Terug
Gepubliceerd op 07/01/2022

2022_CBS_00181 - OMV_2021159336 R - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen van een tweewoonst - zonder openbaar onderzoek - Leebeekstraat 17, 17A, 17B, Maaltemeers 74A, 74B, 74C en 74D, 9052 Gent - Vergunning

college van burgemeester en schepenen
do 06/01/2022 - 08:31 Virtueel - via Microsoft Teams
Datum beslissing: do 06/01/2022 - 08:37
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Filip Watteeuw

Aanwezig

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter; Filip Watteeuw, schepen; Elke Decruynaere, schepen; Tine Heyse, schepen; Isabelle Heyndrickx; Hafsa El -Bazioui; Rudy Coddens, schepen; Luc Kupers, adjunct-algemeendirecteur; Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Verontschuldigd

Sofie Bracke, schepen; Astrid De Bruycker, schepen; Sami Souguir, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur

Secretaris

Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Voorzitter

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter
2022_CBS_00181 - OMV_2021159336 R - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen van een tweewoonst - zonder openbaar onderzoek - Leebeekstraat 17, 17A, 17B, Maaltemeers 74A, 74B, 74C en 74D, 9052 Gent - Vergunning 2022_CBS_00181 - OMV_2021159336 R - aanvraag omgevingsvergunning voor het verbouwen van een tweewoonst - zonder openbaar onderzoek - Leebeekstraat 17, 17A, 17B, Maaltemeers 74A, 74B, 74C en 74D, 9052 Gent - Vergunning

Motivering

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

 

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.

 

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

 

Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 56.
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 15.

 

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

 

Het college van burgemeester en schepenen verleent de vergunning en legt bijzondere voorwaarden op.

 

WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?

 

De heer Cosimo Menga met als contactadres Ijzerweglaan 5, 9050 Gent en Wouter Philippe met als contactadres Leebeekstraat 17B, 9052 Gent hebben een aanvraag (OMV_2021159336) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 15 oktober 2021.

 

De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen handelt over:

Onderwerp: het verbouwen van een tweewoonst

• Adres: Leebeekstraat 17, 17A, 17B, Maaltemeers 74A, 74B, 74C en 74D, 9052 Gent

Kadastrale gegevens: afdeling 24 sectie A nrs. 54X, 54Y en 57E

 

Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 16 november 2021.

De aanvraag volgde de vereenvoudigde procedure.

Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 23 december 2021.

 

OMSCHRIJVING AANVRAAG

1.       BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT

De aanvraag heeft betrekking op een voormalige woning langs Leebeekstraat in Zwijnaarde.

De woning maakt deel uit van de projectsite aan de kruising van Leebeekstraat met Maaltemeers in de gelijknamige wijk. Deze wijk zit vervat tussen de infrastructuurbundel R4/Ringvaart, E40, Kortrijksesteenweg en Oudenaardsesteenweg en is gelegen langsheen de fietsverbinding tussen De Pintelaan en Rijvisschestraat. De wijk bestaat uit een historisch gegroeid woonlint (Maaltemeers), een tuinwijk uit het midden van vorige eeuw en een aantal recente woonprojecten in een parkomgeving. De voormalige woning uit de aanvraag maakt deel uit van zulk een woonproject. De aanvraag behandelt het originele landhuis, in de tuin werden recent drie meergezinswoningen opgericht. In 2016 is vergunning verleend voor een grondige verbouwing en uitbreiding van het pand, in 2018 is vergunning verleend voor aanpassingen aan de in 2016 vergunde plannen.
Het pand werd vergund als twee woonunits met kantoorruimte in het keldervolume.

 

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

Voorliggende aanvraag omvat volgende gewijzigde uitvoeringen tov de vergunde toestand:

  • Het hellend dak werd uitgevoerd met een nokhoogte van 10,50 m in plaats van 10 m om te komen tot meer bruikbare slaapkamers onder het dak.
  • De ondergrondse kantoorruimte wordt niet uitgevoerd. Enkel de ruimten onder het hoofdgebouw zullen nog dienst doen als privatieve kelders.
  • De oorspronkelijke overdekte inkompartij met buitentrap en terras werd gesupprimeerd ten voordele van een wintertuin van 5,61 m breed en 2,62 m diep op dezelfde footprint als de vergunde onderkeldering. De wintertuin wordt, naar analogie van de uitbreiding aan de achterzijde, uitgevoerd met plat dak met een kroonlijsthoogte van 3,34 m tov het vloerpeil van de woning of 4,92 m tov het maaiveld thv de wintertuin. De wintertuin wordt afgewerkt met hout of tegelpannen (bruintint). De toegang tot de woonunit aan deze zijde van het gebouw wordt verplaatst naar de zijkant van de wintertuin op het niveau van de onderkeldering, waar reeds een tweede inkom tot de woning was vergund.
  • In de voorgevel links van de inkom werd een hellend dakje van een erker uitgevoerd met glas in plaats van leien.
  • De riolering is ongewijzigd gebleven. De gemeenschappelijke hemelwaterput van 15.000 l werd enkel opgesplitst in 2 hemelwaterputten van 7.500 l met een operationeel pompsysteem dat herbruik mogelijk maakt.
  • Door het wegvallen van het kantoorvolume wordt het aantal parkeerplaatsen op eigen terrein gereduceerd worden tot 2.

     

2.       HISTORIEK

Volgende vergunningen, meldingen en/of weigeringen zijn bekend:

 

Omgevingsvergunningen

* Op 25/10/2018 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het verbouwen van een tweewoonst (OMV_2018092211).

 

Stedenbouwkundige vergunningen

* Op 10/11/2016 werd een vergunning afgeleverd voor het restaureren en uitbreiden van een open bebouwing, het herinrichten van een bestaande woning als tweewoonst en de bouw van een beperkte nieuwe kantoorruimte. (2016/04161)

 

BEOORDELING AANVRAAG

3.       EXTERNE ADVIEZEN

Volgende externe adviezen zijn gegeven:

 

Geen advies van Onroerend Erfgoed Oost-Vlaanderen:
Het Agentschap Onroerend Erfgoed geeft geen advies. De Archeologieregeling blijft van kracht, indien van toepassing.

 

Voorwaardelijk gunstig advies van Provincie Oost-Vlaanderen - Directie Leefmilieu afgeleverd op 7 december 2021:
zie advies in bijlage

4.       TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN

4.1.   Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg

Het bouwperceel ligt in het gewestelijk RUP 'Afbakening Grootstedelijk Gebied Gent' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 16 december 2005), maar niet in een gebied waarvoor er stedenbouwkundige voorschriften zijn bepaald.

Het betrokken perceel wordt gevat door de voorschriften van ‘woongebied’ (art. 7) met aanduiding van ‘groenpool parkbos’ (art. 1) in overdruk. De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.


De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.

4.2.   Vergunde verkavelingen

De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.

4.3.   Verordeningen

Algemeen bouwreglement

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het algemeen bouwreglement, stedenbouwkundige verordening van de stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en gewijzigd bij besluiten van de deputatie van 29 mei 2008, 23 oktober 2008, 19 augustus 2010, 4 oktober 2012 en 17 juli 2014, zevende wijziging van kracht op 20 december 2020.

Het ontwerp is in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement.

 

Gewestelijke verordening hemelwater

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 oktober 2004 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (zie waterparagraaf).

4.4.   Uitgeruste weg

Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gemeenteweg.

5.       WATERPARAGRAAF

Het project situeert zich in het stroomgebied van de Leebeek (beheer : Provincie Oost-Vlaanderen). Het is gelegen in effectief overstromingsgebied.

Ten opzichte van de verleende vergunning worden geen bijkomende verhardingen of bebouwing gecreëerd.

 

Volgens de vergunning met intern nummer 2016/04161 kon er voldaan worden aan de gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen en het algemeen bouwreglement van Stad Gent inzake hemelwater. De voorwaarden uit deze vergunning dienen blijvend gerespecteerd te worden.

 

Het advies van de provincie Oost-Vlaanderen (waterbeheerder) werd ingewonnen.

Uit het advies van de provincie Oost-Vlaanderen blijkt dat er ruimte voor water verloren gaat tussen het huidige maaiveld en het overstromingspeil. Dat peil wordt op basis van de terreinkenmerken, de historisch gekende overstromingen en een modelleringsstudie ingeschat op 7,1 m TAW. Dit betekent dat er 8 m³ berging verloren gaat. Er wordt een compensatie voorzien van 38 m³. Deze compensatie volstaat.

 

De voorwaarden uit het advies van de provincie Oost-Vlaanderen hebben betrekking op het compenseren van de verloren gegane overstromingsruimte en de principes van overstromingsveilig bouwen (zie bijzondere voorwaarden).

 

Ernstiger overstromingen dan in het verleden zijn niet uit te sluiten en er kan geen sluitende garantie gegeven worden dat er zich op het perceel in de toekomst geen wateroverlast meer zal voordoen.

 

6.       PROJECT-M.E.R.-SCREENING

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van het Besluit van de Vlaamse Regering van 1 maart 2013 inzake de nadere regels van de project-m.e.r.-screening en heeft geen betrekking op een activiteit die voorkomt op de lijst van bijlage III bij dit besluit. De opmaak van een milieueffectrapport of project-m.e.r.-screening is voor voorliggend project dan ook niet vereist.

 

7.       BEKENDMAKING

De aanvraag volgt de vereenvoudigde procedure en moest dus niet aan een openbaar onderzoek worden onderworpen.

8.       OMGEVINGSTOETS

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening

Erfgoed

Het pand met adres Leebeekstraat nr. 17, 9000 Gent heeft vanuit erfgoedoogpunt geen bijzonder statuut. Het is niet gelegen binnen een op het gewestplan ingekleurd woongebied met culturele, historische en/of esthetische waarde en het is niet opgenomen op de vastgestelde inventaris van het bouwkundig erfgoed.


Naar aanleiding van de ontwikkeling op de percelen palend aan het landhuis en van het landhuis zelf werd de erfgoedwaarde van het landhuis ingeschat en werd geoordeeld dat een sloop niet mogelijk was. Omwille van jarenlange leegstand ging de bouwfysische en bouwconstructieve toestand van het pand echter sterk achteruit, waardoor in 2016 en 2018 vergunningen werden verleend voor het verbouwen van dit landhuis tot tweewoonst met kantoorruimte. Tijdens de uitvoering van deze vergunningen werden niet vergunde werken uitgevoerd die door de bouwheer onder andere gemotiveerd werden door de slechte bouwconstructieve staat van het pand.

 

Huidige aanvraag betreft de regularisatie van de uitgevoerde en niet-vergunde werken.
Volgende zaken zijn daarbij vanuit erfgoedoogpunt opmerkelijk:

-          De nokhoogte van het dak werd met een meter verhoogd ten opzichte van de oorspronkelijke toestand.

-          De oorspronkelijke overdekte inkompartij met statige trap en terras werd gesupprimeerd ten voordele van een wintertuin.

-          In het interieur van het pand bleven geen oorspronkelijke dragende muren bewaard, enkel de buitengevels zijn nog gedeeltelijk origineel. Alle vloeren zijn opgebouwd volgens een nieuw systeem. Ook de dakconstructie werd integraal vervangen.

-          De bepleisterde geveldelen worden nageïsoleerd en krijgen een nieuwe afwerking.

 

Alle elementen in rekening brengend kan vanuit erfgoedoogpunt geconcludeerd worden dat de erfgoedwaarde niet meer aanwezig is. Er werden bij de uitvoering een aantal uitgangsprincipes gehanteerd die vanuit erfgoedoogpunt niet aanvaardbaar zijn, zoals bv. reconstructies in de geest van het oorspronkelijke gebouw. Aangezien het pand geen officieel erfgoedstatuut heeft, kunnen de doorgevoerde werken alsnog worden aanvaard. Er wordt wel benadrukt dat deze aanpak voor panden met een erfgoedstatuut niet aanvaard zal worden.

 

Impact op omgeving

De ruimtelijke impact van de voorgenomen aanpassingen aan het dak (verhogen met 0,50 m tov vergunde toestand), erker (afwerken met glazen dak ipv leien dak) en het ondergrondse kantoorvolume (niet-uitvoeren van dit kantoorvolume) is beperkt.

De aanpassing met de meeste ruimtelijke impact tov de vergunde toestand heeft betrekking op het vervangen van de oorspronkelijke overdekte inkompartij met de statige trap door een wintertuin met gelijkaardige afmetingen maar met plat dak. De oppervlakte van de wintertuin blijft beperkt tot de footprint van het oude inkomgeheel en de hoogte van de wintertuin is lager dan dit oude inkomgeheel. De afstanden van de woning tot de omliggende bebouwing blijven bijgevolg ongewijzigd. Voor het overige sluit de dakvorm en gevelafwerking aan bij de reeds gerealiseerde uitbreidingen aan de achterzijde van het pand, zodanig dat er gesproken kan worden van een eenduidig beeld.

Door het niet-uitvoeren van het kantoorgedeelte worden 3 parkeerplaatsen gesupprimeerd ten voordele van groen. Hoewel dit slechts over een beperkte oppervlakte gaat, kan deze aanpassing zeker en vast positief worden beoordeeld.

Er is dan ook geen negatieve impact op de omgeving te verwachten door deze uitgevoerde werken.


CONCLUSIE

Voorwaardelijk gunstig, mits voldaan wordt aan de bijzondere voorwaarden is de aanvraag in overeenstemming met de wettelijke bepalingen en verenigbaar met de goede plaatselijke aanleg.
 

 

Waarom wordt deze beslissing genomen?

WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?

 

Het college van burgemeester en schepenen moet over de ingediende omgevingsvergunningsaanvraag een beslissing nemen.

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen verleent onder voorwaarden de omgevingsvergunning voor het verbouwen van een tweewoonst aan de heer Cosimo Menga en Wouter Philippe gelegen te Leebeekstraat 17, 17A, 17B, Maaltemeers 74A, 74B, 74C en 74D, 9052 Gent.

De door het college vergunde plannen zijn de plannen die op de overzichtslijst staan, die is toegevoegd als bijlage aan deze vergunning en er integraal deel van uitmaakt.

Plannen die niet op deze overzichtslijst staan, maken geen deel uit van de vergunning.

Controleer steeds of het om een goedgekeurd plan gaat.

Opgelet, er kunnen voorwaarden betrekking hebben op de plannen.

 

 

Artikel 2

Legt volgende voorwaarden op:

 Extern advies

De voorwaarden uit het advies van provincie Oost-Vlaanderen, Directie Leefmilieu, dd 7 december 2021, moeten strikt nageleefd worden.

 

De voorwaarden uit de vergunning van 10 november 2016 (referentie 2016/04161) voor het restaureren en uitbreiden van een open bebouwing, het herinrichten van een bestaande woning als tweewoonst en de bouw van een beperkte nieuwe kantoorruimte, dienen blijvend gerespecteerd te worden.

 

Openbaar domein

Er zal slechts één oprit met een breedte van maximum 3,00 meter op het openbaar domein worden toegestaan. Dit zoals eerder opgelegd bij de vergunning 2016/04161.

 

Na het beëindigen van de werken zal een oprit aangepast worden door de Stad Gent op kosten van de bouwheer volgens het geldende retributiereglement. Opritten op openbaar domein, die niet aangelegd zijn door de stad kunnen worden opgebroken. De oprit dient, na de werken, verplicht aangevraagd te worden, het aanvraagformulier kan u downloaden via de website www.stad.gent (typ trottoirs en opritten in het zoekveld).

Dit document dient bezorgd te worden aan de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Administratief Centrum, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00, via mail: tdwegen@stad.gent. Of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.

 

De openbare, groene bermen mogen in geen geval verhard worden, ook verhardingen in steenslag zijn niet toegelaten. In het geval van inbreuken kan de stad deze verhardingen opbreken op kosten van de bouwheer. Alle private parkeerplaatsen moeten via de oprit bereikbaar zijn.

 

Riolering

Alle bijkomende sanitaire installaties/afvalwater-producerende installaties (DWA) en regenafvoeren (RWA) moeten op de respectievelijke leidingen van het gescheiden interne rioleringsstelsel worden aangesloten zoals opgelegd bij de vergunning 2016/04161. Daarbij dienen alle eventuele bijkomende afvoeren van fecaliën via de bestaande septische put geloosd worden op de DWA-riolering.

Het is toegestaan het regenwater ter plaatse te laten infiltreren of in een gracht te laten lozen.

 

De riolering dient maw te voldoen aan onderstaande voorwaarden;

 

De aansluiting op het rioleringsnet is verplicht en wordt, wat betreft het gedeelte op het openbaar domein, uitgevoerd door FARYS. Een aanvraag tot het bekomen van een huisaansluiting moet ingediend worden bij FARYS via www.farys.be/nl/rioolaansluiting of verstuurd worden naar Stropstraat 1 te 9000 Gent.

 

De afvoer van het regen- en afvalwater moeten op kosten en op risico van de bouwheer, binnen zijn eigen terrein uitgevoerd worden. Het afvoeren kan hetzij door natuurlijke afloop, hetzij door oppompen.

 

Een bestaande aansluiting of een wachtaansluiting dient in regel gebruikt/ (her)bruikt te worden. De  locatie en de diepteligging ervan zijn bindend. De bestaande aansluiting dient ter hoogte van de rooilijn opgezocht, opgemeten en gemarkeerd te worden. Indien ze (tijdelijk) niet in dienst blijft is het de taak van de bouwheer om deze ter hoogte van de rooilijn dicht te maken om elke instroom te vermijden.

Bij een nieuwe huisaansluiting wordt het traject bepaald in overleg tussen rioolbeheerder en klant. De algemene veiligheid, de instandhouding en de normale werking van de elementen van de huisaansluiting moeten verzekerd zijn en het toezicht, de controle en het onderhoud moeten gemakkelijk uitgevoerd kunnen worden. Voor de diepteligging dient er rekening mee gehouden te worden dat de huisaansluiting in regel door FARYS wordt gerealiseerd vóór aanleg van de privéwaterafvoer op een maximale diepte van 50 cm onder het maaiveld. Indien de diepteligging van de hoofdriolering of (kruisen van de) nutsleidingen deze diepte niet toelaten, zal de huisaansluiting op de meest haalbare diepte worden aangelegd.

 

De aanvrager dient zich te houden aan de bepalingen van het Bijzonder Waterverkoopreglement huisaansluitingen. Dit reglement is terug te vinden op www.farys.be/wettelijke-bepalingen.

De bijzondere aandacht wordt gevestigd op :

* De openbare riolering kan onder druk komen tot het maaiveld niveau, wat neerkomt op een stijging van het waterpeil in de buizen en de aansluitingen (code van goede praktijk voor  rioleringssystemen : www.vmm.be/wetgeving/code-van-goede-praktijk-voor-rioleringssystemen).

De bouwheer moet hier dan ook rekening mee houden bij de aanleg van (en de aansluitingen op) zijn privéwaterafvoer. Het Stadsbestuur kan onder geen enkele voorwaarde aansprakelijk gesteld worden voor schade door wateroverlast die een gevolg is van een onoordeelkundige aanleg van de privéwaterafvoer.

* Door de aanleg van gescheiden rioleringsstelsels, zowel op openbaar als op privaat domein, kan er sneller geurhinder ontstaan als gevolg van het geconcentreerde (onverdunde) afvalwater.

De aanvrager dient bij geurhinder op eigen initiatief en kosten elke instroomopening op zijn privéwaterafvoer door middel van een waterslot geurdicht af te schermen.

Om geurhinder als gevolg van de eigen private riolering te reduceren werden er enkele richtlijnen opgesteld, die u via deze link kan terugvinden: www.farys.be/richtlijnengeurhinder.

De interne riolering moet zo ontworpen worden dat een aansluiting op het gescheiden rioleringsstelsel mogelijk is (afzonderlijke aansluitingen voor regenwater en afvalwater).

Het is toegestaan het regenwater ter plaatse te laten infiltreren of in een gracht te laten lozen.

 

De keuring van de privéwaterafvoer is verplicht volgens het Algemeen Waterverkoopreglement bij aanbouw en/of het voorzien van een nieuwe aansluiting. Meer informatie vindt u op www.farys.be/keuring-privewaterafvoer. 

 

Er moet blijvend voorzien worden in een septische put. Alle en enkel de toiletten zijn hierop aan te sluiten.

 

 

Artikel 3

Wijst de aanvrager op volgende aandachtspunten:

Openbaar domein

De bouwheer is steeds verantwoordelijk voor beschadigingen aan de verhardingen van de openbare weg, trottoirs, boordstenen, (straat)kolken en de rijweg, die te wijten zijn aan de bouwactiviteit. De dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen herstelt deze beschadigingen op kosten van de bouwheer.

 

De vergunninghouder moet voor de aanvang van de werken een tegensprekelijke plaatsbeschrijving opmaken van de omliggende trottoirs en wegenis met bijzondere aandacht voor de (straat)kolken. Deze dient bezorgd te worden aan de dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Administratief Centrum, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00, via e-mail:tdwegen@stad.gent of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.

U kan dit door een architect of landmeter laten doen maar u mag dit ook zelf opnemen. (u maakt een aantal algemene foto’s vergezeld van detailfoto’s met reeds aanwezige schade aan het openbaar domein. Bij elke foto zet u een beschrijving en u voegt een plannetje toe met aanduiding van de positie van de foto’s).

 

De bijzondere aandacht van de bouwheer wordt erop gevestigd dat de woning verbouwd wordt in een gebied met risico's tot overstromen. De bouwheer moet de nodige maatregelen treffen om wateroverlast in zijn woning te voorkomen. Het Stadsbestuur kan onder geen enkele voorwaarde aansprakelijk gesteld worden voor schade door wateroverlast ten gevolge van een overstroming.

Hogere waterpeilen dan in het verleden zijn niet uit te sluiten. Er is dan ook geen enkele garantie dat het perceel in de toekomst gespaard zal blijven van wateroverlast.