Terug
Gepubliceerd op 07/01/2022

2022_CBS_00221 - OMV_2021132098 K - aanvraag omgevingsvergunning voor het omvormen van een voormalig hostel (jeugdherberg) tot een opvangtehuis voor daklozen - zonder openbaar onderzoek - Blekerijstraat 47-51, 9000 Gent - Vergunning

college van burgemeester en schepenen
do 06/01/2022 - 08:31 Virtueel - via Microsoft Teams
Datum beslissing: do 06/01/2022 - 08:39
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Filip Watteeuw

Aanwezig

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter; Filip Watteeuw, schepen; Elke Decruynaere, schepen; Tine Heyse, schepen; Isabelle Heyndrickx; Hafsa El -Bazioui; Rudy Coddens, schepen; Luc Kupers, adjunct-algemeendirecteur; Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Verontschuldigd

Sofie Bracke, schepen; Astrid De Bruycker, schepen; Sami Souguir, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur

Secretaris

Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Voorzitter

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter
2022_CBS_00221 - OMV_2021132098 K - aanvraag omgevingsvergunning voor het omvormen van een voormalig hostel (jeugdherberg) tot een opvangtehuis voor daklozen - zonder openbaar onderzoek - Blekerijstraat 47-51, 9000 Gent - Vergunning 2022_CBS_00221 - OMV_2021132098 K - aanvraag omgevingsvergunning voor het omvormen van een voormalig hostel (jeugdherberg) tot een opvangtehuis voor daklozen - zonder openbaar onderzoek - Blekerijstraat 47-51, 9000 Gent - Vergunning

Motivering

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

 

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.

 

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

 

Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 56.
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 15.

 

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

 

Het college van burgemeester en schepenen verleent de vergunning en legt bijzondere voorwaarden op.

 

WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?

 

Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn van Gent OCMW met als contactadres Botermarkt 1, 9000 Gent heeft een aanvraag (OMV_2021132098) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 25 oktober 2021.

 

De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen handelt over:

Onderwerp: het omvormen van een voormalig hostel (jeugdherberg) tot een opvangtehuis voor daklozen

• Adres: Blekerijstraat 47-51, 9000 Gent

Kadastrale gegevens: afdeling 1 sectie A nr. 2895P

 

Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 22 november 2021.

De aanvraag volgde de vereenvoudigde procedure.

Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 30 december 2021.

 

OMSCHRIJVING AANVRAAG

1.       BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT

Het pand bevindt zich in de Blekerijstraat, een straat met vooral woongebouwen type gesloten bebouwing met 2 tot 4 bouwlagen. Het betrokken pand bestaat uit 3 bouwlagen, een hellend dak en 3 traveeën.

Voor dit perceel is geen bouwmisdrijf gekend.

 

Het pand werd in 2008 verbouwd tot een jeugdherberg, waarbij 30 bedden voorzien werden. Op iedere verdieping bevinden zich 2 kamers en sanitair met uitzondering van de gelijkvloerse verdieping. In de kelder zijn eveneens sanitaire voorzieningen ondergebracht.

 

Tegen de achtergevel bevindt zich een metalen brandtrap omkast met een metalen gaas.

 

Verschillen tussen de vergunde en huidige toestand: 

  • Rioleringen: op de vergunde plannen gaat de afvoer van fecaliën rechtstreeks naar de straat; in de huidige toestand is er een septische put aanwezig. En in plaats van 1 regenwaterput in de tuin, zijn er 2 regenwaterputten geplaatst onder de inkomhal.
  • Andere indeling kelder: de ruimte aan de straatkant is nu een berging, er is daar geen sanitair aanwezig. De ruimte rechts van de trap is 1 grote ruimte, en dus niet in 2 opgedeeld. 
  • Andere indeling voorste kamer gelijkvloers: hier werd nog een sas met toilet en lavabo voorzien tussen de kamer en de trap. 
  • Licht gewijzigde indeling van het sanitair op de verdiepingen. 
  • De voorziene metalen borstwering ter hoogte van de ramen met lage raamdorpel werd niet aangebracht. 
  • Geen begroeiing op brandtrap aangebracht.
  • Licht gewijzigde tuinaanleg.

 

Het pand is samen met de panden Blekerijstraat 33-35 en 53 opgenomen in de vastgestelde inventaris van het bouwkundig erfgoed (relict ID-nr. 54369) en wordt hierin als volgt omschreven:

Neoclassicistische herenhuizen van respectievelijk vier en vijf traveeën en drie bouwlagen onder zadeldak, daterend uit het laatste kwart van de 19de eeuw. De oorspronkelijke bepleisterde lijstgevel met deurrisaliet is thans gedecapeerd en voorzien van gecementeerde vensteromlijstingen.

 

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

De aanvraag betreft het omvormen van een voormalig hostel (jeugdherberg) tot een opvangtehuis voor daklozen.

In het gebouw zal er stabiele 24 uursopvang aangeboden worden aan een 20-tal daklozen, en zal men deze mensen helpen oriënteren naar een lange termijnvisie, en een duurzame oplossing voor hun precaire situatie.

 

De aanwezige indeling van het gebouw past perfect voor de nieuwe invulling, namelijk een drietal slaapkamers met een apart sanitair blok op de 3 verdiepingen, en een gemeenschappelijk gedeelte op

het gelijkvloers met een bureau voor de begeleider, de eet- en leefruimte, de keuken en een buitenterras. Daarom worden er geen structurele ingrepen, maar slechts enkele kleine verbeteringswerken voorzien, met name:

 

      Het vernieuwen van de brandcentrale, rookmelders, noodverlichting e.d., volgens het advies van de Brandweer, 

      De huidige keukenruimte wordt uitgebreid naar de receptieruimte toe (wegbreken van de lichte scheidingswand tussen beide), 

      Het plaatsen van een nieuwe brandwerende Gyprocwand tussen de inkomhal en de leefruimte (op advies van de Brandweer), 

      Het plaatsen van een metalen borstwering (2 metalen staven) in de dagmaat van de ramen waar er valgevaar is, 

      Het plaatsen van een valbeveiliging in het trapgat van de verdiepingstrap (4 metalen kokerprofielen lopen van boven naar beneden, met daartussen een gelaste buis die evenwijdig meeloopt met de bestaande trapleuning, maar op de juiste hoogte), 

      Het plaatsen van een verlaagd plafond EI60 ter hoogte van een afgebrokkeld plafond in de inkomhal (op vraag van de Brandweer), 

      Het nazicht en (waar nodig) de herstelling van de bestaande technische installaties, 

      De keuring van de technische installaties.

2.       HISTORIEK

Volgende vergunningen, meldingen en/of weigeringen zijn bekend:

Stedenbouwkundige vergunningen

* Op 04/09/2008 werd een weigering afgeleverd voor het omvormen van een eengezinswoning tot jeugdherberg. (2008/599)

* Op 20/11/2008 werd een vergunning afgeleverd voor het verbouwen van een woning tot jeugdherberg. (2008/1021)

 

 

BEOORDELING AANVRAAG

3.       EXTERNE ADVIEZEN

Volgende externe adviezen zijn gegeven:

 

Voorwaardelijk gunstig advies van Brandweerzone Centrum afgeleverd op 6 december 2021 onder ref. 025922-017/PJ/2021:
BESLUIT: GUNSTIG, mits te voldoen aan de hiervoor vermelde maatregelen en reglementeringen.

 

Zie brief op het omgevingsloket


Geen tijdig advies van Onroerend Erfgoed Oost-Vlaanderen. De adviesvraag is verstuurd op 22 november 2021. Op 30 december 2021 is nog géén advies ontvangen. Omdat de decretaal omschreven adviestermijn verstreken is, kan aan de adviesvereiste voorbij gegaan worden.

 

Voorwaardelijk gunstig advies van De Vlaamse Waterweg nv afgeleverd op 22 december 2021 onder ref. AB/2021/945:
Volgende opmerkingen worden meegegeven:

Er wordt een septische put voorzien. Ook wordt er minder verharding voorzien dan in de vergunde toestand.

Dit heeft een positief effect op het watersysteem. Verder worden er 2 hemelwaterputten met een gezamenlijke inhoud van 6.000 liter in de inkomhal geplaatst in plaats van 1 hemelwaterput met een inhoud van 10.000 liter in de tuin. Een hemelwaterput van 6.000 liter staat in overeenstemming met de dakoppervlakte. Er wordt een aanzuigleiding ingetekend. De aftappunten voor hergebruik worden niet aangeduid. Hergebruik dient maximaal te zijn. Voor zover de dakoppervlaktes (en dus de bestaande hemelwaterputten) dit toelaten dienen alle toiletten, wasmachines en dienstkranen aangesloten te worden op de hemelwaterputten. 

 

Zie volledig advies op het omgevingsloket.

4.       TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN

4.1.   Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg

Het project ligt in woongebied met culturele, historische en/of esthetische waarde volgens het gewestplan 'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 14 september 1977).
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven.

Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.

De gebieden en plaatsen van culturele, historische en/of esthetische waarde. In deze gebieden wordt de wijziging van de bestaande toestand onderworpen aan bijzondere voorwaarden, gegrond op de wenselijkheid van het behoud..
 

Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening grootstedelijk gebied Gent' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 16 december 2005), maar niet in een gebied waarvoor er stedenbouwkundige voorschriften zijn bepaald.

De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.

4.2.   Vergunde verkavelingen

De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.

4.3.   Verordeningen

Algemeen bouwreglement

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het algemeen bouwreglement, stedenbouwkundige verordening van de stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en gewijzigd bij besluiten van de deputatie van 29 mei 2008, 23 oktober 2008, 19 augustus 2010, 4 oktober 2012 en 17 juli 2014, zevende wijziging van kracht op 20 december 2020.

Het ontwerp is in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement.

 

Gewestelijke verordening hemelwater

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 oktober 2004 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (zie waterparagraaf).

 

Gewestelijke verordening toegankelijkheid

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid.

Het ontwerp is in overeenstemming met deze verordening.

 

Gewestelijke verordening voetgangersverkeer

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 29 april 1997 houdende vaststelling van een algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.

Het ontwerp is in overeenstemming met deze verordening.

4.4.   Uitgeruste weg

Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gemeenteweg.

5.       WATERPARAGRAAF

De voorliggende aanvraag wijzigt noch de bebouwde noch de verharde oppervlakte. Het terrein ligt niet in een recent overstroomd gebied of een overstromingsgebied. Bijgevolg kan door het uitvoeren van de aangevraagde werken of handelingen geen schadelijk effect voor de waterhuishouding ontstaan.

6.       PROJECT-M.E.R.-SCREENING

De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van het Besluit van de Vlaamse Regering van 1 maart 2013 inzake de nadere regels van de project-m.e.r.-screening en heeft betrekking op een activiteit die voorkomt op de lijst van bijlage III bij dit besluit. Dit wil zeggen dat er voor voorliggend project een project-m.e.r.-screening moet opgemaakt worden.

Een project-m.e.r.-screeningsnota is toegevoegd aan de vergunningsaanvraag. Na onderzoek van de kenmerken van het project, de locatie van het project en de kenmerken van de mogelijke milieueffecten, wordt geoordeeld dat geen aanzienlijke milieueffecten verwacht worden, zoals ook uit de project-m.e.r.-screeningsnota blijkt. Er kan redelijkerwijze aangenomen worden dat een nieuw project-MER geen nieuwe of bijkomende gegevens over aanzienlijke milieueffecten kan bevatten, zodat de opmaak ervan dan ook niet noodzakelijk is.

7.       BEKENDMAKING

De aanvraag volgt de vereenvoudigde procedure en moest dus niet aan een openbaar onderzoek worden onderworpen.

8.       OMGEVINGSTOETS

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening
PROGRAMMA

Dit project past binnen het plan van Stad Gent om de daklozenproblematiek structureel aan te

pakken. Op vandaag is de functie van het pand verblijfsrecreatie, deze wordt met deze aanvraag omgevormd tot gemeenschapsvoorzieningen.

 

De jeugdherberg bood plaats voor 30 bedden. De daklozenopvang is voorzien op een twintigtal bedden en 1 begeleider. Er wordt verwacht dat de dynamiek hierdoor eerder zal verlagen.

 

De functiewijziging is stedenbouwkundig aanvaardbaar, door de omvang van het pand en zijn centrale ligging in de nabijheid van de kuip van Gent. De functie is inpasbaar in de woonomgeving.

 

INRICHTING

Het gaat om een functiewijziging waarbij het volume behouden blijft ten aanzien van de vergunde toestand.

Een aantal zaken worden uitgevoerd cfr de eerder verleende vergunning maar zijn in bestaande toestand niet of anders uitgevoerd. Dit werd duidelijk weergegeven door middel van 3 plannensets.

 

De werken beogen het terugbrengen naar de laatste vergunde toestand (voor wat betreft inrichting) en het verzekeren van de (brand)veiligheid. Dit wordt gunstig beoordeeld.

 

De brandtrappen zijn enkel te gebruiken in functie van brand, deze voldoen immers niet aan de voorwaarden inzake privacy om permanent te gebruiken. Dit wordt opgenomen als bijzondere voorwaarde.


ERFGOED

Opname in het CHE-gebied en op de vastgestelde inventaris van het bouwkundig erfgoed bevestigen de cultuur-historische waarde van het pand.

Het pand voldoet nog aan de beschrijving opgenomen op de vastgestelde inventaris van bouwkundig erfgoed.

Het pleisterwerk van deze woning werd reeds in het verleden verwijderd, doch heeft het pand nog steeds een architecturale waarde. Specifieke detailleringen, gevelgeleding en volumetrie is integraal bewaard.

Het pand vormt een eenheid met het pand nr. 53 en heeft hierdoor een ensemblewaarde.

De aanvraag omvat een aantal aanpassingen aan het interieur in functie van de herinrichting tot opvangtehuis voor daklozen. Deze ingrepen hebben geen negatieve impact op de erfgoedwaarde van het pand.

De gevel blijft ongewijzigd.

De ingrepen hebben geen negatieve impact op de erfgoedwaarde van dit pand. Vanuit erfgoedafweging kan deze aanvraag dan ook gunstig geadviseerd worden.

 

MOBILITEIT

De aanvraag betreft een functiewijziging van hostel naar opvangtehuis voor daklozen en enkele kleine renovatiewerken. Voor dit soort functies is maatwerk aangewezen. Het project werd voorbesproken met het mobiliteitsbedrijf.

Er zullen een 20-tal daklozen en 1 begeleider in het gebouw verblijven. De inkomhal is voldoende ruim om enkele (deel)fietsen voor de bewoners en begeleider te stallen. Autoparkeerplaatsen zijn niet voorzien wat gezien de doelgroep kan, bovendien valt het project onder de drempelwaarde.


RIOLERING

In huidige toestand is een septische put aanwezig. Dit werd ook zo geadviseerd bij de vorige vergunning tot omvorming naar jeugdherberg 2008/1021.

 

Het rioleringsplan niet volledig of onduidelijk. Zo is nergens een afvoerleiding van het (beneden-) toilet ingetekend. Deze leiding dient aangesloten te worden op de septische put.

 

In tegenstelling met het ontwerpplan waar de DWA en de overloop van de septische put apart worden aangeboden dient de DWA (inclusief de overloop van de septische put) samen aangeboden te worden op het openbaar domein.


CONCLUSIE

Voorwaardelijk gunstig, mits voldaan wordt aan de bijzondere voorwaarden is de aanvraag in overeenstemming met de wettelijke bepalingen en verenigbaar met de goede plaatselijke aanleg.

 

Waarom wordt deze beslissing genomen?

 

 

WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?

 

Het college van burgemeester en schepenen moet over de ingediende omgevingsvergunningsaanvraag een beslissing nemen.

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.

 

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen verleent onder voorwaarden de omgevingsvergunning voor het omvormen van een voormalig hostel (jeugdherberg) tot een opvangtehuis voor daklozen aan Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn van Gent ocmw (O.N.:0212214125) gelegen te Blekerijstraat 47-51, 9000 Gent.

De door het college vergunde plannen zijn de plannen die op de overzichtslijst staan, die is toegevoegd als bijlage aan deze vergunning en er integraal deel van uitmaakt.

Plannen die niet op deze overzichtslijst staan, maken geen deel uit van de vergunning.

Controleer steeds of het om een goedgekeurd plan gaat.

Opgelet, er kunnen voorwaarden betrekking hebben op de plannen.

 

 

Artikel 2

Legt volgende voorwaarden op:

 

Voorwaarden voortvloeiend uit externe adviezen

De brandweervoorschriften, die betrekking hebben op deze omgevingsvergunning, moeten strikt nageleefd worden (zie advies van 6 december 2021 met ref. 025922-017/PJ/2021).

 

De voorwaarden opgenomen in het advies van De Vlaamse Waterweg nv (advies van 22 december 2021 met ref. AB/2021/945) moeten strikt nageleefd worden.

 

Brandtrappen

De brandtrappen zijn enkel te gebruiken in functie van brand, deze voldoen immers niet aan de voorwaarden inzake privacy om permanent te gebruiken.

 

Openbaar domein

De metalen leuningen dienen binnen de eigen perceelsgrens aangebracht te worden

 

Na het beëindigen van de werken zal de oprit op het openbaar domein verwijderd worden door de Stad Gent op kosten van de bouwheer volgens het geldende retributiereglement. Opritten op openbaar domein, die niet aangelegd zijn door de stad kunnen worden opgebroken. De oprit dient, na de werken, verplicht aangevraagd te worden, het aanvraagformulier kan u downloaden via de website www.stad.gent (typ trottoirs en opritten in het zoekveld).

Dit document dient bezorgd te worden aan de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Administratief Centrum, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00, mail: tdwegen@stad.gent. Of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent. 

 

Riolering

Onderstaand advies werd reeds meegegeven bij dossier 2008/1021;

 

De aansluiting op het rioleringsnet is verplicht en wordt, wat betreft het gedeelte op het openbaar domein, uitgevoerd door FARYS. Een aanvraag tot het bekomen van een huisaansluiting moet ingediend worden bij FARYS via www.farys.be/nl/rioolaansluiting of verstuurd worden naar Stropstraat 1 te 9000 Gent.

 

De afvoer van het regen- en afvalwater moeten op kosten en op risico van de bouwheer, binnen zijn eigen terrein uitgevoerd worden. Het afvoeren kan hetzij door natuurlijke afloop, hetzij door oppompen.

 

Een bestaande aansluiting of een wachtaansluiting dient in regel gebruikt/ (her)bruikt te worden. De locatie en de diepteligging ervan zijn bindend. De bestaande aansluiting dient ter hoogte van de rooilijn opgezocht, opgemeten en gemarkeerd te worden. Indien ze (tijdelijk) niet in dienst blijft is het de taak van de bouwheer om deze ter hoogte van de rooilijn dicht te maken om elke instroom te vermijden.

Bij een nieuwe huisaansluiting wordt het traject bepaald in overleg tussen rioolbeheerder en klant. De algemene veiligheid, de instandhouding en de normale werking van de elementen van de huisaansluiting moeten verzekerd zijn en het toezicht, de controle en het onderhoud moeten gemakkelijk uitgevoerd kunnen worden. Voor de diepteligging dient er rekening mee gehouden te worden dat de huisaansluiting in regel door FARYS wordt gerealiseerd vóór aanleg van de privéwaterafvoer op een maximale diepte van 50 cm onder het maaiveld. Indien de diepteligging van de hoofdriolering of (kruisen van de) nutsleidingen deze diepte niet toelaten, zal de huisaansluiting op de meest haalbare diepte worden aangelegd.

 

De aanvrager dient zich te houden aan de bepalingen van het Bijzonder Waterverkoopreglement huisaansluitingen. Dit reglement is terug te vinden op www.farys.be/wettelijke-bepalingen.

De bijzondere aandacht wordt gevestigd op :

* De openbare riolering kan onder druk komen tot het maaiveld niveau, wat neerkomt op een stijging van het waterpeil in de buizen en de aansluitingen (code van goede praktijk voor  rioleringssystemen : www.vmm.be/wetgeving/code-van-goede-praktijk-voor-rioleringssystemen).

De bouwheer moet hier dan ook rekening mee houden bij de aanleg van (en de aansluitingen op) zijn privéwaterafvoer. Het Stadsbestuur kan onder geen enkele voorwaarde aansprakelijk gesteld worden voor schade door wateroverlast die een gevolg is van een onoordeelkundige aanleg van de privéwaterafvoer.

* Door de aanleg van gescheiden rioleringsstelsels, zowel op openbaar als op privaat domein, kan er sneller geurhinder ontstaan als gevolg van het geconcentreerde (onverdunde) afvalwater.

De aanvrager dient bij geurhinder op eigen initiatief en kosten elke instroomopening op zijn privéwaterafvoer door middel van een waterslot geurdicht af te schermen.

Om geurhinder als gevolg van de eigen private riolering te reduceren werden er enkele richtlijnen opgesteld, die u via deze link kan terugvinden: www.farys.be/richtlijnengeurhinder.

De interne riolering moet zo ontworpen worden dat een toekomstige aansluiting op een gescheiden rioleringsstelsel mogelijk is (afzonderlijke aansluitingen voor regenwater en afvalwater).

Er is nog geen aparte regenwaterafvoer (RWA)-aansluiting mogelijk. Voor zover het niet mogelijk is om het regenwater ter plaatse te laten infiltreren is de RWA-leidingen naar de straat te voorzien als wachtaansluiting. Voorlopig moeten het regen- en afvalwater gezamenlijk naar de riolering afgevoerd worden. Bovendien moeten de RWA-, en DWA-afvoeren naast elkaar worden aangeboden met een tussenafstand van 40 tot 60 cm. Hierbij loopt het DWA-gedeelte in een rechte lijn door naar de openbare riolering.

 

Bij een toekomstige aanleg van het openbaar domein zal de riolering gescheiden worden.

De keuring van de privéwaterafvoer is verplicht volgens het Algemeen Waterverkoopreglement bij aanbouw en/of het voorzien van een nieuwe aansluiting. Meer informatie vindt u op www.farys.be/keuring-privewaterafvoer

 

Er moet blijvend voorzien worden in een septische put waarbij (enkel) alle fecaliën aangesloten dienen te worden vooraleer de overloop daarvan terecht komt op het interne DWA-rioleringsstelsel.

 

NB: In tegenstelling met de ontwerpplan waar de DWA en de overloop van de septische put apart worden aangeboden dient de DWA (inclusief de overloop van de septische put) samen aangeboden te worden op het openbaar domein.

 

De overloop van de vijver dient op de interne regenwaterafvoerleiding (of RWA) aangesloten te worden.

 

De aansluiting op het rioleringsnet is verplicht en wordt, wat betreft het gedeelte op het openbaar domein, uitgevoerd door FARYS. Een aanvraag tot het bekomen van een huisaansluiting moet ingediend worden bij FARYS via www.farys.be/nl/rioolaansluiting of verstuurd worden naar Stropstraat 1 te 9000 Gent.

 

De afvoer van het regen- en afvalwater moeten op kosten en op risico van de bouwheer, binnen zijn eigen terrein uitgevoerd worden. Het afvoeren kan hetzij door natuurlijke afloop, hetzij door oppompen.

 

Een bestaande aansluiting of een wachtaansluiting dient in regel gebruikt/ (her)bruikt te worden. De locatie en de diepteligging ervan zijn bindend. De bestaande aansluiting dient ter hoogte van de rooilijn opgezocht, opgemeten en gemarkeerd te worden. Indien ze (tijdelijk) niet in dienst blijft is het de taak van de bouwheer om deze ter hoogte van de rooilijn dicht te maken om elke instroom te vermijden.

Bij een nieuwe huisaansluiting wordt het traject bepaald in overleg tussen rioolbeheerder en klant. De algemene veiligheid, de instandhouding en de normale werking van de elementen van de huisaansluiting moeten verzekerd zijn en het toezicht, de controle en het onderhoud moeten gemakkelijk uitgevoerd kunnen worden. Voor de diepteligging dient er rekening mee gehouden te worden dat de huisaansluiting in regel door FARYS wordt gerealiseerd vóór aanleg van de privéwaterafvoer op een maximale diepte van 50 cm onder het maaiveld. Indien de diepteligging van de hoofdriolering of (kruisen van de) nutsleidingen deze diepte niet toelaten, zal de huisaansluiting op de meest haalbare diepte worden aangelegd.

 

De aanvrager dient zich te houden aan de bepalingen van het Bijzonder Waterverkoopreglement huisaansluitingen. Dit reglement is terug te vinden op www.farys.be/wettelijke-bepalingen.

De bijzondere aandacht wordt gevestigd op :

* De openbare riolering kan onder druk komen tot het maaiveld niveau, wat neerkomt op een stijging van het waterpeil in de buizen en de aansluitingen (code van goede praktijk voor  rioleringssystemen : www.vmm.be/wetgeving/code-van-goede-praktijk-voor-rioleringssystemen).

De bouwheer moet hier dan ook rekening mee houden bij de aanleg van (en de aansluitingen op) zijn privéwaterafvoer. Het Stadsbestuur kan onder geen enkele voorwaarde aansprakelijk gesteld worden voor schade door wateroverlast die een gevolg is van een onoordeelkundige aanleg van de privéwaterafvoer.

* Door de aanleg van gescheiden rioleringsstelsels, zowel op openbaar als op privaat domein, kan er sneller geurhinder ontstaan als gevolg van het geconcentreerde (onverdunde) afvalwater.

De aanvrager dient bij geurhinder op eigen initiatief en kosten elke instroomopening op zijn privéwaterafvoer door middel van een waterslot geurdicht af te schermen.

Om geurhinder als gevolg van de eigen private riolering te reduceren werden er enkele richtlijnen opgesteld, die u via deze link kan terugvinden: www.farys.be/richtlijnengeurhinder.

De interne riolering moet zo ontworpen worden dat een toekomstige aansluiting op een gescheiden rioleringsstelsel mogelijk is (afzonderlijke aansluitingen voor regenwater en afvalwater).

Er is nog geen aparte regenwaterafvoer (RWA)-aansluiting mogelijk. Voor zover het niet mogelijk is om het regenwater ter plaatse te laten infiltreren is de RWA-leidingen naar de straat te voorzien als wachtaansluiting. Voorlopig moeten het regen- en afvalwater gezamenlijk naar de riolering afgevoerd worden. Bovendien moeten de RWA-, en DWA-afvoeren naast elkaar worden aangeboden met een tussenafstand van 40 tot 60 cm. Hierbij loopt het DWA-gedeelte in een rechte lijn door naar de openbare riolering.

 

Bij een toekomstige aanleg van het openbaar domein zal de riolering gescheiden worden.

De keuring van de privéwaterafvoer is verplicht volgens het Algemeen Waterverkoopreglement bij aanbouw en/of het voorzien van een nieuwe aansluiting. Meer informatie vindt u op www.farys.be/keuring-privewaterafvoer

 

Er moet blijvend voorzien worden in een septische put waarbij (enkel) alle fecaliën aangesloten dienen te worden vooraleer de overloop daarvan terecht komt op het interne DWA-rioleringsstelsel.

 

NB: In tegenstelling met het ontwerpplan waar de DWA en de overloop van de septische put apart worden aangeboden dient de DWA (inclusief de overloop van de septische put) samen aangeboden te worden op het openbaar domein.

 

De overloop van de vijver dient op de interne regenwaterafvoerleiding (of RWA) aangesloten te worden.

      

Artikel 3

Wijst de aanvrager op volgende aandachtspunten:


De opmerkingen uit het advies van brandweerzone centrum, die betrekking hebben op deze omgevingsvergunning, moeten nageleefd worden (zie advies van 6 december 2021 met ref. 025922-017/PJ/2021).

 

De opmerkingen opgenomen in het advies van De Vlaamse Waterweg nv (advies van 22 december 2021 met ref. AB/2021/945) moeten nageleefd worden:

Voor zover de dakoppervlaktes (en dus de bestaande hemelwaterputten) dit toelaten dienen alle toiletten, wasmachines en dienstkranen aangesloten te worden op de hemelwaterputten. 

 

Openbaar domein

De bouwheer is steeds verantwoordelijk voor beschadigingen aan de verhardingen van de openbare weg, trottoirs, boordstenen, (straat)kolken en de rijweg, die te wijten zijn aan de bouwactiviteit. De dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen herstelt deze beschadigingen op kosten van de bouwheer.

 

De vergunninghouder moet voor de aanvang van de werken een tegensprekelijke plaatsbeschrijving opmaken van de omliggende trottoirs en wegenis met bijzondere aandacht voor de (straat)kolken.

Deze dient bezorgd te worden aan de dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Administratief Centrum, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00, via e-mail: tdwegen@stad.gent of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.

U kan dit door een architect of landmeter laten doen maar u mag dit ook zelf opnemen. (u maakt een aantal algemene foto’s vergezeld van detailfoto’s met reeds aanwezige schade aan het openbaar domein. Bij elke foto zet u een beschrijving en u voegt een plannetje toe met aanduiding van de positie van de foto’s).