Situering van het project
Het inrichtingsplan behelst de grootste site van de Hogeschool Gent, met name de site Schoonmeersen. De site is gelegen in het zuidwesten van het grondgebied van de stad, langsheen de Voskenslaan.
De site bestaat uit twee onderdelen: enerzijds campusdeel noord en anderzijds campusdeel zuid.
Het campusterrein wordt omringd door de R4, de verbindingsweg Valentin Vaerwijckweg, de Sint-Denijslaan en de terreinen van het gemeenschapsonderwijs GO! (Atheneum Voskenslaan) en deze van de paters Redemptoristen. De campus is bereikbaar via de sporthal aan de Sint-Denijslaan, de Schoonmeersstraat, de Valentin Vaerwijckweg en de Voskenslaan.
De site betreft een scholencomplex in een groene omgeving, die in de afgelopen jaren reeds enkele veranderingen onderging.
Op de site bevindt zich eveneens een inventaris pand nl. het gebouw P. Dit gebouw is gekend als ‘werkplaatsen van het Hoger Rijksinstituut voor Technisch en Handelsonderwijs’ en is opgenomen als vastgesteld bouwkundig erfgoed.
Afbeelding: patrimonium Campus Schoonmeersen met aanduiding reeds gesloopte bebouwing nl. stookgebouw en Textielinstituut (p.58)
Aanleiding
Aanleiding voor de actualisatie van het bestaande masterplan is de ingrijpende evolutie die Campus Schoonmeersen de voorbije tien jaar heeft doorgemaakt. Sinds de opmaak van het oorspronkelijke plan in 2011 werden belangrijke uitbreidingen gerealiseerd, zoals gebouw T en de uitbreiding van gebouw S. Tegelijkertijd zijn inzichten en beleidskaders binnen HOGENT en op stedelijk en provinciaal niveau sterk veranderd. Dit vraagt om een herziening van de ruimtelijke visie.
De actualisatie fungeert in de eerste plaats als evaluatie: welke onderdelen van het masterplan werden uitgevoerd, waar werd afgeweken en waar is bijsturing nodig? Daarnaast wordt duidelijkheid gebracht in de interpretatie van de eerdere plannen, waarin nog onduidelijkheid bestond over de verhouding tussen suggestieve en bindende elementen. Ook de gewijzigde planologische en juridische context speelt een rol: zo heeft het RUP 169 Groen het bouwpotentieel beïnvloed en zijn de regels rond hemelwateropvang verstrengd.
Tegelijkertijd zijn binnen HOGENT nieuwe visies gegroeid rond mobiliteit, duurzaamheid, ruimtegebruik en energie. Het kunstgrasveld, ooit een vaste randvoorwaarde in het plan van 2011, wordt nu heroverwogen vanwege zijn centrale ligging. Ook de mobiliteit op en rond de campus vraagt om hernieuwde aandacht: de toegang voor gemotoriseerd verkeer via de Schoonmeersstraat is niet langer toegestaan, ondergronds parkeren wint aan belang, en de campus wordt verder ontwikkeld als voetgangerszone, met aangepaste ruimte voor fietsers en infrastructuur voor elektrische voertuigen.
Deze herwerking van het masterplan is dus essentieel om het ruimtelijk kader van de campus af te stemmen op de actuele noden en ambities van HOGENT, binnen een veranderende maatschappelijke en beleidsmatige context.
Plannings- en beleidscontext
Gewestplan en gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan
Volgens het gewestplan Gentse en Kanaalzone van 1977 is de site gelegen in een zone voor gemeenschapsvoorzieningen en openbaar nut. De bebouwing langs de Voskenslaan en de Schoonmeersstraat is gelegen in woongebied. Ten westen van de site en de rotonde (R4) is er het natuurgebied Overmeers.
Het gebied valt eveneens binnen de afbakening van het Grootstedelijk Gebied Gent. Stedelijke functies zoals de Hogeschool zijn hier dan ook op hun plaats.
Thematisch RUP Groen
Het thematisch RUP Groen neemt de campus op binnen het deelgebied 185 – Gent Centrum – Schoonmeersen. Enkele zones op de site worden ingekleurd als ‘zone voor bos’. Het RUP heeft als doelstelling de Groene Ring langs de R4 te behouden en te versterken.
Afbeelding: RUP groen met aanduiding contour Campus Schoonmeersen (p.114)
Structuurvisie 2030 – Ruimte voor Gent
De campus wordt aangeduid als onderdeel van de deelruimte groeistad en valt binnen de invloedssfeer van het stadsregionaal knooppunt SR03, stationsomgeving Gent-Sint-Pieters.
Procesverloop
Voorafgaand aan het eindrapport van het inrichtingsplan werden verschillende overlegmomenten gevoerd met de betrokken stadsdiensten en het studiebureau EVR-architecten, in opdracht van HOGENT. Het inrichtingsplan is het resultaat van een intensief overlegtraject waarbij volgende stadsdiensten werden bevraagd: Dienst Stedenbouw en Ruimtelijke Planning, Groendienst, Mobiliteitsbedrijf, Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Team Stadsbouwmeester, Dienst Beleidsparticipatie, Dienst Stedelijke Vernieuwing, Dienst Stadsarcheologie en Monumentenzorg, Dienst Milieu en Klimaat. Daarnaast werden ook Farys, AWV en Brandweerzone centrum om advies gevraagd.
Op basis van de verschillende adviezen werd het ontwerp aangepast en verfijnd met het eindrapport ‘Campus Schoonmeersen – Actualisatie masterplan – eindnota’, finale versie opgemaakt in mei 2025 als resultaat.
Inhoud inrichtingsplan
Concept
Het masterplan van 2011 vormt het vertrekpunt voor een geactualiseerde totaalvisie op de site. Na een analyse en evaluatie van de bestaande ruimtelijke structuur en trends op het terrein en in de omgeving, werd ook de juridische context van de site en de aanpalende percelen onderzocht. Op basis van deze inzichten werd via ontwerpend onderzoek een voorkeursscenario met bijhorend beeldkwaliteitskader uitgewerkt. Als sluitstuk is er een ontwikkelingsstrategie opgesteld, die de leidende principes vastleggen op vlak van mobiliteit, blauwgroene structuren, de inpassing van de bouwvelden en een indicatieve fasering van de ontwikkeling.
Visie
Binnen het masterplan wordt de visie tweeledig opgedeeld, er wordt een visie rond integrale duurzaamheid geformuleerd alsook een visie op de gewenste ruimtelijke structuur.
Visie integrale duurzaamheid (p.125 – 142)
Duurzaamheid dient inherent geïncorporeerd te worden in de visievorming en realisatie van het masterplan, alsook in de latere deeltrajecten m.b.t. ontwerp en beheer van gebouwen, infrastructuur en omgevingsaanleg. “De Living Campus” wordt als referentiekader gehanteerd voor deze visie. Hierbij wordt gestreefd naar een nulimpact op verschillende vlakken (oa. financieel, grondstoffen, energie…). Dit referentiekader is opgebouwd rond drie overkoepelende thema's, elk met een aantal concrete ambities, krachtlijnen, acties:
Visie gewenste ruimtelijke structuur (p. 145 – 175)
Het plangebied wordt benaderd vanuit drie schaalniveaus — macro, meso en micro — die telkens afzonderlijk worden besproken voor Campus Schoonmeersen noord en zuid.
Op microniveau wordt ingezoomd op de concrete inrichting van de ruimte, met bijzondere aandacht voor drie aspecten:
Afbeelding: voorbeeldintekening met aanduiding herkennings- en bestemmingspunten (parels), verbindingsassen, ‘kamers’ en campuspark (p. 153)
Ontwerpend onderzoek
Via ontwerpend onderzoek (p. 241-274) is de visie op de site afgetoetst en geëvalueerd. Hierbij zijn verschillende modellen onderzocht. In het ontwerpend onderzoek is gewerkt op drie deelaspecten: de ruimtelijke organisatie en ontwikkelingsvelden, bouwhoogtes en circulatiestromen. De voornaamste conclusies worden hieronder opgesomd (niet-limitatief).
1. Ruimtelijke organisatie en ontwikkelingsvelden
2. Bouwhoogtes
3. Circulatiestromen
Bij wijze van synthese van de algemene visie, de concepten en de conclusies uit het ontwerpend onderzoek wordt een voorkeursscenario met bijhorend beeldkwaliteitskader (p.177- 210) voorgesteld. Hierbij wordt een opdeling gemaakt in verschillende ontwikkelingsvelden (loten), gekoppeld aan enkele principes en referentieprojecten.
Ontwikkelingsstrategie
Finaal wordt een ontwikkelingsstrategie (p. 213-223) opgesteld. Dit betreft een doorvertaling van de visie in richtlijnen. Deze richtlijnen bieden houvast om de gezamenlijke visie van opdrachtgever en opdrachthouder verder vorm te geven en creatief in te vullen.
De voorgestelde leidende principes vormen het ruimtelijk kader en de ambitieniveaus waar HOGENT zich de komende jaren aan willen verbinden.
De ontwikkelingsstrategie bestaat uit een ruimtelijke kapstok die verdeeld is in vier thema’s. Deze thema’s zijn gekoppeld aan de krachtlijnen uit de visie op integrale duurzaamheid
Fasering
Zoals reeds geformuleerd is het de wens om de Campus Schoonmeersen te ontwikkelen als een kerncampus. Realisatie zal in die optiek ook gekoppeld zijn aan de gefaseerde verhuisbewegingen van vakgroepen afkomstig van andere campussen van HOGENT naar de campus Schoonmeersen en gaat eveneens samen met de ontwikkeling naar andere onderwijsconcepten en een efficiëntere onderwijsorganisatie, zonder in te boeten aan de kwaliteit van het hoger onderwijs. Via de centralisatie en verdichting van de onderwijsactiviteit op Campus Schoonmeersen kunnen verplaatsingen ingeperkt worden op campusniveau en kan gestreefd worden naar een maximaal deelgebruik van de beschikbare infrastructuur, inpassend binnen de strategische ambitiestelling van HOGENT om tegen 2050 een klimaatneutrale + organisatie te zijn.
Gecoördineerd advies
Vooreerst wensen we onze appreciatie uit te drukken voor het initiatief tot opmaak van dit inrichtingsplan. Een globale visie en toekomstperspectief over een samenhangend terrein laat toe om kleinere deelprojecten te kaderen in en te onderbouwen vanuit een ruimer geheel. Het eindresultaat is een evenwichtig en kwalitatief inrichtingsplan dat de van toepassing zijnde stedenbouwkundige randvoorwaarden ter harte neemt en bovendien voldoende ambitie in zich draagt. Het biedt zowel voor de initiatiefnemer als voor het stadsbestuur een houvast en de nodige garanties voor ruimtelijke kwaliteit en duurzaamheid bij een gefaseerde ruimtelijke ontwikkeling en het afleveren van omgevingsvergunningen.
De gecoördineerde adviezen van de stadsdiensten werden grotendeels verwerkt en opgenomen in het eindrapport. De definitieve versie van het inrichtingsplan betreft een verdere aanpassing en verfijning op basis van deze adviezen.
Er worden wel nog enkele bedenkingen geuit bij het inrichtingsplan. Bij de verdere uitwerking tot bouwprojecten zal rekening moeten worden gehouden met deze bemerkingen:
Neemt kennis van het bij dit besluit gevoegde ‘Campus Schoonmeersen – Actualisatie masterplan – eindnota’ opgemaakt door EVR architecten in opdracht van Hogeschool Gent – versie mei 2025 en de daarin vervatte stedenbouwkundige richtlijnen gebruikt als afwegingskader bij beoordeling van stedenbouwkundige vergunnings- en verkavelingsaanvragen, mits rekening te houden met de inhoud van deze kennisname.