invoerder en leverancier van hoogstaand natuurlijk en synthetisch siergrind, gekleurde granulaten en technische mineralen in dienst van de betonindustrie, utiliteitsbouw, wegenbouw, landschapsontwikkeling, sportinfrastructuur… 

 

De exploitatie is op heden gelegen t.h.v. Singel 19 te 9000 Gent en omvat de verwerking van minerale producten. De opslag van deze minerale producten gebeurt momenteel op een ander terrein dewelke kadastraal gekend is als Gent afdeling 12 - sectie P – percelen 289X4 en 289Z4 (momenteel nog geen huisnummer aanwezig). De oppervlakte die de huidige stockage van de mineralen inneemt is echter < 1ha waardoor de activiteiten op deze site op vandaag niet vergunningsplichtig zijn. 

 

In de toekomst wenst de exploitant echter zijn behandelingsactiviteiten uit te breiden en te verplaatsen van Singel 19 naar de percelen 389 X4 en 389 Z4 (de site waar nu de mineralen reeds liggen opslagen).

 

Voorliggende aanvraag heeft daarom betrekking op de locatie t.h.v. als Gent afdeling 12 –  sectie P – percelen 289X4 en 289Z4 en betreft de aanvraag van een mechanische behandelingsinstallatie, 2 nieuwe loodsen alsook een uitbreiding van de huidige mineraalopslag in opslagboxen. Hiervoor is een omgevingsvergunningsaanvraag vereist (klasse II). Volgens het gewestplan ligt de nieuwe site volledig in industriegebied. 

 

Er zijn ook nog enkele zaken aanwezig die omwille van hun beperkte hoeveelheid niet indelingsplichtig zijn, zoals de opslag van houten paletten (<200 m³ in openlucht), de opslag van Adblue en het lozen van huishoudelijk afvalwater (<600 m³/jaar).

Wanneer de activiteiten op de site t.h.v. Gent afdeling 12 - sectie P/3 – percelen 289X4 en 289Z4 zijn opgestart zullen de activiteiten t.h.v. Singel 19 Gent worden stopgezet. 

 

Volgende rubrieken worden aangevraagd:

 

Rubriek

Omschrijving

Hoeveelheid

3.4.1°a)

lozen (zonder behandeling in een afvalwaterzuiveringsinstallatie) van bedrijfsafvalwater dat geen gevaarlijke stoffen (lijst 2C, VLAREM I) bevat in concentraties hoger dan de geldende indelingscriteria (tot en met 2 m³/u) | Bedrijfsafvalwater afkomstig van de wasplaats voor reinigen bakken: 1,65 m³/u – 3,94 m³/dag – 311,2 m ³/jaar | klasse 3 | Nieuw

1,65 m³/uur

6.4.1°

opslagplaatsen voor brandbare vloeistoffen met een totale opslagcapaciteit van 200 l tot en met 50.000 l | Opslag van brandbare vloeistoffen:

- Olie: 200L

- Afvalolie: 200L | klasse 3 | Nieuw

400 liter

6.5.1°

brandstofverdeelinstallaties voor motorvoertuigen met maximaal 2 verdeelslangen | Brandstofverdeelinstallatie (dieseltank) | klasse 3 | Nieuw

1 verdeelslang

12.2.1°

transformatoren met een individueel nominaal vermogen van 100 kVA tot en met 1.000 kVA | transformator 250 kVA | klasse 3 | Nieuw

250 kVA

12.3.2°

Accumulatoren: vaste inrichting voor het laden van accumulatoren (meer dan 10 kW) - uitgezonderd laadpalen | Lader heftrucks | klasse 3 | Nieuw

74 kW

15.1.1°

stallen van 3 tot en met 25 autovoertuigen en/of aanhangwagens, andere dan personenwagens | Stallen van voertuigen andere dan personenwagens: 3 vrachtwagens | klasse 3 | Nieuw

3 aantal voertuigen

16.2.1°

gassen op basis van de etikettering niet gekenmerkt door een gevarenpictogram of uitsluitend gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS04 | Opslag van diverse gassen | klasse 3 | Nieuw

300 liter

16.3.2°a)

koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen en airconditioningsinstallaties (van 5 kW tot en met 200 kW) | 2 luchtcompressoren: 3 kW (200L en 10 bar) + 11 kW (500L en 13 bar)

Totale drijfkracht van 14 kW | klasse 3 | Nieuw

14 kW

17.3.2.1.1.1°b)

ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 3 : gasolie, diesel, lichte stookolie en gelijkaardige vloeistoffen met een vlampunt  ≥ 55°C met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 20 ton | Opslag dubbelwandige dieseltank met een totale hoeveelheid van  van 2500 l of 2,125 ton  (overdekt) | klasse 3 | Nieuw

2,125 ton

23.3.1°a)

opslag van kunststoffen en van voorwerpen uit kunststoffen, volledig gelegen in een industriegebied (meer dan 10 ton tot en met 200 ton in een lokaal) | Opslag van kunststoffen volledig in industriegebied: 20 m³ of 20 ton | klasse 3 | Nieuw

20 ton

29.5.2.1°a)

smederijen (andere dan rubriek 29.5.1) en mechanisch behandelen van metalen en vervaardigen van voorwerpen uit metaal, volledig gelegen in een industriegebied (van 5 kW tot en met 200 kW) | Behandelen van metalen: divers klein materiaal | klasse 3 | Nieuw

10 kW

30.1.1°b)

mechanisch behandelen van minerale producten (van meer dan 10 kW tot en met 200 kW) | Mechanisch behandelen van minerale producten

- Zeefinstallatie 50 kW

- Drooginstallatie en toebehoren 75 kW

- Verpakkingsinstallatie en afzaklijn 50 kW | klasse 2 | Nieuw

175 kW

30.10.1°

opslag of overslag van ertsen of andere minerale producten, met uitzondering van de producten, vermeld in rubriek 48, met een oppervlakte van 1 tot en met 10 ha | Opslag van mineralen: 2,3 hectare | klasse 2 | Nieuw

2,3 ha

43.1.1°a)

stookinstallaties volledig gelegen in industriegebied én gestookt met vloeibare brandstoffen, aardgas of vloeibaar gemaakt gas (van 300 kW tot en met 2 000 kW) | Brander (750 kW) op aardgas. aangesloten op wervelbeddroger | klasse 3 | Nieuw

750 kW

 

2.       HISTORIEK

Volgende vergunningen, meldingen en/of weigeringen zijn bekend:

 

Omgevingsvergunningen

  • Op 20/02/2020 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het aanleggen van verhardingen op terrein (OMV_2019135025).
  • Op 02/10/2020 werd een melding wegens ongegrond/niet rechtsgeldig niet afgeleverd voor het breken van puin (met water) voor stofvorming te voorkomen (OMV_2020125214).
  • Op 03/11/2020 werd een melding wegens ongegrond/niet rechtsgeldig niet afgeleverd voor het exploiteren van een mobiele breker voor het breken van niet-teerhoudend asfalt (OMV_2020136183).
  • Op 12/11/2020 werd een aktename afgeleverd voor het exploiteren van een mobiele breker voor het breken van niet-teerhoudend asfalt (OMV_2020148242).

 

Stedenbouwkundige vergunningen

  • Op 17/08/1964 werd een vergunning afgeleverd voor het oprichten van burelen en een draadafsluiting met inrijpoort - het bouwen van een hangaar niet inbegrepen. (Litt. D-11-64).
  • Op 18/01/1965 werd een vergunning afgeleverd voor het bouwen van een zagerijloods en een houtopslagplaats. (Litt. S-43-64).
  • Op 22/02/1965 werd een vergunning afgeleverd voor het oprichten van een kantoorgebouw. (Litt. S-46-64).
  • Op 16/10/1967 werd een vergunning afgeleverd voor het oprichten van een betonfabriek. (Litt. F-13-67).
  • Op 26/11/2015 werd een vergunning afgeleverd voor het aanleggen van waterdichte omwalde afvalbekkens. (2015/01166).

 

BEOORDELING AANVRAAG

3.       EXTERNE ADVIEZEN

Volgende externe adviezen zijn gegeven:

 

3.1.   North Sea Port

Voorwaardelijk gunstig advies van North Sea Port afgeleverd op 20 oktober 2021 onder ref. 2021-234:
Wij verwijzen naar uw bovenvermelde adviesvraag via het Omgevingsloket van 19/10/2021 met referentie OMV_2021137709.

 

De werken worden uitgevoerd op gronden eigendom van North Sea Port en zijn in concessie gegeven aan de aanvrager.

 

Stedenbouwkundige vergunning

De werken kunnen gunstig worden geadviseerd, mits rekening te houden met volgende voorwaarden:

         Bij het lozen van regen- en afvalwater dienen de geldende wettelijke bepalingen te worden gevolgd.

         Een voorstel van de aansluiting op het rioleringssysteem dient voorafgaand de start der werken ter goedkeuring aan North Sea Port te worden voorgelegd.

         De aansluiting op de openbare gracht dient van de nodige grachtbeschoeiing voorzien te worden zodat de gracht tegen uitspoeling beschermd is. Na de werken aan de lozingen op de gracht dient alles hersteld, opgeruimd en gedurende 2 jaar onderhouden te worden. Grasbermen en taluds dienen opnieuw te worden ingezaaid.

         De kosten en het onderhoud van de aansluiting op het rioleringssysteem is ten laste van de aanvrager.

         De aansluiting wordt voorzien van een toezichtput met volgende voorwaarden:

- wordt geplaatst ter hoogte van de rooilijn en op het openbaar domein;

- moet steeds toegankelijk zijn;

- heeft een verdiepte bodem van minimaal 25cm.

         Een voorstel van de aansluiting op het rioleringssysteem dient voorafgaand de start der werken ter goedkeuring te worden voorgelegd aan North Sea Port.

         Afvalwater dient eerst gezuiverd te worden door middel van een afvalwaterbehandeling (bv. IBA), vooraleer er kan geloosd worden. Gezuiverd afvalwater mag enkel (al dan niet via riolering) in oppervlaktewater geloosd worden (niet via een infiltratiesysteem). Gezuiverd afvalwater dient te voldoen aan de lozingsvoorwaarden van VLAREM. Welke lozingsnormen specifiek van toepassing zijn, dient door de aanvrager zelf te worden bepaald in functie van zijn activiteiten en de indelingsklasse volgens VLAREM. In het kader van de omgevingsvergunning zal de vergunningverlenende overheid (samen met VMM) dan toezicht houden of de afvalwaterbehandeling geplaatst is en of de aanvrager voldoet aan de lozingsvoorschriften.

         Regenwater dient op RWA en het afvalwater dient op DWA aangesloten te worden.

• - Keuring van de privéwaterafvoer:

- verplicht om te voldoen aan de Europese kwaliteitsnormen en het Algemeen waterverkoopreglement ;

- de keuring moet uitgevoerd worden door een externe keurder ;

- Het conform keuringsattest wordt overgemaakt aan North Sea Port (adviezen@northseaport) vooraleer de aansluiting in gebruik genomen wordt ;

- Bij belangrijk wijzigingen moet er een nieuwe keuring uitgevoerd en voorgelegd worden aan North Sea Port.

         De aanvrager is verantwoordelijk t.o.v. North Sea Port en derden voor alle schade en nadelen die voortvloeien uit deze toelating.

         Schade aan het terrein, aan de verhardingen en de bermen die te wijten is aan de uitvoering van de werken dient door de aanvrager te worden hersteld in zijn oorspronkelijke toestand. Het onderhoud van de wegherstellingen en van de gedichte sleuven valt gedurende 2 jaar ten laste van de aanvrager.

         Bij afbraakwerken dient men de afwatering van de verhardingen in stand te houden.

         Realisatie van de oprit dient door middel van inbuizing van de gracht en kopmuren te gebeuren.

 

Hiervoor kan de aanvrager de nodige technische informatie verkrijgen bij de afdeling Infrastructuur van North Sea Port.

 

Tijdens en na de uitvoering van de werken dient de weg steeds proper gehouden te worden omwille van de verkeersveiligheid.

 

Alle grondresten, afval, restmaterialen en dergelijke, die afkomstig zijn van de werken dienen te worden verwijderd.

 

De rioleringsonderdelen, -buizen en aansluitingen hierop dienen intact en in bedrijf te worden gehouden.

 

Minstens 5 werkdagen voor de aanvang van de werken verwittigt u/de aanvrager de afdeling Infrastructuur van North Sea Port schriftelijk of per mail (adviezen@northseaport.com).

 

Aandachtspunten

         Verwijderen ondergrondse massieven/ondergrondse tanks/ weg name tellers en nutsleidingen/

         Bouwreglement Gent/Evergem/Zelzate

         Stofschermen/groenschermen

         Teerhoudend asfalt vervangen door niet-teerhoudend asfalt.

 

Leidingen

Wij geven u toestemming tot het uitvoeren van de gevraagde werken aan de Singel, mits er met volgende elementen rekening wordt gehouden en van toepassing:

Voor de bestaande nutsleidingen in de buurt van de werken, verwijzen wij naar https://overheid.vlaanderen.be/producten-diensten/kabel-en-leidinginformatieportaal-klip. North Sea Port neemt hierin geen enkele verantwoordelijkheid.

 

De aanleg van de leidingen dient uitgevoerd te worden met minimale wegonderbreking en verkeershinder. De doorgangsmogelijkheden voor alle verkeer zijn gedurende de werken te vrijwaren. Plaatselijke omleidingen, onderbrekingen of wegversmallingen dienen met de nodige wegsignalisatie te worden aangeduid. Hiervoor dient u vooraf de goedkeuring te bekomen bij stad Gent. Alle aanvraagformulieren en gegevens vindt u terug op www.gent.be/start2signal .

 

De inritten naar de aangelegen bedrijven dienen te allen tijde toegankelijk te blijven. Bij mogelijke hinder dienen de nodige afspraken in gezamenlijk overleg met deze bedrijven te worden gemaakt.

Voor de aanvang der werken dient met alle betrokken partijen een gedetailleerde tegensprekelijke plaatsbeschrijving van de zone der werken opgemaakt te worden.

 

Indien er een dwarsing met de gracht/ het kanaal langsheen de in te vullen straat geschiedt hetzij door middel van onderboring, dient er een minimum dekking te worden aangehouden van 1 m onder het laagste punt van de bodem.

 

De dwarsing van de aan te leggen leidingen met het Infrabel-spoor/AWV/Stad Gent/AMT dient ter goedkeuring aan Infrabel/AWV/Stad Gent/AMT te worden voorgelegd.

 

De werken geschieden in synergie met de andere eigenaars van ondergrondse nutsvoorzieningen welke in het kader van de geplande wegenwerken hun leidingen dienen te verplaatsen of aan te passen.

 

De doorgang voor de mobiele kranen/reachstackers dienen in alle fases van de werken te worden verzekert. Indien dit niet kan gegarandeerd worden, dient de aanvrager voor de start der werken een vergadering te organiseren met North Sea Port en naam stouwer.

 

De uitvoeringsdetails van de riolering/kruising/doorgang/inritten dienen vooraf aan de afdeling Infrastructuur van North Sea Port ter goedkeuring te worden voorgelegd.

 

Aandachtspunten advies leidingen:

         Voorziene uitvoeringsdatum / wisselwerking met andere werken nazien in het kader van omleidingen.

         Niet gelimiteerde opsomming van technische specificaties waaraan het ontwerp moet tegemoetkomen:

         Voor de toegangsdeksels en de stabiliteit van de dakplaat van de verzamelputten wordt rekening gehouden met zware transporten (belasting klasse F900).

         De ligging van nieuwe rioleringen wordt zoveel mogelijk uitgevoerd in het midden van een rijvak zodat ook de putdeksels in het midden van het rijvak liggen/de berm.

         Bezwaren terrein door aanleg ondergrondse leidingen.

         Doorgangsconstructie Fluxys, Elia, e.a.

 

Milieuvergunning

Aandachtspunten advies vergunningen:

• Lozen / bufferen water

 

Verkeerskundige aandachtspunten:

• Ontwerp uit/inritten en aansluitingen op wegenis

• Verkeerskundige aspecten bij bepaling van inritten en de verkeersveiligheid

 

3.2.   Elia

Gedeeltelijk voorwaardelijk gunstig advies van Elia afgeleverd op 19 november 2021 onder ref. GS/N/1085893-1/BA/KVR:
zie bijlage op het omgevingsloket

 

3.3.   Infrabel

Voorwaardelijk gunstig advies van Infrabel NV Directie I-I.NW afgeleverd op 24 november 2021 onder ref. 3516.2021.588.GENT:
zie bijlage op het omgevingsloket

 

3.4.   Fluxys

Voorwaardelijk gunstig advies van Fluxys NV afgeleverd op 25 oktober 2021 onder ref. TPW-OL-2021565979:
Zie bijlage op het omgevingsloket.

 

3.5.   BRANDWEER

Voorwaardelijk gunstig advies van Brandweerzone Centrum afgeleverd op 4 november 2021 onder ref. 066889-001/MN/2021:
Besluit: GUNSTIG, mits te voldoen aan de hiervoor vermelde maatregelen en reglementeringen

 

Bijzondere aandachtspunten :

-          doordat het kantoor een duplex is, is het niet verplicht om een rookluik te voorzien boven de binnentrap

-          doordat het kantoor kleiner is dan 500 m², is het niet verplicht om een compartimentering te voorzien tussen dit kantoor en de loods

 

3.6.   MOBILITIT EN OPENBARE WERKEN

Geen bezwaar advies van Departement Mobiliteit en Openbare Werken afgeleverd op 16 november 2021.

 

4.       TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN

4.1.   Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg

Het project ligt in gebied voor zeehaven- en watergebonden bedrijven volgens het gewestplan 'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 28 oktober 1998).
Dit gebied is uitsluitend bestemd voor zeehaven- en watergebonden bedrijven, distributiebedrijven, logistieke bedrijven en opslag- en overslaginrichtingen evenals toeleveringsbedrijven en synergiebedrijven van de watergebonden bedrijven en de bestaande gevestigde productiebedrijven. In dit gebied worden ook de volgende dienstverlenende bedrijven toegelaten, voor zover zij complementair zijn met de voornoemde bedrijven: bankagentschappen, benzinestations en collectieve restaurants ten behoeve van de in de zone gevestigde bedrijven.
Er wordt een bufferzone aangelegd aan de grens met de omliggende gebieden. In deze bufferzone worden geen handelingen en werken toegelaten die afbreuk doen aan de bufferfunctie, of aan de bestemming en/of de ruimtelijke kwaliteiten van het aangrenzend gebied. Het gebied en de bufferzone die het omvat, kunnen slechts worden gerealiseerd en beheerd door de overheid.

 

Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening Zeehavengebied Gent - Inrichting R4-oost en R4-west' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 15 juli 2005), maar niet in een gebied waarvoor er stedenbouwkundige voorschriften zijn bepaald.

De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.

4.2.   Vergunde verkavelingen

De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.

4.3.   Verordeningen

Algemeen bouwreglement

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het algemeen bouwreglement, stedenbouwkundige verordening van de stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en gewijzigd bij besluiten van de deputatie van 29 mei 2008, 23 oktober 2008, 19 augustus 2010, 4 oktober 2012 en 17 juli 2014, zevende wijziging van kracht op 20 december 2020.

Het ontwerp is niet in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement, het wijkt af op volgende punten:

- artikels 12-14: aspecten hemelwater (zie waterparagraaf);

 

Gewestelijke verordening hemelwater

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 oktober 2004 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (zie waterparagraaf).

 

Gewestelijke verordening toegankelijkheid

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid.

Het ontwerp is in overeenstemming met deze verordening.

 

4.4.   Uitgeruste weg

Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste havenweg.

4.5.   Archeologienota

Het dossier bevat een archeologienota (ID https://id.erfgoed.net/archeologie/archeologienotas/19993). Deze nota is bekrachtigd door het agentschap Onroerend Erfgoed op 24/09/2021. De archeologienota toont gemotiveerd aan dat er geen verder archeologisch onderzoek moet plaatsvinden.

 

5.       WATERPARAGRAAF

 

Toetsing aan de gewestelijke stedenbouwkundige verordening (GSV) en het algemeen bouwreglement van de stad Gent (ABR) inzake hemelwater:

 

Verharding

Conform artikel 12 van het ABR moet het verharden van oppervlaktes tot een minimum beperkt worden. De strikt noodzakelijke verhardingen moeten waar mogelijk als verharding met natuurlijke infiltratie of als waterdoorlatende verharding aangelegd worden.

 

Een deel van de verharding wordt voorzien in waterdoorlatende materialen.

Het geheel van waterdoorlatende verharding en fundering dient blijvend een even goede doorlatendheid te hebben als een reguliere infiltratievoorziening.  Er mag geen enkele vorm van versnelde waterafvoer aanwezig zijn (geen drainageleidingen, goten, afvoerkolken (andere dan noodafvoer-/overstortkolken), hellingen, …).

De verharding mag geen wateroverlast veroorzaken bij derden.

 

Hemelwaterput en groendak

Hemelwaterput

Er wordt een hemelwaterput van 10.000l voorzien (conform verplicht volume GSV/ABR).Het aangetoond nuttig hergebruik wordt  niet ingeschat.

Het hemelwater wordt gebruikt voor sanitair, dienstkraan en verneveling.

 

De geplande hemelwaterput van 10.000 l is correct gedimensioneerd volgens de GSV en ABR.

 

Groendak

Volgens het ABR moeten alle platte en licht hellende daken (hellingsgraad tot 15°) die niet gebruikt worden voor de opvang en hergebruik van hemelwater als groendak aangelegd worden. Op die manier worden toch inspanningen geleverd om water zoveel mogelijk vast te houden aan de bron met een verbetering van de waterhuishouding als gevolg.

Gebouwen met een andere hoofdbestemming dan wonen zijn vrijgesteld van de verplichting tot plaatsing van een groendak, voor het gedeelte van de totale dakoppervlakte waarvoor het nuttig gebruik is aangetoond.

De vrijgestelde dakoppervlakte in functie van het aangetoond nuttig hergebruik is 200 m², dit is met andere woorden de dakoppervlakte die dient aangesloten te worden op de hemelwaterput en bijgevolg wordt vrijgesteld van de aanleg van een groendak.

 

De bouwheer vraagt op basis van artikel 14 van het ABR een afwijking op de verplichting om een groendak aan te leggen.

De afwijking kan toegestaan worden voor de productiehal, maar niet voor het kantoorgebouw en voor de laadkade.

De groendaken moeten zo opgebouwd worden dat het begroeid kan worden met planten en waar er onder de planten een buffervolume voorzien is van minimaal 35 l/m².

 

Infiltratievoorziening

De bouwheer voorziet een infiltratievoorziening van  474.000  liter en een oppervlakte van  784,4 m².

De infiltratievoorziening is correct gedimensioneerd volgens de GSV.

 

De infiltratievoorziening is deels ondergronds en bestaat uit bufferputten en grachten.

Om infiltratie toe te laten dient de gemiddelde hoogste grondwaterstand idealiter dieper gelegen te zijn dan de infiltratievoorziening.

De eventuele overloop moet boven de gemiddelde hoogste grondwaterstand gelegen zijn, aangezien de infiltratievoorziening anders als drainage fungeert.

 

Bij een bovengrondse infiltratievoorziening mag, in geval de komdiepte beperkt is tot 30 cm, steeds de volledige oppervlakte van de infiltratiekom of het infiltratieveld worden ingerekend. Deze wordt bepaald als de horizontale projectie van de infiltratievoorziening op het niveau van de noodoverlaat.

Indien de bodem dieper ligt dan 30 cm kan de bodem worden meegeteld onder voorwaarde dat de infiltratievoorziening bij een volledige vulling binnen de 72 uur wordt geledigd en indien er een onderhoudsprogramma wordt uitgevoerd waardoor de doorlatendheid van de bodem wordt behouden. Zoniet worden alleen de wanden in rekening gebracht.

 

Er kan voldaan worden aan de GSV en ABR indien bovenstaande maatregelen worden toegepast.

 

Waterparagraaf

Het project situeert zich in het stroomgebied van het Noorddok (beheer : North Sea Port). Het is niet gelegen in effectief of mogelijks overstromingsgebied.

De gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen en het algemeen bouwreglement van Stad Gent inzake hemelwater werd hierboven besproken.

 

De inrichting is niet gelegen in een overstromingsgebied of een risicozone voor overstromingen.

 

De lozing van het afvalwater is een ingedeelde activiteit. De impact van de lozing werd besproken onder het aspect afvalwater. De lozing moet voldoen aan de toepasselijke algemene en sectorale voorwaarden van Vlarem II (en de bijzondere voorwaarden) waardoor verontreiniging zal voorkomen worden.

Er wordt bodemvreemd materiaal opgeslagen (indelingsplichtig) in niet overstromingsgevoelig gebied.

De impact van het bodemvreemd materiaal werd besproken onder het aspect bodem en grondwater. De opslag moet voldoen aan de toepasselijke algemene en sectorale voorwaarden van Vlarem II waardoor verontreiniging zal voorkomen worden.

 

Er kan geconcludeerd worden dat voorliggende aanvraag mits toepassing van bovenstaande maatregelen de watertoets doorstaat.

De Dienst Milieu en Klimaat verleent onderhavig advies op basis van de gegevens uit het geoloket watertoets (http://www.waterinfo.be).

 

6.       PROJECT-M.E.R.-SCREENING

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004 (MER-besluit) en heeft geen betrekking op een activiteit die voorkomt op de lijst van bijlage III bij dit besluit. De opmaak van een milieueffectrapport of project-m.e.r.-screening is voor voorliggend project dan ook niet vereist.

 

7.       OPENBAAR ONDERZOEK

Het openbaar onderzoek werd gehouden van 29 oktober 2021 tot 27 november 2021.
Gedurende dit openbaar onderzoek werden geen bezwaren ingediend.

 

8.       OMGEVINGSTOETS

 

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening
 

Volume en inpasbaarheid

De voorgestelde handeling zijn naar inplanting, volume en materiaalgebruik ruimtelijk inpasbaar binnen dit havenlandschap. Er werd gekozen om een sterke eigenheid te geven aan het project door middel van een zeer beperkt materialenpalet en een sobere compositie voor industrieel gebruik. Er wordt gezorgd dat beide onderdelen van het gebouw (kantoren en productiehal) voldoende daglicht hebben om zo een aangename werkomgeving te creëren voor de werknemers van het bedrijf. In de productiehal wordt dit bekomen door middel van een grote lichtstraat in het dak, de kantoren krijgen voldoende raampartijen hiervoor.

 

Mobiliteit

Situering en historiek

Het project omvat de bouw van werkplaats en magazijn met kantoren in het zuidelijk deel van de Gentse haven. Het gaat in totaal om 1.335 m² bvo, waarvan 1.095 m² bvo voor opslag in het magazijn en 240 m² voor kantoor. 

Bij de aanvraag werd een Mober gevoegd.

 

Voetganger en fiets

Er zijn geen voetgangersvoorzieningen aanwezig in de straat. De locatie is daarom zeer moeilijk bereikbaar te voet. Er is een enkelzijdig dubbelrichtingsfietspad aanwezig aan de overzijde van de site. De bereikbaarheid voor fietsers is redelijk goed.

 

Collectief vervoer

-          De dichtste bushalte ligt op meer dan 1 km, namelijk halte Gent Motorstraat waar bussen 70-72 halteren.

-          Er zijn geen stations dichtbij. Het dichtste station Dampoort bevindt zich op 3,5 km.

-          Er zijn geen deelwagens binnen een straal van 500 m.

-          De locatie is zeer matig ontsloten met het openbaar vervoer.

 

Auto

- De site is vlot bereikbaar met de wagen via de N424 en de R4.

- Laden en lossen wordt voorzien op eigen terrein.

 

Parkeren

Om de aanvraag te toetsen aan de goede ruimtelijke ordening, bekijken we de voorgestelde parkeeroplossingen. De Stad beoogt de leefbaarheid en kwaliteit van de stad te bewaren en zelfs te versterken zonder de parkeeroverlast op de omgeving zonder meer te verhogen. De Stad stelde hiertoe een set van fiets- en autoparkeerrichtlijnen op, opgenomen in het Parkeerplan Gent, deel uitmakend van het Mobiliteitsplan van de Stad. De parkeerrichtlijnen worden gebruikt om aan de hand van objectieve criteria de gewenste parkeerratio te berekenen:

1. Type functie: Loods en kantoor

2. Ligging: witte zone

3. Grootte: 1.095 m² bvo loods en 240 m² bvo kantoor

Rekening houdend met bovenstaande, vragen de parkeerrichtlijnen 10 fietsparkeerplaatsen voor dit project. De voorgestelde plannen voldoen.

-          Gezien de activiteit, de ligging in de haven en het verwachte aantal medewerkers (5), kan er akkoord gegaan worden met het voorziene aantal fietsparkeerplaatsen op de plannen, namelijk 7.

-          De afmetingen in de fietsenstalling zijn conform de parkeerrichtlijnen.

-          Fietsparkeerplaatsen voor medewerkers moeten overdekt en afgesloten kunnen worden.

Op de plannen is momenteel enkel een luifel voorzien. De fietsparkeerplaatsen zijn hierdoor niet afgesloten. Dit moet aangepast worden. Dit is immers belangrijk om diefstal tegen te gaan.

 

Rekening houdende met bovenstaande, vragen de parkeerrichtlijnen 12 tot 19 parkeerplaatsen voor dit project waarvan 1 voor bezoekers. De voorgestelde plannen voldoen.

-          Gezien de activiteit en het verwachte aantal medewerkers (5), kan er akkoord gegaan worden met het voorziene aantal autoparkeerplaatsen op de plannen, namelijk 8.

-          De afmetingen van de autoparkeerplaatsen zijn conform de parkeerrichtlijnen.

De Nota fiets- en autoparkeerrichtlijnen is géén op zichzelf staand, verordenend instrument maar houdt wél rekening met de decretaal vastgestelde beoordelingselementen die de goede ruimtelijke ordening mee vorm geven. In die zin is deze nota dan ook te beschouwen als ‘beleidsmatig gewenst met betrekking tot de mobiliteitsimpact’, in de zin van art. 4.3.1 §2 2° a) van de Vlaamse codex ruimtelijke ordening.

 

Wat de interne circulatie betreft, wordt er omwille van de verkeersveiligheid aanbevolen dat de fietsers de inrit in twee richtingen mogen gebruiken (dus zowel bij het oprijden als bij het wegrijden). Op die manier moeten de fietsers zich niet mengen met het gemotoriseerde verkeer op de site. Daarnaast is het belangrijk dat er bij de inrit en de uitrit een voldoende gevrijwaard zichtveld is zodat verkeersonveilige situaties worden vermeden.

 

Milieuhygiënische en veiligheidsaspecten

aspect afval

De voortgebrachte afvalstoffen worden volgens VLAREMA (Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen) beschouwd als bedrijfsafval. VLAREMA stelt dat bedrijfsafval gescheiden ingezameld moet worden en opgehaald moet worden door een erkende inzamelaar, afvalstoffenhandelaar of -makelaar voor verdere verwerking door een erkende verwerker. De bedrijfsafvalstoffen kunnen door het gemeentelijke inzamelsysteem opgehaald worden op voorwaarde dat hiervoor de reële kostprijs wordt betaald, dat de capaciteit van de gemeentelijke inzamelsystemen niet overbelast wordt en dat een zo goed mogelijke afzonderlijke registratie van dit bedrijfsafval wordt gevoerd. Het is ook verplicht om een afvalstoffenregister bij te houden. Dit wordt opgenomen als opmerking.

 

aspect afvalwater

De inrichting ligt in niet gerioleerd gebied volgens het zoneringsplan van Stad Gent, vastgesteld door de Vlaamse Regering in de stroomgebiedbeheerplannen 2016-2021 op 18 december 2015. Er is evenwel (gemengde) riolering aanwezig in de straat (Singel).

 

Er wordt regenwater opgevangen en gebruikt voor het besproeien van de granulaten en het reinigen van de bakken. Er wordt geen leidingwater of grondwater aangewend voor de besproeiing. Het water dat gebruikt wordt voor besproeiing zal deels verloren gaan door verdamping en wordt deels opgenomen door de producten zelf. Hierdoor is er geen bedrijfsafvalwater afkomstig van de besproeiing.

 

Er is enkel bedrijfsafvalwater aanwezig afkomstig van de wasplaats dewelke wordt gebruik voor het wassen van de bakken. Dit betreft zowel het waswater als het hemelwater afkomstig van de wasplaats. Het waswater wordt via een slibvang gevolgd door een KWS-afscheider geloosd op de openbare riolering. De slibvang en KWS-afscheider moeten regelmatig onderhouden en geledigd worden. De afvalstoffen die hierbij vrij te komen moeten afgevoerd worden naar een erkend verwerker. Dit wordt opgenomen als bijzondere voorwaarde.

 

De tankinstallatie is binnen gelokaliseerd waardoor hier geen potentieel verontreinigd hemelwater ontstaat.

 

De run-off van regenwater afkomstig van de rest van het terrein wordt via een bezinkput op de RWA van de openbare riolering geloosd en betreft proper regenwater.

 

Het huishoudelijk afvalwater is niet ingedeeld en wordt geloosd op de openbare riolering.

 

aspect bodem

Er wordt een rubriek aangevraagd die aangeduid is met een vlarebocode.

Conform het decreet van 27 oktober 2006 betreffende de bodemsanering en de bodembescherming (Bodemdecreet) en het besluit van de Vlaamse Regering van 14 decembe  2007 betreffende de bodemsanering en de bodembescherming (VLAREBO) is een oriënterend onderzoek verplicht om de 10 jaar en bij overdracht, sluiting en faillissement. Dit wordt opgenomen als opmerking.

 

Potentiële bronnen van bodem- en grondwaterverontreiniging betreffen:

- Opslag van olie en afvalolie

- Opslag van diesel

- Verdeelslang

- Stallen van voertuigen 

- Transformator 

 

Alle opslag van mineralen en bewerkingsprocessen gebeuren op verharde oppervlaktes. 

 

De voertuigen worden binnen geplaatst.

 

De olie en afvalolie worden bovengronds in vaten op lekbakken geplaatst.

 

De bovengrondse dieseltank is dubbelwandig of ingekuipt, waardoor de kans op  doorlekken naar de bodem en oppervlaktewaters wordt verhinderd. De tank moet beschikken over een comformiteitsattest en attest vóór ingebruikname. Ter staving van de naleving wordt als bijzondere voorwaarde opgelegd dat deze attesten voorafgaand aan de exploitatie moeten bezorgd worden aan de Dienst Toezicht van de stad Gent (toezicht@stad.gent) met vermelding van het dossiernummer. De tank moet tevens onderworpen worden aan periodieke keuringen door een erkend deskundige cfr. Hoofdstuk 5.17 van Vlarem II. Dit wordt opgenomen als opmerking.

 

De dieseltank en de verdeelslang staan binnen opgesteld. Hierdoor is er geen tankpiste aanwezig en wordt er ook geen potentieel verontreinigd hemelwater gevormd.  Er moet voldoende absorptiemateriaal aanwezig zijn om eventuele morsvloeistoffen op te kuisen. Dit wordt opgenomen als bijzonder voorwaarde.

 

De transformator betreft een oliegekoelde transformator. Deze transformator is geplaatst in een prefabcabine dewelke voldoet aan de wettelijke bepalingen voor transformatoren. Zo is de transformator beschermd tegen binnendringen van regenwater of grondwater en wordt de transformator geplaatst in een vloeistofdichte inkuiping die bij een lek de diëlektrische vloeistof opvangt. De transformator moet jaarlijks gekeurd worden door een erkend keuringsorganisme. Dit wordt als opmerking opgenomen.

 

aspect geluid

Potentiële bronnen van geluidshinder betreffen:

-          Transport van aan- en afvoer

-          Lossen van grondstoffen

-          Laden van grondstoffen

-          Mechanische bewerking

-          Compressoren

-          Metaalbewerking

-          Droog- en verpakkingsinstallatie 

 

Er wordt zoveel mogelijk in vaste periodes gewerkt om eventuele hinder te beperken. De zeefinstallatie betreft een mobiele installatie voor de productie van granulaten.

De inrichting is gelegen in een industriegebied op ca. 500 m van woongebied. De zeefinstallatie en andere potentieel hinderlijke installaties moeten zodanig opgesteld en afgeschermd worden dat geluidshinder maximaal wordt vermeden. Dit wordt opgenomen als bijzondere voorwaarde. De geluidsnormen van Vlarem II moeten te allen tijde nageleefd worden. Dit wordt als opmerking opgenomen.

 

Het normale geluid en trillingen van de transportbewegingen zijn te verwachten. De aan- en afvoer van vrachtwagens is echter typisch voor een dergelijk industriegebied. Om geluidshinder en luchtverontreiniging door draaiende motoren van wachtende voertuigen te vermijden, moeten de motoren stil gelegd worden tijdens het laden, lossen of tijdens pauzes. Dit wordt als bijzondere voorwaarde opgenomen.

 

De kleine compressor (3kW) wordt inpandig geplaatst. De grote compressor (11 kW) zal ook inpandig

geplaatst worden in een bijkomende geïsoleerde geluidskast. Hierdoor wordt er geen geluidshinder verwacht van deze activiteiten.

Het behandelen van metalen betreft een sporadische gebeurtenis (zoals lassen). Er wordt geen geluidshinder verwacht van deze activiteiten.

 

De droger staat op dempers waardoor de trillingen minimaal zijn. Bovendien staat de droger en de verpakkingsinstallatie opgesteld binnen in de loods. Er wordt geen geluidshinder verwacht van deze activiteiten.

 

aspect lucht

De granulaten betreffen grove fracties waardoor deze niet stuifgevoelig zijn. Uit voorzorgsprincipe worden deze bovendien besproeid waardoor er geen stof kan vrijkomen.

 

Het bedrijfsterrein is grotendeels verhard, waardoor stofvorming door vrachtwagens of andere voertuigen op het terrein zeer gering is.

 

Voor de stookinstallatie op gas (750 kW) moeten conform artikel 5.43.2.20 van VLAREM II emissiemetingen moeten uitgevoerd worden binnen een periode van drie maanden na de ingebruikname. Ter staving van de naleving wordt als bijzondere voorwaarde opgelegd wordt dat het meetverslag van de emissiemetingen van de stookinstallatie binnen een termijn van 3 maanden na ingebruikname moeten bezorgd worden aan de Dienst Milieutoezicht van de Stad Gent met vermelding van het dossiernummer. De stookinstallatie moet verder 5-jaarlijks onderworpen worden aan emissiemetingen cfr. Hoofdstuk 5.43 van Vlarem II. Dit wordt opgenomen als opmerking.

 

aspect energie

Het bedrijf komt in aanmerking voor energiecoaching van de stad Gent. De energiecoach geeft professioneel advies op maat voor zowel renovaties, nieuwbouw of voor een algemene verlaging van het energieverbruik binnen het bedrijf.

Contact en meer info: Energiecoaching@stad.gent of 09 268 23 00 of http://www.stad.gent/energiecoaching. Dit wordt opgenomen als opmerking.

 

aspect (brand)veiligheid

Het bepalen en het aanbrengen van de noodzakelijke brandpreventie- en brandbestrijdingsmiddelen dient te gebeuren in overleg met en volgens de richtlijnen van de plaatselijke brandweer. De voorwaarden uit het advies (met referentie 066889-001/MN/2021) van de Brandweerzone Centrum, Afdeling Brandpreventie dienen steeds nageleefd te worden. Dit wordt als bijzondere voorwaarde opgenomen.

 

Er worden verschillende gassen opgeslagen. De volle en lege gasflessen dienen gescheiden opgeslagen te worden. Een duidelijke identificatie voor de opslag van lege en volle flessen dient voorzien te worden. De gasflessen moeten steeds met behulp van beugels of kettingen beschermd worden tegen omvallen. Bij de opslag dient steeds rekening gehouden te worden met de afstandsregels conform bijlage 5.17.1. van Vlarem II. Deze voorwaarde wordt als bijzondere voorwaarde opgenomen.

 

Er is een luchtcompressor aanwezig van 3kW (200L en 10 bar) en een compressor van 11 kW (500L en 13 bar). De luchtcompressor van 11 kW moet  conform artikel 5.16.3.2.§4. van VLAREM II, onderworpen dient te worden aan een onderzoek door een milieudeskundige erkend in de discipline houder voor gassen of gevaarlijke stoffen zodat een maximale beveiliging voor de buurt wordt verzekerd. Ter staving van deze verplichting, wordt als bijzondere voorwaarde opgelegd wordt dat een attest van onderzoek voorafgaand aan de exploitatie moet bezorgd worden aan de Dienst Milieutoezicht van de Stad Gent met vermelding van het dossiernummer. Er is tevens een 5-jaarlijkse keuring door een erkend deskundige van toepassing cfr. artikel 5.16.1.8 § 2 van Vlarem II. Dit wordt opgenomen als opmerking.

 

CONCLUSIE

De gevraagde omgevingsvergunning mits voorwaarden milieuhygiënisch, stedenbouwkundig en planologisch verenigbaar met de onmiddellijke omgeving, bijgevolg is het verslag voorwaardelijk gunstig.

 

Volgende rubrieken worden gunstig beoordeeld:

Rubriek

Omschrijving

Hoeveelheid

3.4.1°a)

lozen (zonder behandeling in een afvalwaterzuiveringsinstallatie) van bedrijfsafvalwater dat geen gevaarlijke stoffen (lijst 2C, VLAREM I) bevat in concentraties hoger dan de geldende indelingscriteria (tot en met 2 m³/u) | Bedrijfsafvalwater afkomstig van de wasplaats voor reinigen bakken: 1,65 m³/u – 3,94 m³/dag – 311,2 m ³/jaar | Nieuw

1,65 m³/uur

6.4.1°

opslagplaatsen voor brandbare vloeistoffen met een totale opslagcapaciteit van 200 l tot en met 50.000 l | Opslag van brandbare vloeistoffen:

- Olie: 200L

- Afvalolie: 200L | Nieuw

400 liter

6.5.1°

brandstofverdeelinstallaties voor motorvoertuigen met maximaal 2 verdeelslangen | Brandstofverdeelinstallatie (dieseltank) | Nieuw

1 verdeelslang

12.2.1°

transformatoren met een individueel nominaal vermogen van 100 kVA tot en met 1.000 kVA | transformator 250 kVA | Nieuw

250 kVA

12.3.2°

Accumulatoren: vaste inrichting voor het laden van accumulatoren (meer dan 10 kW) - uitgezonderd laadpalen | Lader heftrucks | Nieuw

74 kW

15.1.1°

stallen van 3 tot en met 25 autovoertuigen en/of aanhangwagens, andere dan personenwagens | Stallen van voertuigen andere dan personenwagens: 3 vrachtwagens | Nieuw

3 aantal voertuigen

16.2.1°

gassen op basis van de etikettering niet gekenmerkt door een gevarenpictogram of uitsluitend gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS04 | Opslag van diverse gassen | Nieuw

300 liter

16.3.2°a)

koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen en airconditioningsinstallaties (van 5 kW tot en met 200 kW) | 2 luchtcompressoren: 3 kW (200L en 10 bar) + 11 kW (500L en 13 bar)

Totale drijfkracht van 14 kW | Nieuw

14 kW

17.3.2.1.1.1°b)

ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 3 : gasolie, diesel, lichte stookolie en gelijkaardige vloeistoffen met een vlampunt  ≥ 55°C met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 20 ton | Opslag dubbelwandige dieseltank met een totale hoeveelheid van  van 2500 l of 2,125 ton  (overdekt) | Nieuw

2,12 ton

23.3.1°a)

opslag van kunststoffen en van voorwerpen uit kunststoffen, volledig gelegen in een industriegebied (meer dan 10 ton tot en met 200 ton in een lokaal) | Opslag van kunststoffen volledig in industriegebied: 20 m³ of 20 ton | Nieuw

20 ton

29.5.2.1°a)

smederijen (andere dan rubriek 29.5.1) en mechanisch behandelen van metalen en vervaardigen van voorwerpen uit metaal, volledig gelegen in een industriegebied (van 5 kW tot en met 200 kW) | Behandelen van metalen: divers klein materiaal | Nieuw

10 kW

30.1.1°b)

mechanisch behandelen van minerale producten (van meer dan 10 kW tot en met 200 kW) | Mechanisch behandelen van minerale producten

- Zeefinstallatie 50 kW

- Drooginstallatie en toebehoren 75 kW

- Verpakkingsinstallatie en afzaklijn 50 kW | Nieuw

175 kW

30.10.1°

opslag of overslag van ertsen of andere minerale producten, met uitzondering van de producten, vermeld in rubriek 48, met een oppervlakte van 1 tot en met 10 ha | Opslag van mineralen: 2,3 hectare | Nieuw

2,3 ha

43.1.1°a)

stookinstallaties volledig gelegen in industriegebied én gestookt met vloeibare brandstoffen, aardgas of vloeibaar gemaakt gas (van 300 kW tot en met 2 000 kW) | Brander (750 kW) op aardgas. aangesloten op wervelbeddroger | Nieuw

750 kW

 

 

Waarom wordt deze beslissing genomen?

 

 

WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?

 

Het college van burgemeester en schepenen moet over de ingediende omgevingsvergunningsaanvraag een beslissing nemen.

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.

 

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen verleent onder voorwaarden de omgevingsvergunning voor het bouwen van een werkplaats en magazijn met kantoren en het exploiteren van een verwerkingsbedrijf van minerale producten aan GHENT AGGREGATES bvba (O.N.:0551914459) en de heer JONATHAN KESTELEYN gelegen te Singel , 9000 Gent.

De door het college vergunde plannen zijn de plannen die op de overzichtslijst staan, die is toegevoegd als bijlage aan deze vergunning en er integraal deel van uitmaakt.

Plannen die niet op deze overzichtslijst staan, maken geen deel uit van de vergunning.

Controleer steeds of het om een goedgekeurd plan gaat.

Opgelet, er kunnen voorwaarden betrekking hebben op de plannen.

 

De rubrieken voor de inrichting/activiteit Ghent Aggregates met inrichtingsnummer 20210827-0022 beslist het college als volgt:

 

Vergunde rubrieken:

Rubriek

Omschrijving

Hoeveelheid

3.4.1°a)

lozen (zonder behandeling in een afvalwaterzuiveringsinstallatie) van bedrijfsafvalwater dat geen gevaarlijke stoffen (lijst 2C, VLAREM I) bevat in concentraties hoger dan de geldende indelingscriteria (tot en met 2 m³/u) | Bedrijfsafvalwater afkomstig van de wasplaats voor reinigen bakken: 1,65 m³/u – 3,94 m³/dag – 311,2 m ³/jaar | Nieuw

1,65 m³/uur

6.4.1°

opslagplaatsen voor brandbare vloeistoffen met een totale opslagcapaciteit van 200 l tot en met 50.000 l | Opslag van brandbare vloeistoffen:

- Olie: 200L

- Afvalolie: 200L | Nieuw

400 liter

6.5.1°

brandstofverdeelinstallaties voor motorvoertuigen met maximaal 2 verdeelslangen | Brandstofverdeelinstallatie (dieseltank) | Nieuw

1 verdeelslang

12.2.1°

transformatoren met een individueel nominaal vermogen van 100 kVA tot en met 1.000 kVA | transformator 250 kVA | Nieuw

250 kVA

12.3.2°

Accumulatoren: vaste inrichting voor het laden van accumulatoren (meer dan 10 kW) - uitgezonderd laadpalen | Lader heftrucks | Nieuw

74 kW

15.1.1°

stallen van 3 tot en met 25 autovoertuigen en/of aanhangwagens, andere dan personenwagens | Stallen van voertuigen andere dan personenwagens: 3 vrachtwagens | Nieuw

3 aantal voertuigen

16.2.1°

gassen op basis van de etikettering niet gekenmerkt door een gevarenpictogram of uitsluitend gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS04 | Opslag van diverse gassen | Nieuw

300 liter

16.3.2°a)

koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen en airconditioningsinstallaties (van 5 kW tot en met 200 kW) | 2 luchtcompressoren: 3 kW (200L en 10 bar) + 11 kW (500L en 13 bar)

Totale drijfkracht van 14 kW | Nieuw

14 kW

17.3.2.1.1.1°b)

ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 3 : gasolie, diesel, lichte stookolie en gelijkaardige vloeistoffen met een vlampunt  ≥ 55°C met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 20 ton | Opslag dubbelwandige dieseltank met een totale hoeveelheid van  van 2500 l of 2,125 ton  (overdekt) | Nieuw

2,12 ton

23.3.1°a)

opslag van kunststoffen en van voorwerpen uit kunststoffen, volledig gelegen in een industriegebied (meer dan 10 ton tot en met 200 ton in een lokaal) | Opslag van kunststoffen volledig in industriegebied: 20 m³ of 20 ton | Nieuw

20 ton

29.5.2.1°a)

smederijen (andere dan rubriek 29.5.1) en mechanisch behandelen van metalen en vervaardigen van voorwerpen uit metaal, volledig gelegen in een industriegebied (van 5 kW tot en met 200 kW) | Behandelen van metalen: divers klein materiaal | Nieuw

10 kW

30.1.1°b)

mechanisch behandelen van minerale producten (van meer dan 10 kW tot en met 200 kW) | Mechanisch behandelen van minerale producten

- Zeefinstallatie 50 kW

- Drooginstallatie en toebehoren 75 kW

- Verpakkingsinstallatie en afzaklijn 50 kW | Nieuw

175 kW

30.10.1°

opslag of overslag van ertsen of andere minerale producten, met uitzondering van de producten, vermeld in rubriek 48, met een oppervlakte van 1 tot en met 10 ha | Opslag van mineralen: 2,3 hectare | Nieuw

2,3 ha

43.1.1°a)

stookinstallaties volledig gelegen in industriegebied én gestookt met vloeibare brandstoffen, aardgas of vloeibaar gemaakt gas (van 300 kW tot en met 2 000 kW) | Brander (750 kW) op aardgas. aangesloten op wervelbeddroger | Nieuw

750 kW

 

 

 

 

Artikel 2

Legt volgende voorwaarden op:

  

BIJZONDERE VOORWAARDEN STEDENBOUW

 

Brandweer

De brandweervoorschriften, die betrekking hebben op deze omgevingsvergunning, moeten strikt nageleefd worden (zie advies van 04/11/2021 met kenmerk 066889-001/MN/2021).

 

North Sea Port

De voorwaarden opgenomen in het advies van North Sea Port (advies van 20/10/2021, met kenmerk 2021-234) moeten strikt nageleefd worden.

 

Infrabel

De voorwaarden opgenomen in het advies van Infrabel NV Directie I-I.NW (advies van 24/11/2021, met kenmerk 3516.2021.588.GENT) moeten strikt nageleefd worden.

 

Elia

De voorwaarden opgenomen in het advies van Elia (advies van 19/11/2021, met kenmerk GS/N/1085893-1/BA/KVR) moeten strikt nageleefd worden.

 

Fluxys

De voorwaarden opgenomen in het advies van Fluxys NV (advies van 25/10/2021, met kenmerk TPW-OL-2021565979) moeten strikt nageleefd worden.

 

Verharding

Een deel van de verharding wordt voorzien in waterdoorlatende materialen.

Het geheel van waterdoorlatende verharding en fundering dient blijvend een even goede doorlatendheid te hebben als een reguliere infiltratievoorziening.  Er mag geen enkele vorm van versnelde waterafvoer aanwezig zijn (geen drainageleidingen, goten, afvoerkolken (andere dan noodafvoer-/overstortkolken), hellingen, …).

De verharding mag geen wateroverlast veroorzaken bij derden.

 

Groendak

Het kantoorgebouw en de overkapping boven de laadkade moeten aangelegd worden als groendak.

De groendaken moeten zo opgebouwd worden dat het begroeid kan worden met planten en waar er onder de planten een buffervolume voorzien is van minimaal 35 l/m².

 

Infiltratievoorziening

Om infiltratie toe te laten dient de gemiddelde hoogste grondwaterstand idealiter dieper gelegen te zijn dan de infiltratievoorziening.

De eventuele overloop moet boven de gemiddelde hoogste grondwaterstand gelegen zijn, aangezien de infiltratievoorziening anders als drainage fungeert.

 

Bij een bovengrondse infiltratievoorziening mag, in geval de komdiepte beperkt is tot 30 cm, steeds de volledige oppervlakte van de infiltratiekom of het infiltratieveld worden ingerekend. Deze wordt bepaald als de horizontale projectie van de infiltratievoorziening op het niveau van de noodoverlaat.

Indien de bodem dieper ligt dan 30 cm kan de bodem worden meegeteld onder voorwaarde dat de infiltratievoorziening bij een volledige vulling binnen de 72 uur wordt geledigd en indien er een onderhoudsprogramma wordt uitgevoerd waardoor de doorlatendheid van de bodem wordt behouden. Zoniet worden alleen de wanden in rekening gebracht.

 

Mobiliteit

De fietsenstalling moet afsluitbaar zijn om diefstal tegen te kunnen gaan. Dit moet op de plannen worden aangeduid.

 

BIJZONDERE MILIEU VOORWAARDEN

  1. Het bepalen en het aanbrengen van de noodzakelijke brandpreventie- en brandbestrijdingsmiddelen gebeurt in overleg met en volgens de richtlijnen van de plaatselijke brandweer. De voorwaarden uit het advies (met referentie 066889-001/MN/2021) van de Brandweerzone Centrum, Afdeling Brandpreventie dienen steeds nageleefd te worden.
  2. De slibvang en KWS-afscheider moeten regelmatig onderhouden en geledigd worden. De afvalstoffen die hierbij vrij te komen moeten afgevoerd worden naar een erkend verwerker.
  3. Voorafgaand aan de exploitatie moeten het conformiteitsattest en attest vóór ingebruikname van de dieseltank bezorgd worden aan de Dienst Toezicht van de stad Gent (toezicht@stad.gent) met vermelding van het dossiernummer.
  4. Ter hoogte van de brandstofverdeelinstallatie moet voldoende absorptiemateriaal aanwezig zijn om eventuele morsvloeistoffen op te kuisen.
  5. De zeefinstallatie en andere potentieel hinderlijke installaties moeten zodanig opgesteld en afgeschermd worden dat geluidshinder maximaal wordt vermeden.
  6. Om geluidshinder en luchtverontreiniging door draaiende motoren van wachtende voertuigen te vermijden, moeten de motoren stil gelegd worden tijdens het laden, lossen of tijdens pauzes.
  7. Het meetverslag van de emissiemetingen van de stookinstallatie moet binnen een termijn van 3 maanden na ingebruikname moeten bezorgd worden aan de Dienst Milieutoezicht van de Stad Gent met vermelding van het dossiernummer.
  8. De volle en lege gasflessen dienen gescheiden opgeslagen te worden. Een duidelijke identificatie voor de opslag van lege en volle flessen dient voorzien te worden. De gasflessen moeten steeds met behulp van beugels of kettingen beschermd worden tegen omvallen. Bij de opslag dient steeds rekening gehouden te worden met de afstandsregels conform bijlage 5.17.1. van Vlarem II.
  9. Een attest van onderzoek van de compressor van 11 kW, uitgevoerd door een milieudeskundige erkend in de discipline houder voor gassen of gevaarlijke stoffen, moet conform voorafgaand aan de exploitatie bezorgd worden aan de Dienst Milieutoezicht van de Stad Gent met vermelding van het dossiernummer.

 

De algemene en sectorale milieuvoorwaarden van titel II van het VLAREM:

De integrale en geconsolideerde tekst van titel II van het VLAREM is raadpleegbaar op de Milieunavigator, via de link:  https://navigator.emis.vito.be/

Bij wijziging van VLAREM wordt de exploitant geacht de meest actuele versie van de van toepassing zijnde bepalingen na te leven.


Artikel 3

Wijst de aanvrager op volgende aandachtspunten:

Bouwlijn

Na het uitzetten van de bouwlijn moet de aanvrager het aanvraagformulier overmaken aan de Dienst Coördinatie – Landmeetcel, Botermarkt 1, 9000 Gent óf door het aanvraagformulier digitaal op te sturen naar landmeetcel@gent.be. Na ontvangst van het aanvraagformulier tot controle van de bouwlijn/rooilijn zal de bevoegde stadsdienst instaan voor deze controle. Indien de bouwheer start met de werken alvorens het proces-verbaal van aflijning te hebben ontvangen, is hij geheel verantwoordelijk voor alle gedane kosten.

 

afval

De voortgebrachte afvalstoffen worden volgens VLAREMA (Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen) beschouwd als bedrijfsafval. VLAREMA stelt dat bedrijfsafval gescheiden ingezameld moet worden en opgehaald moet worden door een erkende inzamelaar, afvalstoffenhandelaar of -makelaar voor verdere verwerking door een erkende verwerker. De bedrijfsafvalstoffen kunnen door het gemeentelijke inzamelsysteem opgehaald worden op voorwaarde dat hiervoor de reële kostprijs wordt betaald, dat de capaciteit van de gemeentelijke inzamelsystemen niet overbelast wordt en dat een zo goed mogelijke afzonderlijke registratie van dit bedrijfsafval wordt gevoerd. Het is ook verplicht om een afvalstoffenregister bij te houden.

 

bodem

Er wordt een rubriek aangevraagd die aangeduid is met een vlarebocode.

Conform het decreet van 27 oktober 2006 betreffende de bodemsanering en de bodembescherming (Bodemdecreet) en het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2007 betreffende de bodemsanering en de bodembescherming (VLAREBO) is een oriënterend onderzoek verplicht om de 10 jaar en bij overdracht, sluiting en faillissement.

 

De dieseltank moet onderworpen worden aan periodieke keuringen door een erkend deskundige cfr. Hoofdstuk 5.17 van Vlarem II.

 

De transformator moet jaarlijks gekeurd worden door een erkend keuringsorganisme.

 

geluid

De geluidsnormen van Vlarem II moeten te allen tijde nageleefd worden.

 

lucht

De stookinstallatie moet verder 5-jaarlijks onderworpen worden aan emissiemetingen cfr. Hoofdstuk 5.43 van Vlarem II.

 

energie

Het bedrijf komt in aanmerking voor energiecoaching van de stad Gent. De energiecoach geeft professioneel advies op maat voor zowel renovaties, nieuwbouw of voor een algemene verlaging van het energieverbruik binnen het bedrijf.

Contact en meer info: Energiecoaching@stad.gent of 09 268 23 00 of http://www.stad.gent/energiecoaching.

 

veiligheid

De compressor van 11 kW moet 5-jaarlijkse gekeurd worden door een erkend deskundige cfr. artikel 5.16.1.8 § 2 van Vlarem II.