Terug
Gepubliceerd op 16/11/2022

2022_RMW_00119 - Rechtspositieregeling Ouderenzorg - Implementatie IFIC - Wijziging

commissie milieu, werk, personeel en FM (MPF)
di 22/11/2022 - 19:00 Hybride vergadering

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Hafsa El-Bazioui
2022_RMW_00119 - Rechtspositieregeling Ouderenzorg - Implementatie IFIC - Wijziging 2022_RMW_00119 - Rechtspositieregeling Ouderenzorg - Implementatie IFIC - Wijziging

Motivering

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

  • Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 186, § 2, 3°;
  • Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 84, § 1.

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

  • Wet van 19 december 1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel;
  • Koninklijk Besluit van 28 september 1984 tot uitvoering van de wet van 19 december 1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel;
  • Besluit van de Vlaamse Regering van 12 november 2010 houdende de minimale voorwaarden voor de personeelsformatie en het mandaatstelsel van het personeel van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en houdende de minimale voorwaarden voor sommige aspecten van de rechtspositieregeling van bepaalde personeelsgroepen van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en latere wijzigingen;
  • Besluit van de Vlaamse Regering van 8 juli 2022 over een nieuwe functieclassificatie bij lokale besturen en over aangepaste salarisschalen ter uitvoering van het Zesde Vlaams Intersectoraal akkoord van 30 maart 2021 voor de social/non-profitsectoren;
  • Zesde Vlaams Intersectoraal akkoord van 30 maart 2021 voor de social/nonprofitsectoren; 
  • Protocol gesloten tussen de sociale partners van de publieke sector m.b.t. de invoering van de IFIC-barema's in de geregionaliseerde sectoren, de voorafnames op IFIC in de klassieke zorg en welzijnssectoren en de financiering van de lokale besturen ter uitvoering van het VIA6-akkoord van 30 maart 2021, luik koopkracht publieke sector;
  • Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 24 januari 2022 met betrekking tot de toepassing IFIC-barema's voor de medewerkers van de woonzorgcentra.

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

Op 24 november 2020 sloten de Vlaamse regering, de vakbonden en de werkgeversfederaties een voorakkoord over een opwaardering van een aantal sectoren waaronder de zorgvoorzieningen. Het voorakkoord van het zesde intersectoraal akkoord (VIA6) moet leiden tot een betere verloning, meer mensen op de werkvloer en meer werkbaar werk.

Het luik middelen koopkracht werd verder opgenomen in het deelakkoord tussen de sociale partners van de publieke sector van 21 december 2020 en uiteindelijk gefinaliseerd in het zesde vlaams intersectoraal akkoord van 30 maart 2021.

Een van de belangrijkste elementen wat het luik koopkracht betreft is de implementatie van een voor de publieke sector aangepast IFIC-model, meer bepaald een verloningsmodel wat meer taakgericht verlonen mogelijk maakt. Dit eveneens met de insteek om in de eerste plaats voor de zorgsectoren een zo gelijk mogelijk verloningsbeleid te creëren.

In het akkoord werd opgenomen dat dit nieuwe model eerst bij de geregionaliseerde sectoren ouderenzorg zou geïmplementeerd worden, binnen OCMW Gent zijn dit de woonzorgcentra (WZC's).

In de daaropvolgende protocols die afgesloten werden tussen de sociale partners van de publieke sector m.b.t. de invoering van de IFIC-barema's werden verdere afspraken, timings en procedures vastgelegd. Hierin werd onder meer opgenomen dat:

  • de nieuwe IFIC-barema's al van toepassing zouden zijn op de nieuwe medewerkers binnen de WZC's die vanaf 1 januari 2022 in dienst treden;
  • aan de medewerkers binnen de WZC's die op 31 december 2021 al in dienst zijn, de keuze tussen hun huidige salarisschaal en het nieuwe IFIC-barema zou worden voorgelegd.

Gelet op de akkoorden en protocols die afgesloten werden tussen de sociale partners en de daarin voorziene data van inwerkingtreding was het niet langer mogelijk om te wachten op het gewijzigd rechtspositiebesluit zonder de afspraken uit deze akkoorden te schenden. De Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Bestuurszaken, Inburgering en Gelijke Kansen heeft in zijn brief van 22 december 2021 daarom laten weten dat van de lokale besturen verwacht wordt dat ze deze afspraken al naleven en implementeren in afwachting van het aangepast rechtspositiebesluit.

Om die redenen werd binnen het OCMW Gent reeds werk gemaakt van de implementatie en toewijzing van deze sectorale IFIC-functies. Deze functietoewijzingen werden goedgekeurd door het vast bureau op 6 januari 2022 en later gewijzigd op 10 februari en 23 juni. De personeelsleden die op 31 december 2021 reeds in dienst waren binnen de WZC's hebben tegen 7 april 2022 hun keuze gemaakt tussen dit nieuwe IFIC-barema of het behoud van hun huidige salarisschaal. De nieuwe medewerkers die sinds 1 januari 2022 in dienst kwamen in een IFIC geactiveerde functie zijn direct in het toepasselijke IFIC-barema ingestapt.

Waarom wordt deze beslissing genomen?

Op 8 juli 2022 is het Besluit van de Vlaamse Regering over een nieuwe functieclassificatie bij lokale besturen en over aangepaste salarisschalen ter uitvoering van het Zesde Vlaams Intersectoraal akkoord van 30 maart 2021 voor de social/non-profitsectoren gepubliceerd. Dit besluit laat toe om de lokale rechtspositieregeling retroactief aan te passen aan deze implementatie van IFIC. 

Omwille van deze implementatie en bovenvernoemd besluit van 8 juli 2022 worden een aantal wijzigingen aan de Rechtspositieregeling Ouderenzorg voorgesteld.

De wijzigingen aan de Rechtspositieregeling Ouderenzorg worden ter onderhandeling voorgelegd aan de vakbonden en ter goedkeuring voorgelegd aan de raad voor maatschappelijk welzijn.

Aanpassingen n.a.v. implementatie IFIC

Om een rechtsgrond te voorzien voor de verloning volgens deze nieuwe functieclassificatie ter uitvoering van het Zesde Vlaams Intersectoraal akkoord van 30 maart 2021 dienen deze functietoewijzingen aan het toepasselijke IFIC-barema samen met de uitgewerkte salarisschalen te worden opgenomen in de rechtspositieregeling.

In de begeleidende nota bij het BVR IFIC wordt verduidelijkt dat de besluiten van de Vlaamse Regering van 7 december 2007 en 12 november 2010 van toepassing blijven op de VIA-personeelsleden die in de nieuwe IFIC-functieclassificatie stappen. De raad kan hiervoor afwijkingen vaststellen, al dienen deze begrensd te zijn tot wat nodig is om de IFIC-functieclassificatie te kunnen uitrollen.

Aangezien het m.a.w. niet de insteek is om af te wijken van de algemene opzet van de rechtspositieregeling, wordt deze functieclassificatie ingepast in de huidige opbouw van de RPR OZ. De functies waaraan een IFIC-barema wordt toegewezen behouden daarom zoveel mogelijk hun huidige functiebenaming, niveau en rang, maar krijgen een andere graad toegewezen. Dit om verder het onderscheid te kunnen maken met de medewerkers met dezelfde functie maar die er niet voor geopteerd hebben om in te stappen in het toegewezen IFIC-barema. De niet geïndexeerde ‘IFIC’-salarisschalen worden toegevoegd aan bijlage 2 met de uitgewerkte salarisschalen.

Aangezien er bij deze nieuwe salarisschalen geen sprake is van zogenaamde ‘functionele loopbanen’, m.n. het doorlopen van verschillende salarisschalen binnen dezelfde functie, wordt de verwijzing hiernaar doorheen de RPR OZ aangepast echter zonder hierdoor inhoudelijke wijzigingen aan te brengen. De verwijzing naar en definitie van ‘schaalanciënniteit’ wordt om diezelfde reden en op dezelfde manier aangepast.

Overgangsbepalingen

Conform de afgesloten protocollen in comité C1 wordt opgenomen dat alle zorgkundigen die bij hun instap in de nieuwe functieclassificatie (ook na 1 januari 2022) reeds in de publieke sector werkzaam waren en de functionele loopbaan D1-D3 of C1-C2 of de aangepaste salarisschaal van verzorgenden in de thuiszorg, recht hebben op de C2-schaal na hun instap van zodra die C2-schaal gunstiger is dan het IFIC-barema dat ze genieten na instap.

Daarnaast worden ook de afspraken zoals opgenomen in de afgesloten protocollen in comité C1 met betrekking tot de interne verschuivingen van de medewerkers in een IFIC geactiveerde functie, opgenomen in de RPR OZ. Dit houdt in dat medewerkers die werkzaam zijn in een IFIC geactiveerde functie maar niet gekozen hebben voor het toepasselijke IFIC-barema en die intern verschuiven, via interne personeelsmobiliteit of bevordering, naar een andere IFIC geactiveerde functie opnieuw kunnen kiezen voor het toepasselijke IFIC-barema en dit voor hen dus niet automatisch wordt toegepast.

Jobstudenten

De toepassing van de IFIC-barema’s impliceerde ook wijzigingen voor de verloning van de jobstudenten. Daarnaast bleek ook dat er nood is aan een bijkomende categorie inzake verloning. 

Zoals reeds voorgelegd aan het vast bureau van 23 juni 2022 wordt er voorgesteld om voor jobstudenten tewerkgesteld binnen de verzorging een onderscheid te maken indien men al dan niet reeds over een visum als zorgkundige beschikt. 

Als dat niet het geval is, wordt voorgesteld om hen een verloning toe te kennen die meer aanleunt bij de vroegere verloning volgens salarisschaal D1. Als dat wel het geval is kunnen ze dezelfde verloning toegekend krijgen als de zorgkundigen.

Nieuwe en transitoire functies

Aan de raad wordt daarnaast voorgesteld om drie nieuwe functies te voorzien binnen de RPR OZ en twee functies transitoir of uitdovend te maken:

  • Logistiek medewerker: Gezien de grote nood aan ondersteuning binnen de zorg aan het bed, wordt voorgesteld om de functie logistiek medewerker op te nemen in de RPR OZ. Door een tekort aan verpleegkundigen komt er veel extra werkdruk bij de aanwezige verpleegkundigen en zorgkundigen. De logistiek medewerkers betekenen extra ondersteuning in de zorg en ondersteuning aan de 2 voorgaande functies.
  • Referentpersoon woonzorgcentra en Referentieverpleegkundige: Tot voor de implementatie van IFIC kon er geen onderscheid gemaakt worden tussen enerzijds verpleegkundigen en anderzijds referenten. Door de invoering van IFIC kan dit wel en wordt voorgesteld om hiervan gebruik maken. In deze specifieke functies wordt duidelijk omschreven wat de taken van een referent zijn, welke overeenkomen met het beleidskader dat uitgewerkt is binnen het departement Gezondheid en Zorg rond deze functies.
  • Levensbeschouwelijke consulent: gelet op de steeds grotere diversiteit van levensbeschouwelijke overtuigingen en godsdiensten binnen de bewoners van de woonzorgcentra wordt sinds enkele jaren deze functie ingevuld door psychologen die de bewoners en hun familie  kunnen bijstaan ongeacht hun overtuigingen. Er wordt daarom voorgesteld om deze functie uitdovend te zetten.
  • Conciërge: vanaf 2021 wordt beroep gedaan op een externe zorgorganisatie om de 24u-permanentie op te nemen. Deze functie is op vandaag niet meer ingevuld, waarbij ook hier wordt voorgesteld om deze functie uitdovend te maken.

Adviezen

managementteam Gunstig advies
vakbonden ACV OD en ACOD Gunstig advies

Activiteit

AC34627 Bieden van juridische ondersteuning HR en voeren van sociaal overleg

Besluit

Artikel 1

Wijzigt de Rechtspositieregeling Ouderenzorg met ingang van 1 januari 2022 als volgt:

* In artikel 10§3, 2° wordt de voorlaatste gedachtestreep gewijzigd als volgt: “Voor de betrekkingen van niveau C in de graden van hoofddeskundig medewerker, verantwoordelijke voeding en kwaliteit en operationeel verantwoordelijke services: 3 jaar” en wordt de laatste gedachtestreep geschrapt.

* In artikel 87 wordt de eerste alinea gewijzigd als volgt: “De schaalanciënniteit is de anciënniteit verworven bij het bestuur in de salarisschaal bij toepassing van het IFIC-barema of in een bepaalde salarisschaal van de functionele loopbaan zonder toepassing van het IFIC-barema van een bepaalde graad. Ze neemt een aanvang op de datum van de aanstelling op proef van een statutaire medewerker (m/v/x) of van de aanstelling van een contractuele medewerker (m/v/x) in die graad, tenzij anders bepaald.”

* In artikel 88 wordt in §2 de laatste alinea gewijzigd als volgt: “In voorkomend geval wordt de schaalanciënniteit toegekend op basis van een vergelijking als vastgesteld in artikel 88§ 1, tweede en derde alinea. De medewerker (m/v/x) wordt met de toegekende schaalanciënniteit ingeschaald in de salarisschaal van de functionele loopbaan (indien van toepassing) die overeenstemt met de reeds verworven schaalanciënniteit."

* In hoofdstuk IX. De functionele loopbaan, afdeling I. Algemene bepalingen wordt een nieuw artikel 89bis toegevoegd: “De bepalingen uit dit hoofdstuk zijn niet van toepassing op de graden waarvoor het IFIC-barema geactiveerd en toegewezen is.”

* Artikel 109 wordt gewijzigd als volgt: 

Ҥ 1. De aanstellende overheid beslist over de heraanstelling.

§ 2. Bij een heraanstelling van en naar een functie waar het IFIC-barema niet van toepassing is behoudt de medewerker (m/v/x) na een heraanstelling in een andere functie, zelfs bij een heraanstelling in een andere graad, de salarisschaal en de schaalanciënniteit die het verworven had in de functionele loopbaan van zijn/haar vorige functie. 

§ 3. De medewerker (m/v/x) die heraangesteld wordt in een graad waaraan een andere functionele loopbaan met andere salarisschalen verbonden is, behoudt zijn/haar schaalanciënniteit en wordt met die schaalanciënniteit ingeschaald in de overeenstemmende salarisschaal van de nieuwe functionele loopbaan. 

§ 4. Indien een medewerker (m/v/x) met een functie waar het IFIC-barema van toepassing is, wordt heraangesteld in een nieuwe functie waar het IFIC-barema niet van toepassing is, dan behoudt hij/zij zijn/haar schaalanciënniteit en wordt hij/zij met die schaalanciënniteit ingeschaald in de overeenstemmende salarisschaal van de nieuwe functionele loopbaan.

Als een medewerker met een functie waar het IFIC-barema niet van toepassing is wordt heraangesteld in een functie waar het IFIC-barema van toepassing is, dan behoudt hij/zij ook zijn/haar schaalanciënniteit.

§ 5. De medewerker (m/v/x) die als gevolg van de inschaling een lager jaarsalaris zou krijgen, behoudt zijn/haar vorige jaarsalaris op persoonlijke titel zolang dat gunstiger is. Artikel 88 § 1 is van toepassing op de vaststelling van de graadanciënniteit bij de heraanstelling in een functie van een andere graad.“

* Artikel 124 wordt gewijzigd als volgt: “Als een mandaathouder met toepassing van artikel 123 terugkeert naar zijn/haar vorige graad wordt de schaalanciënniteit die verworven werd in de opeenvolgende salarisschalen van de functionele loopbaan van de mandaatfunctie overgedragen naar de opeenvolgende salarisschalen van de functionele loopbaan (indien van toepassing) die de medewerker (m/v/x) voor het begin van zijn/haar mandaat had.”

* In artikel 137 wordt in §2 de eerste alinea als volgt gewijzigd: “De vast aangestelde statutaire medewerker (m/v/x) die met toepassing van artikel 136 §2 op zijn/haar verzoek herplaatst wordt in een functie van een lagere graad krijgt, binnen zijn/haar nieuwe graad, de salarisschaal waarvan het maximumbedrag het kleinste verschil vertoont met het maximumbedrag van zijn/haar vorige salarisschaal. De schaalanciënniteit die de betrokken medewerker (m/v/x) had opgebouwd in zijn/haar laatste salarisschaal wordt overgedragen op de nieuwe salarisschaal.”

* Artikel 147 wordt gewijzigd als volgt: “Voor de graden en functies waarvoor het IFIC-barema niet geactiveerd is, wordt elke salarisschaal aangeduid met één van de letters A, B, C, D, E, die overeenstemmen met de niveaus, vermeld in artikel 5, gevolgd door een cijfer en eventueel een kleine letter a, b of c.

Voor de graden en functies waarvoor het IFIC-barema geactiveerd is en die hieraan toegewezen zijn wordt de salarisschaal aangeduid met de toepasselijke IFIC categorie."

* Artikel 149 wordt gewijzigd als volgt: § 1. De medewerker (m/v/x) wordt bezoldigd in een salarisschaal verbonden aan zijn/haar graad met uitzondering van de jobstudenten. Jobstudenten worden bezoldigd op basis van een uursalaris vastgesteld op 1/1976ste van het minimum van :

  • IFIC categorie 4 voor de jobstudenten die in het onderhoud worden tewerkgesteld;
  • IFIC categorie 8 voor de jobstudenten die in de verzorging worden tewerkgesteld en die niet beschikken over een visum als zorgkundige;
  • IFIC categorie 11 voor de jobstudenten die in de verzorging worden tewerkgesteld en die beschikken over een visum als zorgkundige.

§ 2. De medewerker (m/v/x) ontvangt het salaris dat in die salarisschaal overeenstemt met zijn/haar geldelijke anciënniteit. 

Bij een graad met een functionele loopbaan ontvangt de medewerker (m/v/x) die geen recht heeft op het meerekenen van vroegere diensten, het beginsalaris van de eerste salarisschaal van de functionele loopbaan die verbonden is aan zijn of haar graad. 

Het salaris van een deeltijds medewerker (m/v/x) wordt vastgesteld in verhouding tot zijn/haar prestaties.

Het hoofd van het personeel stelt het individuele jaarsalaris van de medewerkers (m/v/x) vast.”

* In artikel 159 wordt de derde alinea als volgt gewijzigd: “Die minimale salarisverhoging wordt gegarandeerd gedurende de hele functionele loopbaan in de graad waarnaar de medewerker (m/v/x) bevordert. Daartoe wordt telkens zijn/haar oude salarisschaal, met inbegrip van de periodieke verhogingen, maar zonder het verloop in de functionele loopbaan (indien van toepassing), vergeleken met de nieuwe salarisschaal, met inbegrip van de toepassing van de periodieke verhogingen en het verloop in de functionele loopbaan (indien van toepassing).”

* In artikel 159bis worden §1 en 2 als volgt gewijzigd:

“§ 1. De medewerker (m/v/x) die overkomt van de Stad Gent, de welzijnsvereniging SVK Gent, één van de autonome gemeentebedrijven van de Stad Gent of de hulpverleningszone centrum behoudt na zijn/haar aanstelling in de nieuwe functie de salarisschaal en de schaalanciënniteit overeenkomstig artikel 109.

§ 2. De medewerker (m/v/x) die overkomt van een andere overheid als gevolg van deelname aan de bevorderingsprocedure krijgt na zijn/haar aanstelling in de nieuwe functie waaraan een functionele loopbaan gekoppeld is, de eerste salarisschaal van de functionele loopbaan die verbonden is met de nieuwe functie. De schaalanciënniteit begint opnieuw vanaf nul te lopen.

De regeling van de gegarandeerde salarisverhoging bij bevordering naar een graad van een hoger niveau is ook van toepassing op de medewerker (m/v/x) die als gevolg van een bevordering naar een graad van een hoger niveau overkomt van een andere overheid.”

* Artikel 355 wordt gewijzigd als volgt:

“Medewerkers (m/v/x) tewerkgesteld in een functie met een IFIC geactiveerd barema, maar die hierin nog niet effectief verloond worden en heraangesteld worden via interne personeelsmobiliteit of bevordering in een nieuwe functie

  • met een IFIC geactiveerd barema, krijgen opnieuw de keuze voor het toepasselijk IFIC barema mits die ook opgenomen is in bijlage 4bis.
  • zonder IFIC geactiveerd barema, krijgen geen IFIC-barema.”

* Artikel 356 wordt gewijzigd als volgt:

"De medewerker die aangesteld wordt als zorgkundige (m/v/x) en voordien verloond werd volgens de functionele loopbaan D1-D3, ofwel de functionele loopbaan C1-C2, als vastgesteld in bijlage II bij het besluit van de Vlaamse Regering van 7 december 2007 en in bijlage 1 bij het besluit van de Vlaamse Regering van 12 november 2010, geniet de C2-salarisschaal zodra die regeling gunstiger is dan IFIC categorie 11."

* In Bijlage 1. Begrippen en definities wordt een nieuw begrip “30bis°: IFIC“ toegevoegd met de volgende definitie: “de functieclassificatie ter uitvoering van het Zesde Vlaams Intersectoraal akkoord van 30 maart 2021 voor de social/non-profitsectoren die resulteert in zogenaamde IFIC-barema’s”

* In Bijlage 1. Begrippen en definities wordt de definiëring van het begrip “45° schaalanciënniteit” gewijzigd als volgt: “de anciënniteit verworven in de salarisschaal bij toepassing van het IFIC-barema of in de salarisschalen van de functionele loopbaan zonder toepassing van het IFIC-barema, of daarmee gelijkgestelde loopbaan als zelfstandige of uit de privé-sector”

* In Bijlage 4. Transitoire functies en salarisschalen worden de volgende graden toegevoegd:

Graad - functie

Salarisschaal

Rang

Ploegbaas (m/v/x)

11

Dx

Verpleeghulp (m/v/x)

11

Dv

Seniorenbegeleider (m/v/x)

12

Dv

Animator (m/v/x)

12

Cv

Verpleegassistent (m/v/x)

14B

Cv

Voedings-en dieetdeskundige (m/v/x)

14

Bv

Zorgcoördinator - Zorgcoördinator (m/v/x)

19

By

Assistent - Conciërge (m/v/x)

D1 – D2 – D3

Dv

Consulent - Levensbeschouwelijk consulent A1/Bachelor (m/v/x)B1 - B2 - B3Bv
Levensbeschouwelijk consulent A1/Bachelor - Levensbeschouwelijk consulent A1/Bachelor (m/v/x)15Bv
Adjunct van de directie - Levensbeschouwelijk consulent Licenciaat/Master (m/v/x)A1a - A2a - A3aAv
Levensbeschouwelijk consulent Licenciaat/Master - Levensbeschouwelijk consulent Licenciaat/Master (m/v/x)15Av


Artikel 2

Wijzigt de Rechtspositieregeling Ouderenzorg met ingang van 1 januari 2022 als volgt:

* In artikel 148 wordt §1 als volgt gewijzigd:

§ 1. Aan de volgende graden worden de salarisschalen en rangen toegekend zoals hieronder opgenomen. 

Voor de graden waarvoor het IFIC-barema niet geactiveerd werd, worden de salarisschalen en functionele loopbanen als vermeld in de artikelen 91 tot en met 95 verbonden die overeenkomen met de ernaast vermelde lettercijfercode:"

* In artikel 148 wordt in §1 het overzicht met de graden en hun salarisschalen en rangen vervangen door de bijlage die aan dit besluit wordt toegevoegd en er integraal deel van uitmaakt.

Artikel 3

Wijzigt de Rechtspositieregeling Ouderenzorg met ingang van 1 januari 2022 als volgt:

* De “IFIC-salarisschalen”, zoals als bijlage toegevoegd en deel uitmakend van dit besluit, worden toegevoegd aan Bijlage 2. Uitgewerkte salarisschalen.

Artikel 4

Wijzigt de Rechtspositieregeling Ouderenzorg met ingang van 1 januari 2022 als volgt:

* De Bijlage “4bis. Semi-transitoire functies”, zoals als bijlage toegevoegd en deel uitmakend van dit besluit, wordt toegevoegd.


Bijlagen