Terug
Gepubliceerd op 21/01/2022

2022_CBS_00657 - OMV_2021170641 K - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning met een commerciële functie naar een eengezinswoning en het opsplitsen van een eengezinswoning naar 2 eengezinswoningen - zonder openbaar onderzoek - Martelaarslaan 331 en 333, 9000 Gent - Vergunning

college van burgemeester en schepenen
do 20/01/2022 - 08:31 Virtueel - via Microsoft Teams
Datum beslissing: do 20/01/2022 - 08:55
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Filip Watteeuw

Aanwezig

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter; Filip Watteeuw, schepen; Sofie Bracke, schepen; Astrid De Bruycker, schepen; Sami Souguir, schepen; Tine Heyse, schepen; Isabelle Heyndrickx, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Hafsa El-Bazioui, schepen; Rudy Coddens, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Luc Kupers, adjunct-algemeendirecteur; Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Afwezig

Elke Decruynaere, schepen

Secretaris

Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Voorzitter

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter
2022_CBS_00657 - OMV_2021170641 K - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning met een commerciële functie naar een eengezinswoning en het opsplitsen van een eengezinswoning naar 2 eengezinswoningen - zonder openbaar onderzoek - Martelaarslaan 331 en 333, 9000 Gent - Vergunning 2022_CBS_00657 - OMV_2021170641 K - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning met een commerciële functie naar een eengezinswoning en het opsplitsen van een eengezinswoning naar 2 eengezinswoningen - zonder openbaar onderzoek - Martelaarslaan 331 en 333, 9000 Gent - Vergunning

Motivering

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

 

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.

 

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

 

Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 56.
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 15.

 

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

 

Het college van burgemeester en schepenen verleent de vergunning en legt bijzondere voorwaarden op.

 

WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?

 

CITYNEST BVBA met als contactadres Kortrijksesteenweg 1004, 9000 Gent heeft een aanvraag (OMV_2021170641) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 4 november 2021.

 

De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen handelt over:

Onderwerp: het verbouwen van een eengezinswoning met een commerciële functie naar een eengezinswoning en het opsplitsen van een eengezinswoning naar 2 eengezinswoningen

• Adres: Martelaarslaan 331 en 333, 9000 Gent

Kadastrale gegevens: afdeling 16 sectie K nrs. 951G4 en 951L6

 

Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 25 november 2021.

De aanvraag volgde de vereenvoudigde procedure.

Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 7 januari 2022.

 

OMSCHRIJVING AANVRAAG

1.       BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT

De te renoveren panden zijn gelegen langsheen de Martelaarslaan in de wijk Watersportbaan-Ekkergem. De omgeving bestaat voornamelijk uit gesloten bebouwing. De linker zijgevel is afgewerkt als een wachtgevel, daarlangs bevindt zich de toegang tot een handelspand in binnengebied.

De panden in kwestie zijn twee eengezinswoningen met twee bouwlagen en afgewerkt met een hellend dak. Kadastraal betreft het twee percelen. De bebouwing leest eveneens als twee aparte woningen. In de bestaande toestand zijn beide woningen intern met elkaar verbonden als één geheel. De linker woning beschikt over een garage achteraan het perceel.

 

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

Met deze aanvraag worden twee eengezinswoningen omgevormd tot drie eengezinswoningen. De linker eengezinswoning met een NVO van ca. 188 m², blijft behouden als een eengezinswoning. De rechter eengezinswoning met een NVO van ca. 425,50 m² wordt opgesplitst in twee eengezinswoningen.

 

De bestaande bebouwing wordt verticaal opgedeeld in 3 woningen. De eengezinswoning aan de linkerzijde (woning 1) beschikt over een perceelsbreedte van ca. 6,17 m op de rooilijn, en heeft een totale netto vloeroppervlakte van ca. 188,80 m². De eengezinswoning in het midden (woning 2) beschikt over een perceelsbreedte van ca. 6,86 m op de rooilijn, en heeft een totale netto vloeroppervlakte van ca. 200 m². De eengezinswoning aan de rechterzijde (woning 3) beschikt over een perceelsbreedte van ca. 5,05 m op de rooilijn, en heeft een totale netto-vloeroppervlakte van ca. 162,70 m².

 

Op de gelijkvloerse verdieping worden de bestaande aanbouwen in het midden van de panden alsook een garage van 43,10 m² achteraan het perceel gesloopt.

De nieuwe bouwdiepte (incl. hoofdvolume) op de gelijkvloerse verdieping van woning 1 bedraagt gemiddeld ca. 17,30 m. De dakrand van de nieuwe aanbouw bevindt zich op een hoogte van 3,20 m (gemeten vanaf de nulpas/ vloerpas). De overige zone op het perceel wordt ingericht als buitenruimte waarvan gedeeltelijk als terras van ca. 20 m² en gedeeltelijk als tuinzone/ groenzone van ca. 107 m².

De nieuwe bouwdiepte (incl. hoofdvolume) op de gelijkvloerse verdieping van woning 2 bedraagt gemiddeld ca. 18,00 m. De dakrand van de nieuwe aanbouw bevindt zich op een hoogte van 3,35 m (gemeten vanaf de nulpas/ vloerpas). De overige zone op het perceel wordt ingericht als buitenruimte waarvan gedeeltelijk als terras van ca. 23 m² en gedeeltelijk als tuinzone/ groenzone van ca. 123 m².

De nieuwe bouwdiepte (incl. hoofdvolume) op de gelijkvloerse verdieping van woning 3 bedraagt gemiddeld ca. 15,70 m. De dakrand van de nieuwe aanbouw bevindt zich op een hoogte van 3,05 m (gemeten vanaf de nulpas/ vloerpas). De overige zone op het perceel wordt ingericht als buitenruimte waarvan gedeeltelijk als terras van ca. 23 m² en gedeeltelijk als tuinzone/ groenzone van ca. 101 m².

 

Voor het overige wordt het hoofdvolume intern heringericht. Woning 1 en woning 2 beschikken vooraan de woning over een fietsenberging en worden ingericht met 4 slaapkamers. Woning 3 wordt ingericht met 3 slaapkamers.

 

Aan de voorgevel worden enkele aanpassingen gedaan. Zo wordt de bestaande garagepoort aan de linkerzijde vervangen door een poort in houten schrijnwerk in een witte kleur voor de fietsenberging van woning 1. De poort beschikt over twee vaste panelen links en rechts, en een dubbele draaideur in het midden.

Verder wordt aan de rechterzijde een raamopening vervangen door een deuropening voor woning 3. Op het grondplan van de gelijkvloerse verdieping van woning 3 bevindt de raamopening links en de deuropening rechts. Op de voorgeveltekening van woning 3 wordt de deuropening links en de deuropening rechts voorzien. De exacte locatie is dus niet gekend. De nieuwe deuropening wordt afgewerkt in houten schrijnwerk in een witte kleur.

Voor het overige blijft het voorgevelbeeld ongewijzigd.

2.       HISTORIEK

Er zijn geen relevante voorgaande vergunningen gekend voor het betrokken goed.

 

BEOORDELING AANVRAAG

3.       EXTERNE ADVIEZEN

Volgende externe adviezen zijn gegeven:

 

AGENTSCHAP WEGEN EN VERKEER

Advies van Agentschap Wegen en Verkeer afgeleverd op 13 december 2021 onder
ref. AV/411/2021/01480:

Voorwaardelijk gunstig.

Bij de uitvoering van de vergunning dient de aanvrager rekening te houden met de omschreven aandachtspunten (zie bijlage op het omgevingsloket).

 

VLAAMSE VERVOERMAATSCHAPPIJ DE LIJN OOST-VLAANDEREN
Er werd geen tijdig advies verkregen van Vlaamse Vervoermaatschappij De Lijn Oost-Vlaanderen. De adviesvraag is verstuurd op 25/11/2021. Op 4 januari 2022 is nog géén advies ontvangen. Omdat de decretaal omschreven adviestermijn verstreken is, kan aan de adviesvereiste voorbij gegaan worden.

4.       TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN

4.1.   Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg

Het project ligt in woongebied volgens het gewestplan 'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 14 september 1977).

De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven.

Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.

 

Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening grootstedelijk gebied Gent' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 16 december 2005), maar niet in een gebied waarvoor er stedenbouwkundige voorschriften zijn bepaald.


De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.

4.2.   Vergunde verkavelingen

De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.

4.3.   Verordeningen

Algemeen bouwreglement

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het algemeen bouwreglement, stedenbouwkundige verordening van de stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en gewijzigd bij besluiten van de deputatie van 29 mei 2008, 23 oktober 2008, 19 augustus 2010, 4 oktober 2012 en 17 juli 2014, zevende wijziging van kracht op 20 december 2020.

 

Het ontwerp is niet in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement, het wijkt af op volgende punt:

  • Artikel 30 - natuurlijke verlichting

Een kamer en een studio moeten daglicht ontvangen. In een appartement, een eengezinswoning, een schakelwoning en een hospitawoning moeten de woonkamer, de keuken en de slaapkamer daglicht ontvangen.

Deze daglichten moeten cumulatief aan volgende voorwaarden voldoen:
- uitmonden in de openlucht - voor een studio en een kamer moet de totale oppervlakte van het daglicht minimum 1/10 van de netto vloeroppervlakte van het lokaal bedragen;
- voor een keuken en een woonkamer in een appartement of een eengezinswoning moet de totale oppervlakte van het daglicht minimum 1/10 van de netto vloeroppervlakte van de keuken of de woonkamer bedragen, met een minimum van 1 m²;
- voor een slaapkamer in een appartement of een eengezinswoning moet de totale oppervlakte van het daglicht minimum 1/12 van de netto vloeroppervlakte van de slaapkamer bedragen, met een minimum van 1 m².
Woonkamers en slaapkamers mogen niet uitsluitend verlicht worden door dakkoepels. Worden niet meegerekend voor de berekening van de oppervlakte: de daglichten in een scheidingsmuur en de vensters of openingen die uitgeven op een overdekte ruimte. In de toelichting wordt bijkomend gesteld dat dakvlakramen wel mogelijk zijn voor de verlichting van slaapkamers, indien deze laag genoeg zijn om ook uitzicht mogelijk te maken.


Toetsing: De dakvlakramen voorzien in het dak van de zolderverdieping van de woningen bevinden zich op meer dan 2m dan de vloer waardoor een uitkijk niet mogelijk is. Hierdoor kunnen de ramen niet meegeteld worden in de berekening van natuurlijke verlichting en wijkt het voorstel af op het algemeen bouwreglement. Er is echter voldoende ruimte om de dakvlakramen lager te voorzien om toch uitkijk te garanderen. Daarom wordt via de bijzondere voorwaarden het volgende opgenomen: om uitzicht naar de omgeving mogelijk te maken moet de onderkant van de nieuwe dakvlakramen van de slaapkamers tussen een hoogte van
1 m en 1,50 m vanaf de vloer gesitueerd worden.

 

Gewestelijke verordening hemelwater

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 oktober 2004 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (zie waterparagraaf).

4.4.   Uitgeruste weg

Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gewestweg.

5.       WATERPARAGRAAF

Het voorliggende project heeft geen omvangrijke oppervlakte en ligt niet in een recent overstroomd gebied of een overstromingsgebied, zodat in alle redelijkheid wordt geoordeeld dat het schadelijk effect op de waterhuishouding van dit gebied beperkt is. Enkel wordt door de toename van de verharde oppervlakte de infiltratie van het hemelwater in de bodem plaatselijk beperkt.

Dit wordt gecompenseerd door de plaatsing van een hemelwaterput van 5000 liter (zo voorzien in het ontwerp voor elke eengezinswoning), overeenkomstig de normen vastgelegd in het geldend algemeen bouwreglement, en de verplichting om het nuttig gebruik van dit hemelwater maximaal te voorzien. Het hergebruik van het hemelwater heeft een zekere bufferende werking door de vertraagde afvoer van het perceel van dit herbruikt hemelwater.

6.       PROJECT-M.E.R.-SCREENING

De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van het Besluit van de Vlaamse Regering van 1 maart 2013 inzake de nadere regels van de project-m.e.r.-screening en heeft betrekking op een activiteit die voorkomt op de lijst van bijlage III bij dit besluit. Dit wil zeggen dat er voor voorliggend project een project-m.e.r.-screening moet opgemaakt worden.

Een project-m.e.r.-screeningsnota is toegevoegd aan de vergunningsaanvraag. Na onderzoek van de kenmerken van het project, de locatie van het project en de kenmerken van de mogelijke milieueffecten, wordt geoordeeld dat geen aanzienlijke milieueffecten verwacht worden, zoals ook uit de project-m.e.r.-screeningsnota blijkt. Er kan redelijkerwijze aangenomen worden dat een nieuw project-MER geen nieuwe of bijkomende gegevens over aanzienlijke milieueffecten kan bevatten, zodat de opmaak ervan dan ook niet noodzakelijk is.

7.       BEKENDMAKING

De aanvraag volgt de vereenvoudigde procedure en moest dus niet aan een openbaar onderzoek worden onderworpen.

8.       OMGEVINGSTOETS

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening

Het opdelen van de bestaande eengezinswoning naar 3 grondgebonden eengezinswoningen is een positieve ontwikkeling dat bijdraagt aan de diversiteit en mix van de woningenmarkt. De nieuwe eengezinswoningen beschikken over een voldoende grote perceelsbreedte en een comfortabele netto vloeroppervlakte. Hierdoor worden kwalitatieve eengezinswoningen gecreëerd. De variatie in oppervlakte en aantal slaapkamers laat toe dat er een diversiteit aan gezinnen een woning kunnen bewonen. De opdeling naar 3 grondgebonden woningen is bijgevolg aanvaardbaar.

De voorziene slaapkamers in de dakverdieping voldoen niet aan het algemeen bouwreglement (zie hoger, toetsing aan wettelijke en reglementaire voorschriften), aangezien de dakvlakramen zich op een te hoge hoogte bevinden (> 2 meter) en geen uitzicht mogelijk maken. Daarom wordt via de bijzondere voorwaarden opgenomen dat de onderkant van de nieuwe dakvlakramen van de slaapkamers (zowel in woning 1, 2 als 3) zich moet bevinden tussen een hoogte van 1m en 1,50 m vanaf de vloer, en dit om een uitzicht mogelijk te maken.

Verder zorgt de interne herindeling voor een beter ruimtegebruik. De grote ramen achteraan voorzien een kwalitatieve connectie met de buitenruimte. De nieuwe volumes van de aanbouw passen binnen de gebruikelijke normen. De impact op de nabijgelegen percelen is beperkt en bijgevolg is de volumewijziging aanvaardbaar. Er blijft nog voldoende ruimte op het perceel om in te richten als een kwalitatieve buitenruimte.

De wijziging in het voorgevelbeeld waarbij een nieuwe deur wordt voorzien voor de woning 3 is fout ingetekend op de geveltekening. Er wordt vanuit gegaan dat de nieuwe voordeur langs de linkerzijde moet voorzien worden zoals aangeduid op de plannen. Het voorzien van de nieuwe voordeur is aanvaardbaar. Gezien de foutieve informatie op de plannen wordt in bijzondere voorwaarde de positie van de nieuwe voordeur van woning 3 opgelegd om deze langs de rechterkant te voorzien en zo het linker raam te behouden als raamopening zoals in de bestaande toestand.
De nieuwe poort voor woning 1 wordt geplaatst in functie voor een fietsenberging na het verdwijnen van de bestaande garage. De afsluiting in schrijnwerk behoudt het gesloten karakter. Doordat de garage verdwijnt wordt verwacht dat de levendigheid van het straatbeeld versterkt wordt. Het huidige voorstel voorziet dit niet door de geslotenheid. Via de bijzondere voorwaarden wordt daarom opgenomen dat de twee vaste panelen moeten voorzien worden van transparante glasramen om zo toch een levendigheid en connectie tussen de woning met het straat te verkrijgen.


CONCLUSIE

Voorwaardelijk gunstig, mits voldaan wordt aan de bijzondere voorwaarden is de aanvraag in overeenstemming met de wettelijke bepalingen en verenigbaar met de goede plaatselijke aanleg.

 

Waarom wordt deze beslissing genomen?

 

 

WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?

 

Het college van burgemeester en schepenen moet over de ingediende omgevingsvergunningsaanvraag een beslissing nemen.

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.

 

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen verleent onder voorwaarden de omgevingsvergunning voor het verbouwen van een eengezinswoning met een commerciële functie naar een eengezinswoning en het opsplitsen van een eengezinswoning naar 2 eengezinswoningen aan CITYNEST bvba (O.N.:0887584543) gelegen te Martelaarslaan 331 en 333, 9000 Gent.

De door het college vergunde plannen zijn de plannen die op de overzichtslijst staan, die is toegevoegd als bijlage aan deze vergunning en er integraal deel van uitmaakt.

Plannen die niet op deze overzichtslijst staan, maken geen deel uit van de vergunning.

Controleer steeds of het om een goedgekeurd plan gaat.

Opgelet, er kunnen voorwaarden betrekking hebben op de plannen.

      

Artikel 2

Legt volgende voorwaarden op:

Voorwaarden vloeiend uit externe adviezen

De voorwaarden opgenomen in het advies van Agentschap Wegen en Verkeer (advies van 13/12/2021, met kenmerk AV/411/2021/01480) moeten strikt nageleefd worden (zie bijlage op het omgevingsloket).

 

Natuurlijke verlichting dakvlakramen slaapkamers

Om uitzicht naar de omgeving mogelijk te maken moet de onderkant van de nieuwe dakvlakramen van de slaapkamers (zowel van woning 1, 2 als 3) tussen een hoogte van 1 m en 1,50 m vanaf de vloer gesitueerd worden.

 

Voorgevel

De voordeur van woning 3 moet geplaatst worden langsheen de rechterzijde zoals aangeduid op de grondplannen. Het raam aan de linkerzijde moet bijgevolg behouden blijven zoals aangeduid in de bestaande toestand.

 

Deuren en ramen op het gelijkvloers mogen niet opendraaien over openbaar domein.

 

Poort fiets-/ berging van woning 1

De twee vaste panelen in de poort van de fiets-/ berging van woning 1 moeten voorzien worden in het materiaal transparant glas.

Bijkomend moet de poort van de fiets-/ berging volledig binnen de rooilijn open en dicht draaien, rollen, wentelen, schuiven of kantelen.

 

Riolering

De aansluiting op het rioleringsnet is verplicht en wordt, wat betreft het gedeelte op het openbaar domein, uitgevoerd door FARYS. Een aanvraag tot het bekomen van een huisaansluiting moet ingediend worden bij FARYS via www.farys.be/nl/rioolaansluiting of verstuurd worden naar Stropstraat 1 te 9000 Gent.

 

De afvoer van het regen- en afvalwater moeten op kosten en op risico van de bouwheer, binnen zijn eigen terrein uitgevoerd worden. Het afvoeren kan hetzij door natuurlijke afloop, hetzij door oppompen.

 

Een bestaande aansluiting of een wachtaansluiting dient in regel gebruikt/ (her)bruikt te worden. De  locatie en de diepteligging ervan zijn bindend. De bestaande aansluiting dient ter hoogte van de rooilijn opgezocht, opgemeten en gemarkeerd te worden. Indien ze (tijdelijk) niet in dienst blijft is het de taak van de bouwheer om deze ter hoogte van de rooilijn dicht te maken om elke instroom te vermijden.

Bij een nieuwe huisaansluiting wordt het traject bepaald in overleg tussen rioolbeheerder en klant. De algemene veiligheid, de instandhouding en de normale werking van de elementen van de huisaansluiting moeten verzekerd zijn en het toezicht, de controle en het onderhoud moeten gemakkelijk uitgevoerd kunnen worden. Voor de diepteligging dient er rekening mee gehouden te worden dat de huisaansluiting in regel door FARYS wordt gerealiseerd vóór aanleg van de privéwaterafvoer op een maximale diepte van 50 cm onder het maaiveld. Indien de diepteligging van de hoofdriolering of (kruisen van de) nutsleidingen deze diepte niet toelaten, zal de huisaansluiting op de meest haalbare diepte worden aangelegd.

 

De aanvrager dient zich te houden aan de bepalingen van het Bijzonder Waterverkoopreglement huisaansluitingen. Dit reglement is terug te vinden op www.farys.be/wettelijke-bepalingen.

De bijzondere aandacht wordt gevestigd op :

* De openbare riolering kan onder druk komen tot het maaiveld niveau, wat neerkomt op een stijging van het waterpeil in de buizen en de aansluitingen (code van goede praktijk voor  rioleringssystemen : www.vmm.be/wetgeving/code-van-goede-praktijk-voor-rioleringssystemen).

De bouwheer moet hier dan ook rekening mee houden bij de aanleg van (en de aansluitingen op) zijn privéwaterafvoer. Het Stadsbestuur kan onder geen enkele voorwaarde aansprakelijk gesteld worden voor schade door wateroverlast die een gevolg is van een onoordeelkundige aanleg van de privéwaterafvoer.

* Door de aanleg van gescheiden rioleringsstelsels, zowel op openbaar als op privaat domein, kan er sneller geurhinder ontstaan als gevolg van het geconcentreerde (onverdunde) afvalwater.

De aanvrager dient bij geurhinder op eigen initiatief en kosten elke instroomopening op zijn privéwaterafvoer door middel van een waterslot geurdicht af te schermen.

Om geurhinder als gevolg van de eigen private riolering te reduceren werden er enkele richtlijnen opgesteld, die u via deze link kan terugvinden: www.farys.be/richtlijnengeurhinder.

 

De interne riolering moet zo ontworpen worden dat een toekomstige aansluiting op een gescheiden rioleringsstelsel mogelijk is (afzonderlijke aansluitingen voor regenwater en afvalwater).

Er is nog geen aparte regenwaterafvoer (RWA)-aansluiting mogelijk. Voor zover het niet mogelijk is om het regenwater ter plaatse te laten infiltreren is de RWA-leidingen naar de straat te voorzien als wachtaansluiting. Voorlopig moeten het regen- en afvalwater gezamenlijk naar de riolering afgevoerd worden. Bovendien moeten de RWA-, en DWA-afvoeren naast elkaar worden aangeboden met een tussenafstand van 40 tot 60 cm. Hierbij loopt het DWA-gedeelte in een rechte lijn door naar de openbare riolering.

 

Bij een toekomstige aanleg van het openbaar domein zal de riolering gescheiden worden.

De keuring van de privéwaterafvoer is verplicht volgens het Algemeen Waterverkoopreglement bij aanbouw en/of het voorzien van een nieuwe aansluiting. Meer informatie vindt u op www.farys.be/keuring-privewaterafvoer

 

Er moet blijvend voorzien worden in een septische put per woning.

 

Openbaar domein

Oprit

Na het beëindigen van de werken zal de oprit op het openbaar domein verwijderd worden door de Stad Gent op kosten van de bouwheer volgens het geldende retributiereglement. Dit dient, na de werken, verplicht aangevraagd te worden, het aanvraagformulier kan u downloaden via de website www.stad.gent (typ trottoirs en opritten in het zoekveld).

Dit document dient bezorgd te worden aan de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Administratief Centrum, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00, mail: tdwegen@stad.gent. Of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.

 

Opbouw

Bij het vastleggen van de vloerpassen en dorpelpeilen van het gebouw moet de bouwheer rekening houden met het bestaande peil van de dichtst bijgelegen rand van de openbare verhardingen. Het openbaar domein (zowel verharde als onverharde stroken) wordt aangelegd met een dwarshelling van 2% richting de as van de straat. De peilen van de bestaande verhardingen worden niet aangepast in functie van aanpalende bouwwerken. Er worden ook geen trappen en/of hellingen toegestaan op het openbaar domein om de gebouwen toegankelijk te maken.

      

Artikel 3

Wijst de aanvrager op volgende aandachtspunten:

Openbaar domein

De bouwheer is steeds verantwoordelijk voor beschadigingen aan de verhardingen van de openbare weg, trottoirs, boordstenen, (straat)kolken en de rijweg, die te wijten zijn aan de bouwactiviteit. De dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen herstelt deze beschadigingen op kosten van de bouwheer.

 

De vergunninghouder moet voor de aanvang van de werken een tegensprekelijke plaatsbeschrijving opmaken van de omliggende trottoirs en wegenis met bijzondere aandacht voor de (straat)kolken. Deze dient bezorgd te worden aan de dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Administratief Centrum, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00, via e-mail: tdwegen@stad.gent of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.

U kan dit door een architect of landmeter laten doen maar u mag dit ook zelf opnemen. (u maakt een aantal algemene foto’s vergezeld van detailfoto’s met reeds aanwezige schade aan het openbaar domein. Bij elke foto zet u een beschrijving en u voegt een plannetje toe met aanduiding van de positie van de foto’s).

 

Rookmelder

De woning moet uitgerust worden met een correct geïnstalleerde rookmelder die voldoet aan de norm NBN EN 14604 én die niet van het ionische type is. De detector moet reageren op rookontwikkeling bij een brand door het produceren van een scherp geluidssignaal.

 

Drinkwaterinstallatie

Op 1 juli 2011 werd het Algemeen Waterverkoopreglement van kracht, zodat er voor bouwers en verbouwers een aantal rechten en plichten bijkwamen. Sinds 16 juli 2012 is tevens het Bijzonder Waterverkoopreglement van Water-Link van kracht. Het bijzonder waterverkoopreglement van Water-Link is een aanvulling op het Algemeen Waterverkoopreglement. Zowel het Algemeen Waterverkoopreglement, als het aanvullend Bijzonder Waterverkoopreglement kan geraadpleegd worden via de website www.water-link.be, publicaties. Op deze locatie staat eveneens een infobrochure over de verplichte keuring van de binneninstallatie en de privé-waterafvoer.